Van individu naar gemeenschap (2009)

C-cyclus · Advent · 3e zondag van de Advent · roze

Een dezer dagen had ik een gesprek met enkele mensen van de neo-catechumenale beweging. Zij constateerden dat een heleboel mensen zich hebben laten dopen, maar dat het geloof voor hun niet zo veel betekenis. Ook merkten zij op dat er bij velen weinig kennis over het geloof aanwezig is en dit draagt niet bij tot liefde voor het geloof. Ook brachten zij naar voren dat de Kerk te weinig als gemeenschap ervaren wordt, maar vooral als een organisatie waarvoor ik mij niet verantwoordelijk voel. Bij dit laatste herkende ik de aanzetten terug voor deze ontwikkeling, die zich reeds in de jaren zestig en zeventig begon te voltrokken. De Kerk werd beschouwd als een instituut. Gezag verkreeg je wanneer je echt iets te zeggen had. Het instituut Kerk had niet automatisch gezag. Hiermee ontstond ook een ander zicht op de priester. Hij had niet automatisch gezag door het sacrament van de wijding en was daardoor gemachtigd om de sacramenten toe te dienen, maar het pastoraat moest geprofessionaliseerd worden. Tegelijkertijd voltrok zich een proces waarin de kerk geen gemeenschap meer was, die gedragen werd door gemeenschappelijkheid en vele mensen ook dierbaar was, maar de binnen de Kerk kreeg de eigen mening zozeer de overhand dat veel van het gezag verdween hetgeen nadelig uitwerkte voor de gemeenschap. Het wonderlijke van deze tijd is dat in alle nieuw bewegingen heel sterk naar voren toe komst dat de Kerk weer een gemeenschap wordt als dat groeit vanuit kleine groepen gemotiveerde gelovigen. Dat is de boodschap die in velerlei bewegingen doorklinkt. Juist in de kleine groep kan mensen weer het geloof herkennen, dat ook binnen de totale Kerk aanwezig is. Zij willen niet losraken van de Kerk, maar haar sterker door groei van gemeenschapszin

Dit vraagt van vele mensen in onze tijd een totaal nieuwe keuze voor het geloof. Het een soort ommekeer. Het wonderlijke is dat mensen die ommekeer geen plaats meer kunnen geven in hun eigen leven en zeker niet koppelen aan het leven binnen de Kerk. Wanneer je van levensstijl wilt veranderen ga je naar een therapeut, diëtist, natuurgenezer of psychiater. God speelt daarin geen rol meer. Toch maakt Johannes de Doper ons duidelijk dat het overstappen naar een andere manier van leven wel degelijk alles met God te maken heeft. Willen wij dienstbaar zijn aan God, dan mogen wij niet voorbijgaan aan de dienstbaarheid aan mensen. Heel concrete dingen komen aan de orde. De mensen die veel bezitten moeten dit niet voor zichzelf houden, maar delen met degene die nauwelijks te eten en te drinken heeft. De mensen die als ambtenaar bij de overheid in dienst zijn moeten niet zichzelf verrijken door corruptie, maar integer en betrouwbaar zijn. De soldaten moeten het in de oorlog niet erger maken voor mensen dat het al is door het bezit van onschuldige mensen te stelen en te vernietigen, maar zij moeten zich juist inzetten voor het beschermen van onschuldige mensen en het werken aan vrede. Tenslotte moet de mens zichzelf niet op de eerste plaats stellen, maar zich ondergeschikt maken aan de ander. Daardoor kan het respect, wat wij zo’n belangrijke waarde vinden. Uit respect voor Jezus zei Johannes: “Ik ben niet waard de riem van zijn sandalen los te maken”. Wat een bescheidenheid voor iemand die in hoog aanzien stond bij velen.

Wij ervaren ook in onze tijd dat het gemeenschapsgevoel op allerlei terreinen bij veel mensen verdwenen is. Overheid en kerk lijken organen, waar je veel van mag vragen, maar waar je niets voor hoeft terug te doen. Daardoor krijgen woorden als ‘de kerk is van ons’ een andere geladenheid. Wij kunnen niet als toeschouwers alleen maar zeggen wat de ander te doen heeft. Maar het is belangrijk om ook zelf inspanningen te leveren opdat de geloofsgemeenschap haar omvangrijke taak zo goed mogelijk kan verrichten. Van individualisme naar gemeenschap zou ook nu het nieuwe item kunnen zijn. Dit vraagt van ieder van ons dat we meer gevoelig worden voor de aanwezigheid van de Ander en onze medemens. Wanneer wij ons keren tot God keren wij ons ook indirect tot het maaksel van zijn handen. Zo bouwen wij mee aan een wereld waarin Jezus graag naar ons toe wil komen en ons zijn vrede en liefde schenken wil. In die zin wens ik u een fijne voorbereiding op Kerstmis toe

Pastoor H. Adema

Zoeken in Preken Online