Bladeren we enkele weken terug in het lezingenboek
dan merken we dat we door de pen van Lucas al enkele zondagen
heel nadrukkelijk te horen krijgen hoe Jezus ons aanspoort
om radicaal anders te gaan leven:
-
je vijand is ook je naaste (lezing over de Barmhartige Samaritaan)
-
geef een ruime plaats aan geestelijk voedsel en loop niet
opgejaagd rond om eerst materiële beslommeringen te regelen
(lezing over Martha en Maria tijdens Jezus’ bezoek)
-
echte rijkdom kun je niet stapelen:
echte schatten vergaar je met en in je hart
(verzamel geen schatten voor jezelf, maar bouw je rijkdom op bij God)
Vandaag wordt waakzaamheid naar voren geschoven
en het heeft op ’t eerste gezicht iets van het gezegde
‘stel niet uit tot morgen wat je vandaag kunt doen’,
maar het gaat natuurlijk dieper.
De waakzaamheid die Jezus bedoelt,
is niet een angstvallig opletten voor onverwachte gevaren,
maar een volgehouden keuze om blijvend klaar te staan
en te werken aan het Rijk Gods.
Het is vooraal een aansporing om de armen niet te laten zakken
wanneer de indruk ons overvalt
dat wij vergeefs streven naar een betere wereld.
Passief wachten, zal ons nooit tot een wereld brengen
zoals de Heer hem gedroomd heeft.
Onverwacht kan Hij je op de schouder tikken en vragen:
“Wel, hoe staat het ermee?
Het is niet omdat je denkt dat Ik er niet ben,
dat je je inspanningen op een laag pitje mag zetten!”.