De gemiddelde burger vindt zichzelf geen heilige, maar bij navraag wat er dan aan mankeert komt er meestal weinig konkreets voor de dag. Toch ontstaan er dagelijks ruzies en oorlogen in het klein en in het groot door beledigende opmerkingen, door bedriegerij, door uitbuiting, door geweldpleging en noem maar op. De lijst van wat mensen elkaar per dag aandoen is lang en kent vele varianten. Als wij zelf geen heiligen zijn, dan zijn we dus niet alleen af en toe slachtoffer, maar ook dader. Veronderstel dat we iemand hebben beledigd of benadeeld. Dan weten we uit de ervaring met onze eigen reacties wat we van de ander kunnen verwachten: Die zint op wraak, die komt z’n gram halen, die neemt ons te grazen op het moment dat ie de kans krijgt. We kennen anderen van onszelf.
Deze manier van hoe mensen met elkaar omgaan in zulke gevallen, vult dagelijks de krant. Rechts en links van de bladspiegel staan de kleine gevallen en in het midden de oorlogen, waarop een andere oorlog volgde, de aanslagen, waar weer aanslagen op volgden, diefstal van de een na diefstal van de ander, vernieling op vernieling. Vetes tussen families en landen volop en zonder eind. Als we zelf zoiets uit halen weten we op welke reactie we ons moeten voorbereiden. Wat we verwachten is niet hetzelfde als wat we hopen.
We verwachten niet dat degene die we beledigd hebben ons vol vergeving om de hals vliegt. Dat zit er niet in, maar we hopen dat er geen kwalijk vervolg op komt, dat die ander niet reageert of misschien zelfs een klein stapje in onze richting zet.
Degene die een aanslag pleegt in Israël of ergens anders die doet dat niet om zoveel mogelijk geweldadig en onevenredig antwoord te oogsten. De verwachtingen zijn bekend en die komen helaas meestal ook uit, maar gehoopt wordt toch op toenadering, erkenning van rechten, op een of andere manier verbetering in de relaties. Elke gek weet dat dat de enige manier is om samen te leven. Maar wat een gek weet wordt nog lang niet door verstandigen gedaan.
Als het om een misverstand gaat kan uitpraten een flink stuk helpen. Als het om echte oorlog of ruzie gaat dan helpt dat niet dan moeten er slimme en gedoseerde stapjes worden gezet in beide richtingen: van de dader naar het slachtoffer en vandaag wordt ons voorgehouden: ook stapjes van slachtoffer naar dader.
“Onmogelijk”, zegt de een. “Bovenmenselijk”, zegt de ander. Onmogelijk is het niet, een beetje bovenmenselijk misschien wel. In de Republiek Zuid-Afrika heeft men die methode toch zo opgepakt als de enige weg om tot samenleving te komen. We weten het van Nelson Mandela en bisschop Tutu. Die hebben niets vergeten, maar hebben de weg gekozen van geleidelijke stappen van blank en zwart naar elkaar in plaats van de te verwachten geweldsspiraal. Veel Indonesische burgers hebben geheel onverwacht zachtaardig gereageerd op vele jaren Nederlands kolonialisme. Paus Johannes heeft een band gelegd met zijn aanslagpleger. Niet onmogelijk dus. Als we het bovenmenselijk noemen klopt dat wel. “Bemint degene die je haten”, zegt Jezus van Nazareth. “Doe als God naar mensen en niet als mensen naar mensen”.
Dat is geen beminnen van het gevoel, dat zit er niet in, maar wel de open houding, het voetje voor voetje naderen van elkaar met dat ene helende woord en vooral die ene kleine daad van toenadering. “Wat gij niet wilt dat u geschiedt doe dat ook een ander niet; behandel de ander zoals jezelf behandeld hoopt te worden. Niet wat we verwachten, maar wat we hopen.
Christenen zeggen het zo mooi in een gebed dat van Jezus zelf is geleerd. We spreken als dader van onheil: we spreken onze hoop uit op vergeving van Gods kant,voor onze miskenning en onze wandaden naar zijn kinderen, onze medemensen, niet omdat we er recht op hebben niets anders te verwachten en we zeggen er bij: “omdat wij toch ook telkens toenadering zoeken in plaats van gewelddadige reactie naar wie ons iets misdeed. O ja, doen wij dat , wat daar staat in het Onze Vader? Dan gaat het met onze wereld toch de goede kant op. Tenminste als dat waar is.