Vrede en alle goeds (2007)

C-cyclus · Tijd door het jaar · 14e zondag · groen

a. Welke bagage?

“Niets vergeten? Heb je alles mee?” De bezorgde vraag van huisgenoten bij een vertrek op reis. De rugzak voor de trektocht mocht maar tien kilo wegen. Het consigne van Jezus klinkt anders: “geen reiszak, het strikte minimum.” Die raad kunnen wij niet zo maar overplaatsen naar onze tijd. Nemen we toch niet te veel mee op reis? Te bekommerd om dingen waarmee wij bij anderen kunnen uitpakken en te weinig begaan met de kwaliteit van wie we mogen zijn?

Jezus zond zijn leerlingen niet op vakantie. Hij stuurde hen uit voor de oogst. Een moeilijke zending: de vrede brengen van het lam in een wereld van wolven! Daarom ging zijn gebed die missionaire zending vooraf.

b. Met haast

De eerste zending van de groep van 72 was een proefzending. Ze was getekend door de haast, die Jezus zelf kenmerkte: “Verkondig de nabijheid van het Rijk Gods.” Verlies je tijd niet palavers onderweg.

Rondreizende predikers trachten na Pasen alle Jezusgezinden in Israël op te sporen en hen te bemoedigen met de boodschap “God zond de profeet van de eindtijd.” Velen hadden vroeger met Jezus contact gehad en waren door Hem genezen. Zij hadden een woorden van Hem in hun hart bewaard. Een aantal hadden wellicht afgehaakt. Zij hoorden nu dat Hij verder leeft. De volgelingen van de gestorven en verrezen Jezus trekken zijn Jezus’ beweging verder op gang.

De eerste christengemeente leefde in de overtuiging dat het Rijk Gods vlug zou aanbreken. Vandaar dat haar boodschap kort en radicaal is. Ze is weinig begaan met schikkingen op lange termijn. Zij verwacht immers dat de Heer snel wederkeert. “Deze korte termijnvisie leidt in de eerste plaats tot een radicalisering van de moraal. Normaal moeten mensen tijd en ruimte nemen om te huwen, om hun goederen te beheren, om hun beroep uit te oefenen, om aan hun kinderen te denken. Maar in het tijdsperspectief van de eerste leerlingen is daarvoor geen tijd; nu is het beter ongehuwd te zijn, om je huis en gezin te verlaten, om rond te trekken als zendeling om de boodschap te verspreiden in de korte tijd die de wereld nog gegeven is"(J. Van Gerwen, Onderweg. Over de navolging van Christus in de 21° eeuw).

c. In ontmoeting

Enerzijds zijn de leerlingen haastig op weg. Anderzijds valt de rust op waarmee deze rondtrekkende volgelingen huizen binnengaan. Zulke ontmoetingen zijn prioritair. Hun aandacht gaat naar gastvrijheid en wederkerigheid. Jezus verwacht van wie Hij zendt, dat ze bescheiden zijn en vooral dankbaar om de gastvrijheid. Ze zullen aanvaarden wat hun wordt voorgezet. Ze zullen niet vergelijken met andere plaatsen waar het beter zou kunnen zijn. De rondtrekkende missionaris van toen en nu kan geneigd zijn zich te installeren waar het goed is en de woning van de rijke te verkiezen boven deze van de arme.

Eenvoudige gebaren als eten, drinken, rusten, ze zijn bij Jezus - en vooral in de visie van Lucas - bemiddelende factoren om het evangelie door te geven.

Het Rijk Gods groeit door ontmoetingen. De Jezus’ beweging ontstaat uit kleine kernen en gebeurt in huisgemeenschappen. Ze staat onder het teken van vrede. Die vrede duidt op volheid van leven en relaties. Shaloom, dit Hebreeuwse woord, alsook in het Arabisch, is een heel rijke term. Eén mens van vrede kan al een nieuw klimaat scheppen.

d. Tot in de stad

De ontmoetingen aan huis gaan het contact met de stad en het publieke forum vooraf. Het mogelijk succes aldaar hangt af van het onthaal in de families. Steden getuigen van leven, zij hebben een historisch verleden, ze concentreren macht, ze bouwen toekomst. Het is goed dat christenen er zich vestigen. Maar de methode van de missie vraagt ook daar een respectvolle en ontvankelijke houding voor wat mensen aanbieden. Eerbiedig de cultuur van wie jou ontvangt, eet wat zij jou voorzetten. Christenen zullen vredebrengers zijn en zelf het beeld van de dienstbare Jezus voor ogen houden. “Eerder dan als een oppermachtige leidersfiguur profileerde Jezus zich gaandeweg als de ’lijdende dienaar’, die vanuit een positie van nederigheid en solidariteit met de mensen het Rijk Gods belichaamde, op een kwetsbare en voorlopige wijze” (J. Van Gerwen, op.cit., blz. 85).

Wij moeten Jezus niet nabootsen, maar hem navolgen. Zijn leerlingen kunnen zoals Hij duivels uitdrijven en zieken genezen. Jezus is sterker dan de demonen, ook in hun moderne gestalte. Jezus en zijn volgelingen trekken een teder spoor van weldoende aanwezigheid. Zij leiden ons naar de bron van diepe en echte vreugde. Mogen wij deze vrede ervaren doorheen toevallige deugddoende ontmoetingen, waar vakantie zo rijk kan aan zijn.

Zoeken in Preken Online