Ik bezocht eergisteren mijn zieke patroon waar ik vroeger stage bij heb gelopen. Hij is pas voor de tweede keer geopereerd aan een hersentumor en het gaat niet goed met hem. Nu stelt hij alle hoop in een nieuwe therapie en het is die hoop die hem de kracht geeft om verder te kunnen gaan en zich een beeld te kunnen vormen van een nieuw leven waarin hij beter wordt. Hij gaat verder in hoop en vertrouwen dat het beter kan worden. Waar vertrouwt hij op? Hij heeft vertrouwen in de nieuwe therapie in de eerste plaats, maar eigenlijk, denk ik, meer in de mensen rondom hem. Vertrouwen dat er goed voor hem zal gezorgd worden door de dokters en door de mensen rondom hem. Dat al hun inspanningen ervoor zullen zorgen dat het beter kan gaan. Zonder dat vertrouwen zou er geen leven meer zijn. Maar hoor ik u nu niet denken: “Vertrouwen op mensen, komaan zeg, mensen laten u in de steek en denken alleen maar aan zichzelf. Vertrouw dus maar vooral niet op iemand anders.”
De eerste lezing van Jeremia heeft diezelfde teneur. Hij lijkt wat boos als hij zegt: “Vertrouw maar zeker niet op de mensen, maar enkel op God.” Jeremia zegt dat een echte veilige schuilplaats te vinden is bij God: “Gezegend is hij of zij die op de Heer vertrouwt en zich veilig weet bij de Heer”. Het is wel heel erg zwart wit gesteld.
Het verhaal van Lucas in het evangelie heeft ook dat zwart wit. Dat is eigen aan Lucas. Zijn verhalen hebben het vaak over grote tegenstellingen van de goeden en de kwaden, de rijken en de armen. Ook in de lezing van vandaag. Die lezing komt ons bekend voor en toch weer niet. Het zijn de zaligsprekingen maar niet die van Matteüs die we beter kennen. Matteüs spreekt ook over de ‘acht zaligheden’ in de Bergrede. Arm van geest zijn, honger en dorst hebben naar gerechtigheid, zachtmoedigheid, barmhartigheid, vrede stichten…: een samenvatting van het morele ideaal dat Jezus kwam verkondigen. Lucas heeft dat samengebracht tot vier zaligsprekingen en plaatst Jezus niet op een berg maar in een vlakte, tussen de mensen.
Het is een tekst die zo vaak is misbruikt om onrecht in de wereld goed te praten. Om mensen te sussen met de belofte dat alles wat ze hier tekort komen later zal worden goedgemaakt in de hemel. Maar gaat het wel over het verschil tussen wat er nu is en wat er ons na de dood te wachten staat? Dat denk ik niet. Lucas was een enorme idealist. Hij had een heel duidelijk beeld hoe de wereld er diende uit te zien volgens de principes van de boodschap van Jezus. Hij was veel bezig met de tweespalt die er was tussen de rijken en de armen. Hij zag een gemakkelijke oplossing in de rijken die alles dienden te verkopen en herverdeelden. Gerechtigheid, daar draait alles bij Lucas om en dat is voor hem de essentie als hij in zijn zaligsprekingen het heeft over zijn nieuwe wereld. Niet na de dood maar hier en nu.
Rijk en arm gaat niet per se over veel en weinig geld. ‘Armoede’ wordt in de bijbelse opvatting vaak ingevuld als mensen die gebukt moeten leven omdat ze niet de macht en het vermogen hebben om voor zichzelf op te komen. Armoede betekent in de bijbelse taal afhankelijkheid van de mensen met macht en rijkdom. Economische armoede, gebrek aan geld en goed, komt voort uit sociale en politieke armoede: geen macht hebben en nergens meetellen. De droom die Lucas toen had, is toch ook onze droom van vandaag. Een wereld van gerechtigheid waar alle mensen naast elkaar staan en voor elkaar opkomen en voor elkaar zorgen. Wie gaat daarvoor zorgen? Op wie kunnen we daarvoor vertrouwen? Niet op de mensen, zegt Jeremia, op God.
Voor mij zegt hij dan niet te kunnen vertrouwen op de mensen die alleen zichzelf zien maar wel op hen die de handen in elkaar slaan. Die voluit gaan voor die boodschap van Jezus. Die blijven zeggen dat onrecht niet kan en er nooit in zullen berusten. Die nooit zeggen: “Het heeft toch geen zin, wat kunnen wij er nu aan doen.” Maar die geloven dat tussen de mensen God woont die met ons is en ons kracht zal geven om dat ondenkbare te bereiken. Samen.
Op diezelfde manier vertrouwt mijn patroon van vroeger. Ook hij gelooft op die enorme kracht van mensen en van God die kunnen bereiken wat ondenkbaar lijkt. Samen. Het is een vertrouwen in mensen dat de basis is voor een nieuw leven, een beter leven.