Heilige Familie – jaar C

C-cyclus · Kersttijd · Heilige familie · wit

Feest Heilige Familie – DENISE HOEDT – Godelieveparochie Roeselare – 29 en 30 december 2012

Inleiding op de schriftlezingen

Ieder jaar tussen Kerstmis en Nieuwjaar vieren wij het liturgisch feest van de H Familie, dat door paus Leo XIII werd ingevoerd, vooral met de bedoeling om het gezin uit Nazareth als voorbeeld te stellen voor het katholieke gezin.

De eerste lezing komt uit het boek Jezus Sirach, een boek uit de bijbelse wijsheidsliteratuur, geschreven in de 2e eeuw voor Christus in Jerusalem, in een tijd met toenemende invloed van de Griekse cultuur in een joodse samenleving, die de eigen tradities trouw wil zijn. De tekst vraagt respect en toewijding van volwassen kinderen voor hun bejaarde ouders.

De evangelist Lucas vertelt over de twaalfjarige Jezus, die stilaan volwassen en dus verantwoordelijk wordt. Het is bijna tijd voor zijn ‘ bar mitswah’, dat is een inwijdingsritueel – te vergelijken met het H Vormsel bij ons- waarbij een joodse jongen op zijn dertiende voor het eerst in de tempel voorleest uit de Thora, en dan deze Schriftlezing ook voorziet van commentaar.

Jezus gaat mee met zijn ouders naar de tempel, wellicht in voorbereiding op die Bar mitswah. Hij houdt van zijn ouders, maar gaat ook stilaan zijn eigen weg, om zijn roeping te volgen.

Twee schriftlezingen over de relaties tussen ouders en kinderen, met een voortdurende evenwichtsoefening tussen wederzijds vast houden en los laten.

Laten we luisteren naar wat God ons daarin te zeggen heeft.

Homilie

Goede mensen,

Als ik u hier zou vragen, hoe het komt dat u hier vandaag in de kerk zit, dan zou u wellicht verbaasd opkijken en zich afvragen wat ik bedoel.. als ik zou vragen hoe het komt dat u zichzelf als gelovig ziet –- dan zal u wellicht spontaan eerst antwoorden: ‘tja, ik ben zo opgevoed’..

Toen ik voor mezelf nadacht over die vraag, dacht ik ook : ‘ ja natuurlijk, zo hebben mijn ouders mij opgevoed, zij waren gelovige mensen en kerkgangers’.. en toch.. Toen ik wat langer nadacht over deze vraag, dan wist ik ook: ‘ het is niet alléén aan mijn ouders te danken dat ik deze levensvisie, deze geloofstraditie tot de mijne heb gemaakt. Ook de school heeft daarin een rol gespeeld, ik kan nog precies de leraren opnoemen die mij daarbij hebben gevormd: zo vergeet ik nooit mijn lerares geschiedenis uit mijn middelbare school –trouwens tot op vandaag een van mijn beste vrienden gebleven!- die mij die interesse bijbracht voor een rechtvaardige wereld: haar betrokkenheid op alles wat met derde wereld en multiculturele samenleving te maken heeft, heeft zij mij doorgegeven;..en dan was er de jeugdbeweging: die heeft mij gevormd als tiener en later als jongvolwassene in de leiding, naar een volwassen en bewuste geloofsgroei die ook handen en voeten krijgt in concreet maatschappelijk engagement. Ik weet zeker dat velen hier aanwezig ditzelfde zullen vertellen over hun tijd in de KAJ of VKAJ, in de Chiro of KSA of VKSJ, en later in de vele volwassenenbewegingen waar verantwoordelijkheid en inzet de rode draad waren en blijven.

In het evangelie van vandaag horen wij iets gelijkaardigs over Jezus. Lucas vertelt hoe Jezus als twaalfjarige met zijn ouders mee gaat naar Jeruzalem om er het paasfeest te vieren. Jezus blijft ongezien achter in de tempel. Na een dagreis keren zijn ongeruste ouders terug om hem te zoeken. Pas op de derde dag vinden zij hem in de tempel, tussen de schriftgeleerden, waar hij naar hen luistert en hen vragen stelt over de Tora. De omstanders zijn verbaasd over zijn wijsheid, zegt Lucas. In de Schrift betekent ‘ wijsheid’ allereerst: dat je de juiste vragen weet te stellen…. Wanneer ze elkaar terug vinden, drukt zijn moeder haar angst en haar pijn uit: ‘ Kind,waarom heb je ons dit aangedaan… je vader en ik hebben doodongerust naar jou gezocht!’..

En dan komt dit antwoord: ‘ waarom heb je naar mij gezocht? Wist je dan niet dat ik in het huis en de dingen van mijn Vader moest zijn?’ Zijn ouders begrepen niet wat hij bedoelde.. Jezus keerde met hen terug naar Nazareth, en zijn moeder bewaarde alles in haar hart..

