16e zondag door het jaar C

C-cyclus · Tijd door het jaar · 16e zondag · groen

Beste collega’s,

vanmorgen kreeg ik vanwege Rob Debels, in ons bisdom pastoor van de federatie Kortemark-Krekedal, zijn homilie voor de 16° zondag door het jaar - C toegestuurd. Hij zet daarbij de actuele, moeilijke situatie van de familie Faiz hier in het Kortrijkse én enkele suggesties uit de S/Preekwijzer voor het jaar C (enkele jaren geleden uitgegeven door KMS - Kerkwerk Multicultureel Samenleven) - naast mekaar, als schriftuitleg en actualisatie bij het thema ‘gastvrijheid’ van komende zondag.

Ik vond het de moeite waard om deze homilie meteen naar jullie allen door te sturen. Misschien helpt zo’n ‘preekvoorbeeld’ hier of daar iemand om vanuit de eigen beleving en ervaring in het pastorale werkveld op een gelijkaardige manier iets aan te brengen in de homilie van komend weekend…

Rob Debels gaf mij in elk geval heel graag de toelating om dit naar jullie door te sturen. Mocht iemand naar hem persoonlijk toe willen reageren op deze homilie, dan kan dat best via zijn persoonlijk mailadres:

Met hartelijke groet - en veel dank aan Rob die dit met ons wilde delen. Onze sterkte is (en blijft ook in de congé): samen!

geert dedecker

Dienst Diaconie bisdom Brugge en KMS West-Vlaanderen


GASTVRIJHEID WORDT EREDIENST

Khalil Faiz is een Afghaan, gehuwd met Marina, een Russische. Eerst woonden ze met hun kinderen in Rusland. Daar viel een agressieve oom van Marina, die nog in Afghanistan gevochten had, hen voortdurend lastig. Zij was immers met ‘de vijand’ getrouwd. Moegetergd gingen ze in Afghanistan wonen. Aanvankelijk ging dit, omdat de moeder van Khalil partij koos voor haar schoondochter en haar beschermde. Na haar dood maakten twee neven van Khalil, die tot de Taliban behoorden, hen het leven onmogelijk. Marina bleef zoveel mogelijk binnenshuis: haar uiterlijk verraadt immers meteen dat zij geen Afghaanse is. De kinderen mochten er niet naar school, zodat Marina hen thuis wat onderricht gaf.

Omwille van de zware discriminatie vluchtten ze weg en belandden in Kortrijk. Daar pasten ze zich zeer snel aan aan het leven in Vlaanderen. De oudste twee kinderen, Roman – 12 – en Anita – 9 –, behaalden in de school ’t Fort meer dan 80% op hun rapport.

In maart 2012 werd hun vijfde kindje geboren, Emil. Maar in juli van ditzelfde jaar wees het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen hun verzoek tot asiel af. Omdat Kaboel, de hoofdstad van Afghanistan, zogezegd een ‘veilige’ stad is. Terwijl op de website van onze ambassade van Kaboel te lezen staat welke veiligheidsmaatregelen westerlingen moeten nemen wanneer ze ginds zijn. En Marina heeft een westerse look… Van toen af kregen ze geen enkele subsidie meer. Mevrouw Faiz moest bij de Afghaanse ambassade een visum aanvragen als hij Afghanistan binnen wil en meneer Faiz een Russisch als ze Rusland binnen wil. Maar dat krijgen ze niet, omdat ze niet over geldige Belgische verblijfspapieren beschikken. Zodat de kinderen van één van beide ouders zullen gescheiden worden. Wat in strijd is met artikel 28 van het Kinderrechtenverdrag. Leerkrachten, directie en ouders van de school vroegen aan burgemeester Van Quickenborne om bij staatssecretaris Maggie De Block het humanitaire karakter van dit dossier te bepleiten, maar kregen geen reactie.

Op 2 juli jongstleden werd het gezin opgehaald uit hun woning in Kortrijk waar ze bijna 4 jaar verbleven, en op een trein gezet. Nu verblijven ze in het opvangcentrum in Holsbeek. De ouders hebben hun jongste kind verteld dat ze op vakantie zijn. Hoe leg je anders zoiets uit? Hun advocaat wacht nu op attesten van de Russische en Afghaanse ambassades. Als hij die heeft start hij een nieuwe procedure op om te proberen het gezin toch nog te regulariseren om humanitaire redenen. Het laatste bericht is echter dat ze voor 1 augustus het land moeten verlaten.

Beste mensen,

Beide lezingen gaan vandaag over gastvrijheid. Het evangelie zijdelings: de gezusters Marta en Maria ontvangen Jezus gastvrij bij zich aan huis. De eerste lezing heel nadrukkelijk, en wel over gastvrijheid ten aanzien van vreemdelingen.

Abraham en zijn vrouw Sara zijn als vreemdeling het land Kanaän binnengetrokken. Zelf zijn ze vluchtelingen, vreemde gasten in het land van God. Zijn wij niet allemaal vreemdelingen, passanten op deze aarde? Maar nu staan daar plotseling drie mannen voor hen. Vreemdelingen, niet aangemeld, niet uitgenodigd, maar ze zijn er wel. Abraham buigt zich diep en biedt concrete gastvrijheid aan: water om de voeten te verfrissen, een steun voor de rug, brood om op krachten te komen. Abraham loopt zich de benen van het lijf in gulle hartelijkheid. Zijn vrouw Sara zet zijn drukte om in concrete daden. Ze begint een overvloed aan ronde koeken te bakken op de hete stenen, van het fijnste meel. Abraham zelf neemt het vetgemeste kalf uit de kudde en geeft het aan zijn knecht om het snel klaar te maken.

Het huis van Abraham wordt een ware tent van samenkomst. Zoals we zongen bij het begin van deze viering: “Zomaar een dak boven wat hoofden, deur die naar stilte openstaat. Muren van huid, ramen als ogen, speurend naar hoop en dageraad…” Echte gastvrijheid leidt tot het aannemen van een ontvankelijke houding tegenover de ongenode gast.

Daarop zegt de bezoeker: “Over een jaar kom ik weer bij u; dan zal Sara, uw vrouw, een zoon hebben”. De gast die bij zijn eerste verschijning arm en hulpeloos lijkt, blijkt het meest kostbare geschenk bij zich te hebben: toekomst, nieuw leven, de vervulling van alle beloften die zijn gedaan. Zou de vreemdeling niet een verschijningsvorm zijn van de Onzichtbare?

Vreemdelingen, asielzoekers, mensen die op één of andere manier ‘anders’ zijn, zijn in de Bijbelse beeldspraak boden uit een andere wereld, vertegenwoordigers van Gods toekomst. Zo wordt gastvrijheid eredienst.

Preek op 20-21 juli 2013, bij Genesis 18, 1-10a en Lucas 10, 38-42. Bronnen: een brief van An Buggenhout uit Kortrijk van 29 juni 2013, ‘Uitgewezen Afghaans gezin op trein gezet’ en ‘Gezin Faiz moet naar gesloten centrum’: in Het Nieuwsblad van resp. 4 en 11 juli 2013; Geert Dedecker, ‘Gastvrijheid voor de vreemdeling belooft toekomst voor het eigen volk’ in S/Preekwijzer in intercultureel perspectief, KMS Brussel 2006, blz. 87-99

Zoeken in Preken Online