Zondag, de 22ste augustus 2010 - 21ste zondag door het Jaar C
LATEN WE DOEN WAT WE KUNNEN
Gezang bij de opening van de Liturgie
Zomaar een dak boven wat hoofden, deur die naar stilte openstaat.
Muren van huis , ramen als ogen , speurend naar hoop en dageraad.
Huis dat een levend lichaam wordt als wij er binnengaan, om recht voor God te staan.
Woorden van ver, vallende sterren, vonken, verleden hier gezaaid.
Namen voor Hem, dromen, signalen diep uit de wereld aangewaaid.
Monden van aarde, horen en zien, onthouden, spreken voort Gods vrij en lichtend woord.
Tafel van Eén, brood om te weten dat wij elkaar gegeven zijn.
WONDER van GOD : MENSEN in VREDE , oud en vergeten nieuw geheim.
Breken en delen, zijn wat niet kan , doen wat ondenkbaar is : dood en verrijzenis.
Openingsgebed.
God, Gij alleen zijt licht zonder duisternis.
Wij mensen zijn verdeeld tussen goed en kwaad, tussen ja en neen.
Geef dat wij aanwezig zijn in de woorden die wij spreken.
Dat de dienst die wij aan mensen bewijzen U welgevallig moge zijn.
Dat wij zo deel mogen hebben aan de eenvoud en aan de waarachtigheid van Jezus de Christus.
Hij is de volle waarheid, vandaag en alle dagen tot in eeuwigheid.
Lezing uit de profeet Jesaja 66, 18-21.
Dit zegt de Heer:
Ik kom om alle volken en talen te verzamelen, zij zullen komen en mijn glorie zien. Ik geef hun een teken, en hun overlevenden zend ik naar de volken en naar de verre eilanden die mijn roem nog niet hebben gehoord en mijn heerlijkheid nog niet hebben gezien.
Zij zullen mijn heerlijkheid onder de volken verkondigen.
Dan brengen zij al uw broeders uit de volken mee, als een offer voor de Heer, op paarden, wagens, huifkarren, muildieren en draagstoelen, naar mijn heilige berg Jeruzalem, zoals Israëls zonen in reine vaten hun gaven naar het huis van de Heer brengen” zegt de Heer.
En ook uit hen zal Ik priesters en levieten kiezen” zegt de Heer.
Generiek uit “Barry Lyndon” G. Fr Haendel ‘ Sarabande’
Evangelielezing uit Lucas , 13,22-30.
Jezus trok verder door steden en dorpen
waar Hij onderricht gaf, onderweg naar Jeruzalem.
Iemand vroeg Hem: “Heer, zijn het er maar weinig die gered worden?”
Hij zei tegen de mensen: “Doe wat je kan om door de nieuwe deur binnen te komen.
Want Ik verzeker u, velen zullen proberen binnen te komen, maar er niet in slagen.
Vanaf het moment dat de heer des huizes is opgestaan en de deur heeft afgesloten, zal je buiten moeten blijven. Je zal op de deur gaan bonzen en roepen: “Heer, doe open!” En Hij zal je antwoorden: “Ik ken je niet. Waar kom je vandaan?”
Dan zal je zeggen: “We hebben met U gegeten en gedronken.” Maar Hij zal u zeggen: “Ik ken u niet. Waar kom je vandaan? Ga weg allemaal, bedrijvers van onrecht! Dat zal een gejammer zijn en een tandengeknars, als jullie Abraham, Isaak en Jakob en alle profeten in het koninkrijk van God zult zien, terwijl jullie er uitgegooid worden. Dan zullen ze komen van oost en west, van noord en zuid, en aan tafel gaan in het koninkrijk van God.
Let maar goed op: laatsten zullen eersten zijn en eersten zullen laatsten zijn.
Geloofsbelijdenis.
Ik geloof in God die met mensen op weg gaat,
die van mensen houdt, die mensen aan mensen toevertrouwt,
die ons Jezus heeft gezonden.
Ik geloof in de verrezen Christus
Naar zijn voorbeeld moeten wij voor elkaar dienstbaar zijn.
Ik geloof in zijn droom de mensen gelukkig te maken
in een wereld van vriendschap van recht en van gerechtigheid.
Ik geloof in de Geest die ons tot verbondenheid oproept.
Hij schenkt ons aan elkaar als licht en hoop,
als brood en wijn, als dank en vergeving.
Hij roept ons samen in de gemeenschap van de kerk.
Hij blijft ons trouw, over de grenzen van de dood heen.
VOORBEDEN
Voor allen die zich laten voorstaan op hun geloof en hun kerk
dat ze bescheiden leren zijn. Laten wij bidden.
Voor allen die het hoogste woord voeren en anderen niet horen:
dat ze leren luisteren. Laten wij bidden.
Voor kerken die te veel uit zijn op eigen gelijk en glorie:
dat ze wijzer worden. Laten wij bidden.
Voor onszelf die wel onze rechten kennen maar soms onze plichten vergeten:
dat we oprecht zijn. Laten wij bidden.
