Dag iedereen,
ik hoop dat het niet van het goede (?) te veel wordt… Maar omdat ik komende donderdag - op Hemelvaart - mag voorgaan en preken in een feestelijke viering op de Godelieveparochie hier in Roeselare die tegelijk ook de viering van Rerum Novarum van Beweging.net zal zijn, heb ik de gedachten voor de homilie voor de gevangenis van verleden weekend wat herwerkt tot een homilie die (denk ik) meer aangepast is voor dit publiek. In bijlage stuur ik ook nog een extra woordje mee voor na de communie - speciaal bedoeld voor de mensen van Beweging.net, alsook de voorbeden.
Wie weet zit iemand in ongeveer dezelfde positie en met dezelfde opdracht als ik voor overmorgen? Zie maar of je hier dan in extremis iets kunt mee aanvangen.
Wie deze gedachten al eerder las, zal uiteraard heel wat dubbels ontdekken met vorig weekend. Met mijn excuses dan, maar de inspiratie en vindingrijkheid zijn helaas ook hier in de Vredestraat niet eindeloos beschikbaar.
Met hartelijke groet - ‘We blijven meer dan ooit investeren in verbondenheid!’
geert dedecker
Dienst Diaconie bisdom Brugge
en ORBIT West-Vlaanderen
20 jaar pastor geweest in Kajottersbeweging en KAJ.
Homilie Hemelvaart – B
Godelieveparochie Roeselare - donderdag 10 mei 2018
Er wordt gelezen uit 1 Johannes 4, 7-10 en Marcus 16, 15-20
Inleiding op de lezingen van vandaag –
Beste mensen,
Ik doe jullie eerst een bekentenis: ik heb een klein beetje ‘gefoefeld’ met de lezingen voor deze viering. In plaats van als eerste lezing de tekst te nemen uit Handelingen 10 die door de liturgische kalender is voorgeschreven, heb ik gekozen voor de tweede lezing van verleden zondag uit de eerste brief van Johannes. Een beetje eigenzinnig van mij, ik weet het. Maar ik vind dat daar zo’n prachtige en essentiële dingen in staan, en ik wilde jullie die niet onthouden op zo’n hoogdag als vandaag. Het gaat immers over de Liefde, die van God komt, en zonder dewelke wij God niet kunnen kennen.
In het evangelie horen we het bericht over de hemelvaart van Jezus, en over de zending van de leerlingen. Marcus formuleert deze zending als volgt: “In mijn Naam zult ge duivels uitdrijven, nieuwe talen spreken, slangen opnemen; zelfs als ge dodelijk vergif drinkt zal het u geen kwaad doen; en als ge aan zieken de handen oplegt
zullen dezen genezen zijn”…
En we vragen ons af: heeft deze zending nog actualiteitswaarde? Welke duivels moeten uitgedreven worden? Welke nieuwe taal moeten we spreken?
In de 19° eeuw was dat het wilde kapitalisme dat een verpauperde arbeidersklasse veroorzaakte. Paus Leo XIII wijdde er een hele encycliek Rerum Novarum aan, en legde daarmee de basis voor de ‘sociale leer van de Kerk’.
Vandaag gaan de duivels niet minder tekeer of zijn de slangen en serpenten niet minder giftig. Sociale ongelijkheid, armoede, klimaatverandering of vluchtelingencrisis nodigen opnieuw uit tot actie, tot een taal die bevrijdend werkt, tot een handoplegging die de samenleving geneest en heelt…
Homilie
Gode-lieve mensen,
ik vraag me soms af: hoe is Jezus daar toegekomen in de hemel, op de dag van Zijn hemelvaart die wij vandaag vieren? Is hij daar gearriveerd in volle glorie, ‘vol glans en vol luister’, met veel glitter en glamour, met toeters en bellen, als een winnaar, als de gedoodverfde Kroonprins, de alom geprezen en gelauwerde ‘Godenzoon’?