Jezus heeft ‘de dingen van Zijn Vader’ ontdekt omdàt hij door zijn ouders was meegenomen naar de tempel, en er werd ingewijd in de Wet en het geloof van Israël. In zijn thuis lag de basis voor zijn ontvankelijkheid voor de Heilige Schrift. Maar niet alleen zijn ouders geven hem dat visioen door over die wereld van God: een wereld van gerechtigheid en vrede, waar het leven gedeeld en samen gevierd wordt, waar kleinen worden groot gemaakt en omgekeerd…

In de tempel, in dat leerhuis, aan de voeten van die schriftgeleerden, wordt Jezus zo gegrepen door dat verhaal van God met mensen, dat hij tijd en plaats vergeet en zelfs aan zijn ouders niet meer denkt, laat staan aan hun onrust en hun angst…

‘ In de dingen van God, zijn’: dat is voortaan zijn roeping. Het moèst. En daarom was hij zo moeilijk te vinden en te volgen, zelfs voor zijn eigen ouders, en werden mensen steeds opnieuw zijn spoor bijster: waar zàt hij toch, met zijn gedachten, zijn tijd en geld, zijn woorden en daden, zijn geweten en hart? Ja kijk, nu eens zat hij in een tolhuis bij Zacheüs, of dan aan een bron bij een Samaritaanse, en dan weer genas hij een man - al van bij zijn geboorte blind: zonde, toch?- of deed hij een lamme weer opstaan: ‘ neem je bed op, ga, jij ! vrees niet, Ik- ben met jou !…’ Eigenzinnig ging hij om met het geloof van zijn vaderen. ‘De sabbat is er voor de mens’ zei hij ‘niet omgekeerd’… en daar handelde hij ook naar, tot vreugde van kleinen en armen, tot woede en onbegrip van machtigen en rijken, van tempelbedienaars en schriftgeleerden…

‘Wat doe je ons toch aan? ‘, riep zijn moeder vertwijfeld, toen ze voor het eerst besefte dat ze hem kwijt raakte aan het leven, aan de Levende . ‘Wat doe je ons, wat doe je de tempel, wat doe je onze God toch aan?’ roepen de schriftgeleerden jaren later .. Zo hoog laait het conflict tenslotte op, dat zij hèm wat aandoen, want op zijn 33e wordt hij ter dood gebracht. Maar als zijn vrienden en familie hem dan in zijn graf gaan zoeken, op de derde dag, is hij opgestaan, en hij vraagt: ‘ Wie zoekt gij? Wist gij dan niet dat ik in het huis van mijn vader moest zijn? Hou me dus niet vast…’

Goede mensen,

Vele ouders, leerkrachten, opvoeders, zullen dit wel herkennen: je ziet je kinderen zich los maken, je wil hen behoeden voor de klappen van het leven, je wil hen doorgeven wat voor jou waardevol is. Je ziet hen eigen keuzes maken en daarbij successen behalen of nederlagen incasseren … Soms springt je hart op van vreugde en trots, soms ook wordt datzelfde hart belast met zorgen en verdriet… Conflicten en breuken kunnen ontstaan, en veel wordt bewaard in een ouderhart..maar altijd blijf je daarbij uitkijken naar die derde dag, waarop de verbondenheid zich op een meer gelijkwaardige manier herneemt tussen jou en dat kind..

En onze kinderen, onze jongeren, ook zij herkennen het verhaal: zij vragen om ruimte en vertrouwen voor een eigen levensvisie en waarden. Zij bevragen kritisch, lijken soms voor een stuk overboord te gooien wat hun ouders dierbaar is, maar openen nieuwe perspectieven in een snel evoluerende samenleving … ook zij blijven zoeken om hun ouders opnieuw te ontmoeten in vrijheid, ook zij kijken uit naar die derde dag die altijd mogelijk is, als de deur thuis maar op een kier is blijven staan…

Waarden- en geloofsoverdracht vandaag: het is niet eenvoudig, en het is niet de taak van ouders alléén. Als de basis thuis is gelegd, als dààr aan kinderen verhalen worden verteld over het wonder en het geschenk van het samen leven, als hen in kleine dingen wordt getoond wat delen en danken is, wat recht is en vrede, vergeving en verzoening, hoe je kan bidden en hoe je kan aandacht delen met wie zwakker is, dan is de ontvankelijkheid gewekt. Méér kunnen we niet doen, minder mogen we niet aanbieden. Dan hopen we maar, dat er andere ‘ leerhuizen’ zijn, plekken en scholen en groepen en bewegingen, waar jonge mensen worden ingewijd in een levenskeuze – niet van ieder voor zich – maar van ieder en alles voor allen in Gods Naam.

Wat ouders ooit aan hun kinderen hebben doorgegeven, kunnen zij dan misschien op een nieuwe wijze ontvangen van hun kinderen… zo moge het zijn !


Voorbeden Feest Heilige Familie – C – 28/29 december 2012

God,

Gij die genoemd wordt

Schepper, Vader, Moeder,

hart groter dan ons hart.

Wij bidden U

voor allen die hun kinderen ontvangen hebben,

dat zij de kracht mogen vinden

om hen groot te brengen

met wijsheid en geduld,

dat zij zelf tot veilige ruimte worden,

dat zij leren vrij te laten.

Laat ons bidden

God,

Voor onze kinderen bidden wij,

die zullen opgroeien in een wereld van geweld en leugens,

met hier en daar veilige plaatsen –

wij bidden dat ze die zullen vinden;

mogen zij mensen ontmoeten die hen behoeden en leren liefhebben.

Wij bidden U voor kinderen zonder ouders,

Voor kinderen te midden oorlogsgeweld,

voor vluchtelingen zonder toekomst,

voor allen die niemand ontmoeten,

geen mens die hen aanvaardt,

voor gehandicapte kinderen,

voor allen die ongewenst waren,

voor allen die bij hun geboorte werden afgestaan –

maak ons behoedzaam en nederig

tegenover allen die in deze wereld weerloos zijn.

dat wij bij machte zijn te doen wat moet gedaan

laat ons bidden

God,

Liefde zijt Gij.

Zie ons en onze mensenkinderen,

zegen ons één voor één en allen samen,

dat respect, zorg en toewijding leven

tussen kinderen en hun ouders,

tussen bejaarden en jonge mensen,

tussen generaties en culturen,

zodat niemand uitgesloten en eenzaam hoeft te leven

dat wij volharden in liefde.

Laat ons bidden

(naar H. Oosterhuis, Levende die mij ziet)

Zoeken in Preken Online