De Bergrede (2007)

C-cyclus · Tijd door het jaar · 6e zondag · groen

Als ik de zogeheten gelukkig- of zaligsprekingen op me laat inwerken zoals de evangelist Lucas die weergeeft, valt me meteen al één ding op. We vinden er nl. een woordje dat zwaar van inhoud is en grote gevolgen heeft: het woordje ’nu’. In de meer bekende vorm van de gelukkig- of zaligsprekingen volgens Matteüs, die wij altijd op Allerheiligen horen, ontbreekt dat woordje ’nu’. Blijkbaar wil Lucas uitdrukkelijk troost bieden aan de armen en hongerlijders, de bedroefden en vervolgden van zijn dagen. Want dat ’nu’ aan de ene kant houdt een ‘straks’ aan de andere kant in: ze zullen na hun sterven een vergoeding krijgen voor wat ze in hun leven-op-aarde hebben gemist. Zij vooral kunnen zingen: ‘Als God ons thuisbrengt uit onze ballingschap, dat zal een droom zijn’.
Lucas schreef zijn evangelie in een periode waarin door het uitblijven van Christus’ zogenoemde wederkomst de hoop verdween dat Jezus alsnog de profetieën in vervulling zou doen gaan. De geloofsgemeenschap, de kerk, zag zich opnieuw geplaatst voor het onoplosbare mysterie van het lijden. Dat mysterie was nog ondoorgrondelijker geworden door het feit dat Jezus’ leven zelf zo’n gruwelijk einde had gevonden. Wat lag méér voor de hand dan dat men teruggreep naar de oudtestamentische ‘oplossing’ van een compensatie in het hiernamaals? Het is jammer genoeg een feit, dat de kerk, door steeds maar nadrukkelijk naar het hiernamaals te wijzen nogal eens heeft vergeten het mogelijke te doen om nood reeds hier in onze wereld te lenigen of daartoe aan te sporen. Al moeten we hier wel uitkijken met zwart-wit-tekeninge!

BEDOELING VAN JEZUS

Maar nog altijd blijft de vraag klemmen: wat heeft Jezus zélf bedoeld? Wie waren die armen, hongerigen en verdrukten? Waarom prijst Jezus hen in godsnaam gelukkig? Omdat ze arm zijn en dus al een paspoort voor de hemel op zak zouden hebben? Of omdat Jezus de komst van het Rijk van God voorziet, van dat Rijk dat een einde zal maken aan alle onrecht en dus ook van alle leed? Vragen te over …
Ik lees dan bijvoorbeeld bij Sint Paulus (2 Kor 8,9), dat Jezus Messias om onzentwil arm is geworden terwijl Hij rijk was, opdat wij rijk zouden worden door zijn armoede. Het is duidelijk dat met die rijkdom geen materieel bezit bedoeld kan zijn. Rijkdom is hier een beeld van Gods glorie. En armoede beduidt in eerste instantie
lniet gebrek aan materiële goederen, maar zondigheid. Jezus Christus deed afstand van zijn glorie en werd één met zondige mensen, al voegt Paulus er meteen aan toe dat Jezuself niet zondigde. Maar Jezus van Nazaret ging aan tafel met tollenaars en anderen die jin de marge van de samenleving leefden. Hij kwam om het verlorene te zoeken en te bevrijden. Hij stierf als iemand die voor Godvrezenden gold als een een vervloekte. Hij bleef niet op de brug staan om drenkelingen een reddingsgordel toe te werpen, maar ging zelf de afgrond in. Hij werd volledig één met ons, tot in de gebrokenheid toe.

VERTROUW OP GOD

Voortaan kunnen wij met meer recht dan de profeet Jeremia zeggen: ‘Gezegend degene die op God vertrouwt en zich bij God veilig weet. Zo iemand is als een boom die aan een rivier staat en die wortels heeft tot in het water’. Moge dit voor ons een bemoediging betekenen.

Zoeken in Preken Online