* Juist tien jaar geleden vierden wij het millenniumjaar 2000, dat voorbereid was door de drie jaren die opeenvolgend in het teken stonden van Jezus Christus, de Heilige Geest en de Vader. De liturgische viering van het millenniumjaar zelf was ervan de afsluitende samenvatting, het hart van ons geloof: de H. Drie-eenheid, ons leven en onze vreugde. Het feest van de H. Drie-eenheid werd in de basiliek van Koekelberg luisterrijk gevierd met onze bisschoppen en duizenden gelovigen.
* Die formulering kwam pas in de 4de eeuw voor goed in ons credo. Maar is zij alleen maar een constructie van een voorbijgestreefd tijdgebonden denkendat vandaag indruist tegen alle rationele perceptie over God ? Buiten ons leven ? Wij liggen er niet van wakker ! Wat ons wel bezig houdt zijn waarden als rechtvaardigheid, menslievendheid, dienstbaarheid… die ons leven vervullen !
1. Is dit geloofsmysterie dan alleen een lukrake uitvinding van de Kerk ?
-
De Godsvraag is op zichzelf geen probleem. Ook zij die zich atheïst noemen, of die menen dat de vigerende evolutieleer de doodsklok is die over het Godsgeloof luidt, kunnen niet voorbij aan de vraag naar de ultieme grond en zingeving van het bestaan. Sinds alle tijden zochten de primitieve volkeren en de wereldreligies naar woorden en riten om dit geheim ter sprake te brengen. Bij hen was er zelfs angst voor de grote onbekende. Het nieuwe en verbluffende was dat deze Diepste Werkelijkheid uit het verborgene is getreden. God liet zich kennen via het oude Godsvolk en heel bijzonder in Jezus Christus, niet als een onpersoonlijk iets, maar als een levende werkelijkheid die communicatie zoekt bij de mens, en in liefdedialoog met hem wil leven. God koestert een droom over de mens. Hij wil hem laten delen in zijn leven. Dat is heel de verbondsgedachte van de Bijbel. God zegt: “Ik zal er zijn voor u. Maar treed dan toch binnen in mijn verlangen. Mijn tien woorden zijn geen lasten, maar wegen naar de volheid van het leven”. Hier begint juist het geloven, en overstijgen we het pure menselijk filosoferen over mens en wereld. God deelt zich mee aan ons.
-
Dit geloofsmysterie wortelt in de woorden van de bijbel: “Zozeer heeft God de wereld liefgehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft gegeven opdat al wie in Hem gelooft… eeuwig leven zal hebben” (Joh 3,16-18). We hoorden hiervan een echo: “Gerechtvaardigd door het geloof leven wij in vrede met God door Jezus Christus onze Heer " en… “Gods liefde is in onze harten uitgestort door de heilige Geest die ons werd geschonken” (2de lezing. Rom. 5,1.5). Alle teksten van de bijbel moeten we samen lezen, dan zien we dit geloofsgeheim van de heilige Drie-eenheid als de kristallisatie en de samenvatting van wat de apostelen en de eerste christenen erin begrepen hebben. Die formulering kreeg vlug vaste gestalte in het kruisteken en in de doopformule: “Ik doop u in de naam van de Vader, de Zoon, en de H. Geest”. Paulus gebruikte haar al als vredewens: “De genade van de Heer Jezus Christus, de Liefde van God (onze Vader) en de gemeenschap van de heilige Geest zij met u allen” (2 Kor 13,13), groet bij de aanvang van onze eucharistieviering.
2. Maar wat heeft dit geloofsgeheim met ons concrete leven te maken ?
-
God is liefdesgemeenschap. In zijn hoogpriesterlijk gebed bad Jezus: “Dat allen één zijn zoals Gij, Vader, in Mij en Ik in U… zodat de wereld gelooft…” (Joh 17,21). De eenheid binnen God staat model, en is bron en uitgangspunt van de eenheid bij ons en in de wereld. Die eenheid wordt bewerkt door de heilige Geest “die ons doet uitroepen: Abba, Vader” (Rom 8,15). Wie bewust leeft in verbondenheid met de heilige Drie-eenheid gaat gaandeweg anders leven. Dat leven wordt gezuiverd en omgevormd. Het krijgt een nieuwe oriëntering, de oriëntering van de liefde. Men gaat uit zichzelf treden naar anderen zoals God beweging is naar ons. De beroemde Staretz Siloam zei: “Wie in God leeft, is dag en nacht in welke mate ook, met heel de mensheid begaan”. Daarbij aansluitend mocht Nikolaï Ferodov in zijn reactie tegen een wereldvreemde orthodoxe Kerk in de Oostbloklanden onder de Sovjetunie, zeggen: “De heilige Drie-eenheid is ons sociaal programma”. Het christendom is meer dan een gedetailleerde uitgestippelde moraal, het is een Godbeleving, een mystiek, die het leven voedt, verrijkt, vervult en in beweging zet op het pad van het evangelie.
-
In de laatste decennia zijn velen van ons terecht gekomen in een rage naar zelfrealisatie en zelfontplooiing. De klemtoon kwam te liggen op het “ik”: ik wil genieten, machtig zijn, in de kijker lopen… nu, aanstonds en onmiddellijk. Dit individualisme deed de offergedachte en het gratis-mens-zijn bij velen verdwijnen. Het werd een remloze zucht naar autonomie en zelfcultus, wat leidde tot een strategie van ontbinding en zelfvernietiging. De Duitse na-oorlogse schrijver Heinrich Böll wees ooit op de onvrede van het menselijk hart, “omdat de mens elders thuis hoort”. In de herscheppende inwoning van God in onze harten ligt onze ware realisatie. Dit is de therapie die we van doen hebben. Het gebeurt bij kleine mensen die zichzelf niet zoeken. Ze kunnen zich terugtrekken en stil worden. Ze leven in Gods aanwezigheid. In zijn ‘in-wezigheid’. Ze zijn vol van vreugde en stralen vrede uit. Waar de mens in harmonie leeft met de Drie-ene God wordt het Rijk Gods geboren, scherp contrast met de wereld van eigenwaan, zelfbedrog en schijn. Het secreet van wat wij heden vieren is dat God gemeenschap is en onze unieke bron van liefde in waarheid.