Lied bij de gaven ( tweede versie )
Avondmaal ter heiliging dat ons ooit verschijnen zal de Messias
Brood van tranen om de wereld, hartversterking : wijn
voorsmaak van geluk dat komt
Dat de kracht der hoop ons niet ontbreekt.
Eucharistisch dankgebed.
Wij danken U Heer God almachtig,dat Gij een God van mensen zijt,
dat Gij U niet geschaamd hebt onze God genoemd te worden,
dat Gij ons kent bij onze naam, dat Gij de wereld in Uw handen houdt.
Want daarom hebt Gij ons geschapen en daartoe ons geroepen in dit leven,
dat wij met U en met elkaar verbonden zouden zijn, Uw mensenvolk op deze aarde.
Gezegend zijt Gij, de schepper van al wat bestaat.
Gezegend zijt Gij die ons ruimte hebt gegeven en tijd van leven.
Gezegend zijt Gij om het licht van onze ogen
en om de lucht die wij ademen.
U danken wij voor heel de schepping, voor alle werken van Uw handen,
voor alles wat Gij in ons midden hebt gedaan, door Jezus Christus onze Heer.
Daarom, samen met alle levenden en met allen die ons in de dood,
maar in geloof zijn voorgegaan huldigen wij Uw naam, Heer onze God.
Daarom buigen wij voor U en aanbidden U met deze woorden.
Heilig, heilig, heilig
Wij danken U, heilige Vader, Heer onze God,
omwille van Jezus Christus Uw veelgeliefde Zoon
die Gij geroepen en gezonden hebt om ons te dienen en te verlichten.
Om aan de armen Uw koninkrijk te brengen,
om aan gevangenen verlossing te melden, om voor ons allen en voorgoed
het evenbeeld te zijn en de gestalte van Uw mildheid en Uw trouw.
Wij danken U voor deze onvergetelijke mens
die allen heeft volbracht wat menselijk is, ons leven, onze dood,
wij danken U dat Hij zich met hart en ziel gegeven heeft aan deze wereld.
Want in de nacht waarin Hij werd overgeleverd, heeft Hij het brood in zijn handen genomen.
Hij heeft zijn ogen opgeslagen naar U, God, zijn almachtige vader,
Hij heeft U dank gezegd, het brood gebroken
en het aan zijn vrienden uitgedeeld met de woorden:
neemt en eet dit is mijn lichaam voor u.
Doet dit tot mijn gedachtenis.
Zo nam Hij ook de beker, sprak een dankgebed uit en zei:
deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed dat voor u en allen wordt vergoten
tot vergeving van zonden.
Telkens als gij deze beker drinkt zult gij het doen tot mijn gedachtenis.
Als wij dan eten van dit brood en drinken uit deze beker,
verkondigen wij de dood des Heren totdat Hij komt.
Daarom, Heer onze God, stellen wij hier dit teken van ons geloof,
en daarom gedenken wij nu het lijden en sterven van Uw zoon,
zijn opstanding uit de dood, zijn intocht in Uw heerlijkheid;
dat Hij, verheven aan Uw rechterhand, voor ons ten beste spreekt,
en dat Hij komen zal om recht te doen aan levenden en doden
op de dag die Gij hebt vastgesteld.
Wij vragen U, zend over ons Uw heilige Geest
en geef aan deze aarde, die ons dierbaar is, een nieuw gezicht.
Laat er toch vrede zijn overal waar mensen wonen,
de vrede die wij zelf niet kunnen maken maar die machtiger is dan alle geweld,
Uw vrede als een band, een nieuw verbond tussen ons allen,
de levenskracht van Jezus Christus hier in ons midden.
Dan zal Uw naam geheiligd zijn, Heer onze God.
ONZE VADER
COMMUNIO
Communio : “ Orgelbüchlein ” van J.S. Bach door Léon Bierens – Mullem
Slotgebed
De laatste dag van mijn leven, als de aardse zon voorgoed is ondergegaan
en plaats maakt voor Jouw hemels licht, God, laat mij dan binnen in Jouw “feestzaal”
van uw eeuwigheid.
Niet dat ik het verdiend zou hebben, integendeel.
Ik kan alleen maar rekenen op Jouw barmhartigheid en
hopen dat Jij aan mij ten volle vergeving schenkt.
IK ben maar een “kleine” mens God; maak JIJ mij “groot” aub . Amen
Slotlied
Slotlied : “ Zolang er mensen zijn op aarde ” Oosterhuis - Lyon 1548
Zolang er mensen zijn op aarde, zolang de aarde vruchten geeft,
zolang zijt Gij ons aller Vader, wij danken u voor al wat leeft.
Zolang de mensen woorden spreken, zolang wij voor elkaar bestaan,
zolang zult Gij ons niet ontbreken, wij danken U in Jezus’ naam.
Gij voedt de vogels in de bomen, Gij kleedt de bloemen op het veld.
O Heer , Gij zijt mijn onderkomen en la mijn dagen zijn geteld.
Gij zijt ons licht ons eeuwig leven, Gij redt de wereld van de dood.
Gij hebt uw naam aan ons gegeven, zijn lichaam is het levend brood.
Pater Johan Van Calbergh