Bereidt de weg van de Heer!

C-cyclus · Advent · 2e zondag van de Advent · paars

**2e zondag van de Advent 2012 (09.12.)**Bar 5, 1-9

Lc. 3, 1-6

Bereidt de weg van de Heer!!

Beste vrienden,

Het evangelie van vandaag lijkt wel de “Who is Who” van de oudheid. Het staat vol met prominente namen van VIP’s. En dan, midden onder al die beroemdheden duikt er iemand op die in dat doorluchte gezelschap helemaal niets verloren heeft, iemand die er helemaal niet bij past.

Johannes de Doper, die onbehouwen rebel, waarvan ge alles kunt zeggen, behalve dat hij een diplomaat zou geweest zijn. Hij, die alleen al door zijn uiterlijk in de rol van een zonderlinge religieuze fanaticus werd geduwd. Hij kleedde zich in een kameelharen pij en leefde op een dieet van sprinkhanen en wilde honig. Johannes was een man met een rechte gang, die vol vuur datgene verkondigde wat zijn eigen innerlijke overtuiging was. En dat kostte hem uiteindelijk ook letterlijk zijn kop. Ten koste van zijn eigen leven klaagt hij het verkeerde gedrag van de mensen aan – te beginnen bij de clan van de machthebbers op politiek en religieus vlak. Die machthebbers die eigengereid over volk en land beschikken, en ook diegenen die zich uit gemakzucht in hun eigen leven hebben genesteld en die in hun leven alleen op zichzelf en niet meer op God en zijn boodschap gericht zijn. Deze Johannes de Doper was zelfstandig en onaangepast, maar steeds souverein. Hij belichaamde als het ware de vrije mens van zijn tijd. Die Johannes, heeft die ons ook nog iets te zeggen? Het ligt in onze traditie om de advent als voorbereidingstijd op het kerstfeest te beschouwen. Het feest van de geboorte van Jezus dat elk jaar opnieuw wil worden gevierd en daarom beginnen we ook dit jaar weer vol ijver aan de voorbereidingen ervoor. Niemand mag worden vergeten, alles moet gedaan zijn. Het moet tenslotte een mooi kerstfeest worden, vol vreugde en vol vrede. En soms staan we dan verwonderd als we dan op het feest zelf uitgeput in onze zetel vallen en denken: „God zij dank, we hebben het eindelijk achter de rug.“ – Ja, wat eigenlijk?

Ten laatste op dat moment moet Johannes ons terug aan iets herinneren: Zijn persoon toont ons een andere, veel diepere dimensie van datgene wat advent eigenlijk betekent en bedoelt. Advent is meer dan de bezorgdheid om een mooi feest te hebben. Advent is de voorbereidingstijd op de komst van Jezus in mijn leven. En die advent eindigt niet gewoon maar omdat alle vier kaarsen op de adventskrans branden of omdat de lichtjes van de kerstboom branden. Neen, heel ons leven, zowel het uwe als het mijne, is als een steeds voortdurende advent. Een periode van verwachting en van voorbereiding op wat komen gaat. Die enkele weken voor het jaarlijkse kerstfeest zijn meer dan alleen maar een voorbereiding op dat feest; zij willen ons intensief kennis laten maken met wat Advent voor ons eigen leven betekent. Johannes, de man uit de woestijn, biedt zich aan ons als gids en begeleider op die weg aan. Johannes, in zijn eigen zonderlinge aard, heeft mij altijd al gefascineerd, en daarom zou ik ons allemaal drie karakteristieke aspecten van die man mee op weg willen geven: Het eerste kennen we al: Johannes is de voorloper. Hij is diegene die vooruitloopt, die de weg bereidt. Geen wegwijzer die weliswaar de richting aanduidt, maar zelf altijd op één plaats blijft staan. Hij is ook niet diegene die aan anderen de voordelen van de te volgen richting duidelijk maakt en hen dan alleen verder laat gaan. Neen, Johannes gaat zelf voorop. Hij stelt geen eisen waaraan hij zelf niet zou kunnen voldoen. En toch is hij diegene die de weg niet voor zichzelf bereidt, maar voor iemand anders. Hij kondigt niet zichzelf aan, en ook niet de verwerkelijking van de wereld zoals hij die ziet. Hij kondigt de komst van iemand anders aan! Hij sluit ook bij voorbaat alle mogelijke verwarring uit met diegene die hij aankondigt. Hij zegt ergens: “Hij moet groeien, maar ik moet kleiner, onbeduidender, worden”. Hij is de voorloper en daarom is ook zijn handelen voorlopig; hij en zijn werk aan de bereiding van de weg zijn belangrijk, maar hij is niet het eindpunt, het uiteindelijke doel van de weg. Is Johannes, de voorloper, de wegbereider, voor ons ook de geschikte begeleider?
Een tweede aspect is zijn oproep tot omkeer en tot vergeving van de zonden. Als we goed luisteren kunnen we hem vandaag misschien zo horen: „Verandert jullie houding, hij die na mij komt zal jullie goed doen. Hij zal van jullie mensen maken die menselijk met elkaar omgaan. Natuurlijk zullen er hindernissen zijn die uit de weg geruimd moeten worden. Maar dat kunnen jullie toch! Ruim alles weg wat jullie samenzijn met God hindert. Laat Hem en zijn boodschap binnen in je hart, dan kan je voelen hoe veel vrede en hoeveel vertrouwen er van hem uitgaat. Sluit zijn woorden niet buiten; de woorden van vergeving, van verzoening en van een nieuw begin. Alleen wie de anderen van harte kan vergeven, die kan ook iets ervaren van de oneindige liefde waarmee God ieder van ons bemint. Verzoent u dus met God en met uw medemensen.

