Steeds op weg naar Jeruzalem vroeg iemand aan Jezus naar het aantal geredden, hoeveel zullen er gered worden? Jezus geeft geen rechtstreeks antwoord op deze vraag. Geen speculatie over aantallen, maar een duidelijke oproep tot waakzaamheid. De kern van zijn antwoord is niet het aantal, maar: het gaat niet van zelf. Geen automatische piloot. Je moet je inzetten om de eindmeet te bereiken. Jezus hanteert hier strenge taal. Hij waarschuwt, maar zegt niet dat één concreet iemand uitgesloten is. In onze boze momenten hebben wij onze beminde vijanden in de hel gewenst en zij ons! Dat doet God niet.
Al een hele tijd is een discussie heropgeflakkerd over de juiste vertaling in het eucharistisch hooggebed over Jezus die zijn bloed heeft vergoten. Heeft Hij dat gedaan voor allen of voor velen? Eén ding is zeker God wil het heil van elke mens. Aan dit woord mogen wij niet tornen. Of elke mens dit zelf wel wil, weten we niet. Is het mogelijk dat iemand dit aanbod afwijst? Misschien! Vandaar die spanning tussen velen of allen.
De kans dat wij de eindmeet niet halen steekt er in. Wij kunnen God
niet dicteren hoe hij met ons moet omgaan Hij is zeker geen God van
willekeur. Hij is barmhartig. Maar de eindstreep halen gaat niet
vanzelf zegt Jezus. Jezus wijst op de ernst in ons leven. Span je in
tot het uiterste. Geloof en inzet. Het volstaat niet te zeggen dat
je iets over Jezus weet, dat je de catechismus kent of dat je een
nonkel pastoor hebt en een zus als pastoraal werkster.
Vandaar dat hij het beeld van de nauwe poort, de nauwe doorgang,
gebruikt. Een stad was omgeven met muren en poorten. Een poort
verleende toegang of versperde de inkom. Wie door de poorten binnen
mocht was burger of vriend van de stad. Een verdachte vreemdeling of
vijand werd buitengehouden. Zo was er in Jeruzalem ook een klein
poortje, genaamd het Oog van een Naald, die uitermate nauw was. Daar
met pak en zak , dus met je bezittingen, in één keer doorgaan, was
onmogelijk. Alleen eenvoudige mensen, niet beladen met pakken, zakken
en bezit, konden erdoor. Zo zegt Jezus: het rijk der hemelen
binnengaan is als door het nauwe poortje , het Oog van de Naald,
Jeruzalem binnen gaan. Je moet liefst niet veel mee hebben om de door
de poort van de hemel te gaan: alleen het onderhouden van de tien
geboden.
Jezus spreekt in een ander evangeliestuk over nog een andere poort: de poort van de schaapsstal. -De schapen mochten er één voor één binnen. Zo kon de herder ze tellen, maar ook voelen af ze gekwetst waren en liefdevolle verzorging behoefden. Daarom zegt Jezus: Ik ben de deur van de schapen… Ik ben de deur. Als iemand door Mij binnengaat, zal hij worden gered." (Joh. 10,7-9). Tegen deze achtergrond verstaan we wat Hij vandaag in dit evangelie tot ons zegt: “Span u in tot het uiterste om door de nauwe deur binnen te komen” (Lc 13,24). Dit wil zeggen: “Niemand komt tot de Vader [en de hemel] tenzij door Mij” (Joh. 14,6). De deur is tegelijk de Herder zelf. Hij kent zijn schapen, en zij kennen Hem. Dat is liefderelatie. Het ergste is als de Heer hèn niet kent, en zij Hèm niet kennen. Daarom klinkt aan deur, wanneer ze dicht gaat, de hartverscheurende stem: “Ik weet niet waar ge vandaan komt. Ik ken u niet”. Dit wederzijdse kennen en liefhebben is de sleutel van de deur. Jezus volgen is dé sleutel tot de deur.
Wie komt door de nauwe poort en wie zal er zijn in de stad van God? Ik ben totaal verkeerd zo ik van mezelf denk dat ik de enige zal zijn die binnen mag. Als het zo ver komt, gaan we wellicht drie verrassingen beleven. De eerste verrassing is: dat ik er ben geraakt en dat de Heer mij binnenlaat. De tweede verrassing: dat een aantal van wie ik dacht dat zij er zouden zijn, er niet zijn. De derde verrassing: dat zij van wie wij ik dacht dat ze er niet zouden geraken, wel aangekomen zijn.
Lukas richt zijn evangelie tot heiden-christenen van zijn tijd, waarbij hij denkt aan heidenen die joden zullen voorgaan in het rijk maar eveneens aan christenen die afhaakten en niet zullen binnengeraken. Lucas spreekt ook naar onze tijd toe. Hij waarschuwt tegen eigendunk, want eersten kunnen laatste en laatste eerste worden.
Elke dag van de week staan wij voor de veeleisende opdracht, ons meegegeven op deze zondag van de nauwe poort: vermijd ongerechtigheid, span je tot uiterste in en wees liefde.
Dit is een eclectische (samensmelting van) preek, vandaar dank aan Antoine Rubbens en Jozef Decoene.