De steen is groot

B-cyclus · Paastijd · Paaszondag · wit

Bij Marcus luiden met Pasen de klokken niet. Jezus wordt met Pasen niet gezien op de plaats waar Hij was neergelegd. ‘Hij is niet hier’, zo staat er letterlijk. Op zich is dat een schokkende mededeling. Het geeft de indruk dat daarmee het boek gesloten is, het verhaal definitief beëindigd. Het is punt, amen en uit. Sommige auteurs zeggen daarom dat er bij Marcus amper verrijzenis te lezen staat. Dat is evenwel niet juist. Je moet daarvoor wel goed tussen de regels (willen) lezen.

Marcus spreekt van een grote steen die is weggerold. Alles wat het Rijk Gods in de weg staat, is weggeduwd. De vele barrières die worden opgericht om Gods droom tegen te houden, worden nu opgerold. Gods utopie gaat door. Ook al is de weerstand zo zwaar en zo hard als een grote steen. Niets brengt de Jezus-beweging tot stilstand. De man die mensen in het graf hebben neergelegd, is niet in het graf. Pasen gedenken is niet achterom kijken om nog eens piëteitsvol stil te staan bij het verleden, bij de dood van Jezus. Pasen gedenken is geloven in een beweging die doorgaat. Wij lopen geen dode achterna. Pasen is eventjes méér dan zeggen: ‘Lang leve de overledene.’ Het is: ‘Lang leve de Levende!'

Om dat aan den lijve te ondervinden, om dat met eigen ogen te zien, moet je in (de) beweging komen en in (de) beweging blijven. Golgota is verleden tijd, het graf is óver. Daar moet je het en moet je Hem niet meer zoeken. Als je Hem vinden wil, moet je naar Galilea. Dat is de plaats waar Jezus ooit volgelingen wekte en waar Hij ooit de macht van het boze brak. Zo is het allemaal begonnen. Zo gaat het ook door.

Waar mensen Jezus als hun voorganger erkennen, worden zij Zijn volgelingen. Daar zullen zij de boze geesten aan banden leggen. Dat is het land Galilea. Dat is de plaats waar Pasen geschiedt. In dat Galilea van toen en nu, van ginds en van hier, zal het geloof geschiedenis schrijven. Jezus is dus verre van dood. Mensen zullen niet domweg en in het ijle mee opstappen in een stoet die hulde brengt aan een gesneuvelde. Integendeel, zij zullen zich haasten om dáár aanwezig te zijn waar Hij spreken zal, altijd opnieuw. Hij zal gevonden worden op plaatsen waar grote stenen worden weggerold en graven worden geopend.

Dat is dan het paasverhaal van Marcus. Wij geloven niet enkel dat Jezus verder leeft omdat grote, wonderlijke dingen het ons bewijzen. Wij geloven in Pasen omdat grote, wonderlijke dingen voor ons liggen. Te zien, te doen. Elke dag opnieuw, in onze klei¬ne of onze grote straat. Zodoende staat achter het paasverhaal geen triomfantelijk uitroepteken, maar evenmin een sceptisch vraagteken. Pasen loopt uit op een open slot, op een dubbele punt: in te vullen door de lieve lezer, door de lieve gelovige. Zo mogen mensen handen en voeten geven aan Gods toekomst. Jezus zal als voorganger steeds in de buurt zijn van zijn volgelingen.

De vrouwen waren bang voor dit geheim. Ze vluchtten weg van het graf. Het was het beste wat ze konden doen. Dáár was het niet. Als ze op hun landkaart nu maar Galilea opzoeken… Na twintig eeuwen zoeken mensen Jezus nog vaak op het verkeerde adres.

Wij blijven ons stoten aan dezelfde oude, grote steen.

Zoeken in Preken Online