Denken jullie ook niet dat dit een heilzaam voornemen kan zijn – en dat niet alleen voor die stresserende adventsdagen!

Als derde aspect is me het volgende opgevallen: Johannes is de voorloper en de prediker van de omkeer, alhoewel hij van diegene waarvoor hij de weg bereidt, slechts een vaag vermoeden heeft. Noch lang nadat hij Jezus heeft gedoopt blijft hij onzeker en hij laat, vanuit de gevangenis, zijn leerlingen bij Jezus navraag doen: „Zijt gij het die komen zal, of moeten we nog op een ander wachten?” Er zijn christenen die, op dag en uur nauwkeurig, kunnen zeggen waar ze Jezus hebben ontmoet. Sinds dat moment was voor hen alles duidelijk. Bij Johannes was dat niet het geval. Zoals de meesten van ons is ook hij een zoeker, iemand die in het halfduister tast, iemand die zich vragen stelt. Misschien vind ik hem daarom zo sympathiek en voel ik me bijna met hem verwant.

Nog een laatste gedachte: Johannes kan er ons bewust van maken dat wij als kerk, binnen die drie genoemde aspecten, ook steeds een adventskerk zijn en moeten zijn. Een kerk die een voorloper is en die voorlopig is, dus nog niet het rijk Gods, maar toch misschien al een klein venster dat wijst op de aanwezigheid van een mensvriendelijke God in deze wereld. Kerk mag nooit een doel op zichzelf zijn maar veeleer een wegwijzer. Zij wijst van zich af naar Christus. “Johannes, vind jezelf niet zo belangrijk“, zegde Johannes XXIII tot zichzelf, om niet het gevaar te lopen dat hij zichzelf en zijn ambt in het middelpunt zou zetten in plaats van Jezus Christus. Dat wil echter niet zeggen dat de kerk niet tot omkeer zou mogen oproepen – in tegendeel! Maar misschien zou een op advent gerichte kerk, in navolging van Johannes misschien ook een vragende kerk kunnen worden. een kerk die er niet steeds van uitgaat dat ze alles kent en alles weet en die dikwijls antwoorden paraat heeft op vragen die niet gesteld worden. Ze wordt pas een sympathieke kerk wanneer mensen de indruk krijgen dat ze zelf ook op zoek is, op zoek naar de kern van Jezus’ boodschap voor deze wereld en voor het heil van de mensheid. En ze wordt vooral ook een geloofwaardige kerk wanneer ze in de strijd om meer broederlijkheid onder de mensen, het de kinderen en de volwassenen van verschillende religies niet verbiedt om samen tot de zelfde God te bidden. Zo die pratikeren we die veel geprezen tolerantie ook in woord en daad. Ik hoop dat de volgende zin uit het evangelie voor ons allemaal, als enkeling en ook als deel van de kerk, tot impuls en tot uitdaging voor ons ganse leven mag worden: “Bereidt de weg voor de Heer, en alle mensen zullen het heil zien dat van God komt.”

Amen

Zoeken in Preken Online