Nee, helemaal niet! Om dat in te zien, volstaat het jullie even mee te nemen naar het evangelie van een aantal weken terug, over de ontmoeting van de Verrezen Heer met Thomas op ‘Beloken Pasen’…
Wat een grandioos gebaar is het van de Verrezene, dat Hij daar meteen Zijn kwetsuren laat zien aan Thomas en aan de andere leerlingen. En dat, terwijl Hij toch geacht werd de Winnaar te zijn, de Sterke, de Ongenaakbare, diegene die dwars door de dood heen was gegaan; die het lijden, de onmacht, de pijn en het verdriet van dit bestaan definitief had overwonnen…
Voor de paasontmoeting met Zijn leerlingen heeft de Verrezen Man van Nazareth zich blijkbaar niet mooier voorgedaan dan Hij in feite was. Hij had het kùnnen doen – al was het maar om hen te intimideren en over hen te triomferen. Hij had fluwelen handschoenen kunnen aantrekken, zijn mooiste das en zijn beste zondagspak. Dan zouden die kwetsuren in Zijn handen en Zijn hart niet zo zijn opgevallen, en Zijn aanwezigheid als Goede Vrijdag-mens in hun midden zou hen niet zo hebben geschokt…
Maar dat was nu eenmaal de waarheid: Hij was een gekwetste mens, ontgoocheld door hun verraad; en kapot gemaakt door de machten en krachten in politiek en religie. Hij voelde zich in de steek gelaten en alleen… En zij waren op hun beurt ontgoocheld en bedroefd omdat het allemaal zo was gelopen; dat Hij zich zo had laten kapot maken, dat Hij niet meer weerstand had geboden, dat Hij zich zo had laten doen…
Het is grandioos dat Hij als Verrezene die waarheid niet ontvlucht, maar dwars door hun gesloten deuren binnen komt met deze woorden: ‘Vrede zij u…’ Dat jullie vrede kunnen vinden met jullie kwetsuren en met die van Mij. Dat die niet het laatste woord moeten hebben over Mij, over jullie als Kerk en over ons allen samen – dat wens ik jullie van harte toe. Dàt zijn bevrijdende woorden uit het pas uitgegeven verrijzeniswoordenboek…
Gode-lieve mensen,

Ik lees in de krant dat er in Vlaanderen en Nederland her en der steeds meer Repair Cafés ontstaan. Ze vervangen zienderogen de stemmige dorpscafés van vroeger.
Zo staat het er: ‘Repair Cafés zijn gratis toegankelijke bijeenkomsten, waarbij buurtgenoten elkaar op vrijwillige basis helpen bij het herstellen van allerhande voorwerpen. Dit gaat van kleding tot elektrische apparaten, meubels, fietsen, zelfs computers en andere elektronica. Bezoekers nemen van thuis kapotte spullen mee en gaan samen met de (vrijwillige) deskundigen, zoals elektriciens, naaisters, timmerlieden,… aan de slag. In het Repair Café is gereedschap en materiaal aanwezig om alle mogelijke herstellingen uit te voeren.
De bezoekers kunnen tijdens het herstelproces rustig een kop koffie of een pintje drinken en een babbeltje slaan. Ze leren er dat herstelling een goed alternatief voor weggooien is, maar vooral dat dit alternatief ook voor hen bereikbaar is. Het Repair Café helpt zo de afvalberg te verkleinen. Daarnaast draagt het bij aan een mentaliteitsverandering, door mensen warm te maken voor een duurzame samenleving. Tot slot is het Repair Café ook een sociaal evenement: buurtgenoten ontmoeten elkaar op een nieuwe, verrassende manier. Dat leidt tot nieuwe contacten en bevordert de sociale cohesie.’
En nog een bericht uit de krant: in een interview met Eurovisiesongkandidate voor België Sennek, in Het Nieuwsblad Magazine – 14/04/2018, vraagt de interviewer haar op een bepaald moment: ‘Is het ook niet gewoon heel jammer en pijnlijk als er iets kapotgaat in het leven?’
Zij antwoordt: ‘Ja, maar alles gaat vroeg of laat kapot. Of het nu gaat over een mensenleven, over de liefde, over een object dat je belangrijk vindt… Alles is tijdelijk. Maar we beseffen het niet. Terwijl: als je wel beseft dat dingen tijdelijk zijn, ga je er meer waarde aan hechten en intenser leven. In Japan bestaat de traditie om gebroken servies weer aan elkaar te zetten met gouden lijm. Je ziet de craquelé van het kapotte, maar het goud maakt het mooier dan het tevoren was. Dat vind ik een mooi beeld…’
Jazeker – dat vind ik ook: dit is een heel mooi beeld voor wat genezen en heel-maken tot ‘heil-igheid’ is.

Gode-lieve mensen,
weet je wat de ‘hemel’ wel eens zou kunnen zijn, denk ik dan. Eén groot en wereldwijd Repair Café. Zo één dat open is en blijft tot in der eeuwigheid! Ik stel me voor dat daar een heel stel zeer geoefende ‘reparateurs’ van allerlei slag op ons zitten te wachten, die overal ‘doen’ aan zien, die niets of niemand van te voren afwijzen, die geen enkel mens en geen enkel mensenleven definitief willen weggooien of afschrijven. En aan hun ellenlange werktafel zitten die goddelijke heel-makers en genezers als een mantra voortdurend dat prachtige lied van Leonard Cohen te herhalen: ‘There is a crack, a crack in everything. That’s how the light gets in… '
De hemel als een groot Repair Café’… ja, dat zou mooi zijn! Een plek waar je toe komt met je armen vol kapotte en versleten spullen, met scherven en brokstukken en fragmenten, met zaken van vroeger en van lang voorbij – maar soms ook van nog maar heel recent. Je had er héél veel van verwacht, van die relatie, van die nieuwe zaak, van je werk, je school, je thuis, je kinderen, je ouders, je omgeving, je vriendenkring, je gezondheid… Maar het heeft niet mogen zijn. En nu sta je daar met de gebroken potten. In de hoop dat er toch minstens iemand/Iemand daar aan de lange werktafel zegt: ‘Weggooien? Mooi niet!’ (titel van een boek over het ontstaan en de bedoeling van het Repair Café).
Gedurende het voorbije weekend mocht ik weer drie keer voorgaan en preken in de gevangenis van Brugge. Ik heb daar in mijn preek gezegd: ‘Waarom zouden we ook de gevangenis niet durven dromen als een soort Repair Café? Waar men gebroken en gekwetste mensen niet zomaar per definitie weggooit in de vergeetput, of aan de kant schuift als definitief kapot en afgeschreven. Of toch minstens deze kapel hier die op zaterdag of zondag een uurtje wordt opengesteld voor iedereen, als een Repair Café’ in het klein, waar iedereen welkom is met zijn ‘brol’ en met zijn (misschien voor een stuk zelf kapot geprutste..?) leven. Tot herstel. Tot genezing en heling, tot heil-iging…
En terwijl ik dit aan het zeggen was, riep een gedetineerde van op haar plaats: ‘Ja meneer pastoor, zeg dat maar eens aan de directie hier van de gevangenis…’
Gode-lieve mensen,
we gedenken en vieren vandaag het zendingsfeest van de kerkgemeenschap. Op Hemelvaart worden ons telkens weer trefzeker de plaatsen aangewezen waar we naar toe moeten gaan om met de Kerk (en vandaag zeg ik er voor de gelegenheid bij: met Beweging.net) een ‘nieuw begin’ te maken.
Hemelvaart leert ons: de ‘stichtingsplaatsen’ voor de Kerk en de Beweging van vandaag en morgen zijn alle plaatsen waar gekwetste, door het verleden en de onkansen getekende mensen leven: op palliatieve zorgen, bij (ex)gedetineerden, bij aids-patiënten, bij asielzoekers, vluchtelingen en mensen zonder papieren, bij oorlogsslachtoffers, bij nabestaanden van zelfdoding, bij echtgescheidenen, uitgeslotenen, gemarginaliseerden, kansarmen… Het volstaat daar iets van Pasen zichtbaar en tastbaar proberen te maken, en meteen zullen wij als Kerk en als Beweging weer geloofwaardig worden. Op die moeilijke plaatsen waar gekwetste mensen leven – dààr mogen wij mensen vergeving aanzeggen, heling en genezing aanreiken, en nieuw-begin voorgoed. En we mogen dat vertalen in een nieuw beleid en in nieuwe structuren, zodat verankerd geraakt in politiek en economie, in ons denken en doen…
We moeten vooral niet zitten wachten op de verre ‘hemel’ en op het hier-**na-**maals om daar mee te beginnen – we moeten telkens weer iets van die ‘hemel’ naar hier halen in het ‘hier-**nu-**maals’… Maar daar is uiteraard een grondige mentaliteitswijziging voor nodig. Bij onszelf en bij de beleidsmakers veraf en dichtbij, in de Kerk en in de wereld. Er zullen nieuwe kansen moeten gecreëerd worden om elkaar te ontmoeten. We moeten opnieuw leren geloven dat er een goed alternatief is voor ‘weggooien’, en dat dit alternatief voor iedereen bereikbaar kan worden gemaakt. We moeten op alle manieren en met alle beschikbare middelen investeren in een daadwerkelijk maatschappelijk en kerkelijk herstel-beleid. We moeten weer leren denken in ‘oplossingen’ in plaats van in ‘problemen’ – zeker wanneer het over (gekwetste en kapotte) mensen gaat…
Zo moge het zijn. Van U is de toekomst – kome wat komt, hier op aarde in het hiernumaals, en hopelijk ooit in het grote Repair Café dat de hemel is… Amen.
geert dedecker
