Gij zult mijn getuigen zijn (2009)

B-cyclus · Paastijd · Olh hemelvaart · wit

* Bij zijn laatste verschijning zei Jezus geen vaarwel. Hij gaf zijn leerlingen de opdracht om in de kracht van de heilige Geest van Hem te getuigen (Hand 1,8). En die opdracht doorklinkt heel het boek Handelingen, het lenteleven van de jonge Kerk (Hand 1,21-22; 2,32; 3,15; 4,33; 5,32; 10, 39-42; 13,31; 22,20…). Het beluisterde evangelie volgens Marcus eindigt zeer krachtig: “Verkondig het evangelie aan heel de schepping” (Mc 16,15). Het gebruikte Griekse woord is hier ‘kerussein’. Dit is: ‘uitschreeuwen’. Heel de mensheid, heel de schepping moet delen in de verrezen Christus.

1. Deze boodschap leek van bij de aanzet menselijk gezien een onbegonnen werk.

  • De apostelen en de jonge christenen voelden zich van meet af een onooglijke minderheid, als geknepen tussen de haat van de traditionele Joden en de overweldigende macht van het Grieks-Romeinse heidendom. De pluralistische wereld waarin de apostel Paulus terecht kwam, was totaal wantrouwig en weerbarstig tegenover zijn getuigenis. En ook valse leraars drongen binnen in zijn geloofsgemeenschap. De eerste drie eeuwen van de kerkgeschiedenis waren de catacombentijd van de martelaren. De gewelddadige manier waarop zij om het getuigenis van hun geloof werden gefolterd en gedood, wordt niet meer doorverteld. Wel is doorheen de tijden de vervolging in haar diverse vormen de normale toestand van de Kerk geworden. De H. Augustinus definieerde de christen als een martelaar, de geloofsgetuige die de gevolgen wil dragen van zijn trouw. Christus had het voorzegd: “Gij zult een voorwerp van haat zijn omwille van mijn naam” (Lc 21,12-19).

\

  • Deze uitdagingen blijven op gevarieerde wijzen bestaan tot op vandaag. - De verklaring van de godsdienstvrijheid van het Tweede Vaticaans Concilie was er niet alleen tot verdediging van de nodige vrijheid waarmee de mens tot geloof komt, maar tevens om ons geloofsgetuigenis overal eerlijke kans te bieden. Dat is vandaag heel moeilijk in landen zoals China, waar het christendom wantrouwig onder staatscontrole wordt bewaakt, in India waar het Hindoeïsme de macht houdt over de gewetens, en waar nog in heel wat Arabische landen de overloop van de Islam naar het christendom met de dood wordt bedreigd. - In West-Europa ervaren we een uitgesproken haat tegen al wat de Kerk is. De vrije meningsuiting is versmacht onder de druk van de dictatuur van de politieke ideologieën. Bladen als “Humo” en “Goedele” konden onlangs ongestraft vrijuit gaan in hun spot met het heiligste van ons geloof. Richard Dawkins kon het eredoctoraat ontvangen in de gewezen katholieke Antwerpse universiteit van de Jezuïeten en er ongestoord zijn atheïsme verkopen. President Obama kon in de O.-L.-Vr.-universiteit van Indiana (VS) pleiten voor abortus, terwijl onder zij ogen een priester met een Marialied op de lippen werd geboeid. Intussen werd de paus door een Belgisch parlementair spoeddebat bijna als misdadiger tegen de menselijkheid gedagvaard, en ontsnapte hij nipt aan een veroordeling door Europa, omdat hij gewoon getuigde voor de christelijke ethische waarden in dienst van een waarachtig mens zijn. Als een staat zich de eindverantwoordelijkheid van de ethiek toe-eigent, leven we terug in de tijd van de keizer-koster. Onze partijen falen vandaag door gemis aan ethische ruggraat. Zelfs onze organisaties die de C van het christendom blijven dragen lijken vaak besmet met dit virus van regressieve progressiviteit. - In de huidige hersenspoeling dragen de media grote verantwoordelijkheid. Het leugenachtig vervolg van de “Da Vinci Code” mag ongestoord de verkondiging van de ware Christus vernietigen. Vorige zondag was het eerste TV-nieuws gedurende ruim 5 minuten de blijde tijding van de eerste geboorte van een olifantkalf in de Antwerpse Zoo, terwijl de doding van het ongeboren menselijk leven doodgezwegen is, en de rijke toespraken van de paus in het Midden-Oosten nauwelijks aandacht kregen: alleen een flits op de 15de plaats met de eenzijdige suggestie van een zwakke beurt in Israël. Roddel over de kerk of fout binnen de kerk verovert uitvergroot voorpaginanieuws.

2. Maar juist in deze wereld ligt voor ons een bijzondere kans tot getuigenis.

  • In het evangelie hoorden wij: “De Heer verscheen aan de elf. Hij maakte hun het verwijt van hun hardnekkig ongeloof…” (Mc 16,14). Vele gelovigen worden moedeloos. Moedeloosheid leidt tot onverschilligheid. De vrees leeft dat ons tekort aan getuigenis de deur opent voor andere religies. Men kent ons geloof niet zoals het is (“La tentation du Christianisme”). Aan Enzo Bianchi, prior van de oecumenische gemeenschap van Bose (Italië) werd gevraagd of het christendom nog toekomst heeft. Hij antwoordde dat wij vandaag als minderheid, bevrijd van een onpersoonlijk conventioneel massachristendom de uitzonderlijke kans hebben om licht in deze duisternis te zijn.

\

  • De eerste christenen hadden als het gevoel dat de verrezen Heer met hen was. Zoals zij moeten wij het geloof voorleven, de harten raken, zodat mensen ons vragen stellen, en in ons antwoord getuigen van onze vreugde en de bron ervan. Wat men niet publiceert is dat tal van volwassenen vandaag kiezen voor de kerk en gedoopt worden. Ali Agca, die Paus JP II wilde vermoorden, is door zijn vergevensgezindheid geraakt geweest. Hij zweert de Islam af, en vraagt om als christen gedoopt te worden op hetzelfde Sint-Pietersplein. Nieuwe gemeenschappen leven vanuit de eucharistische Christus en Maria. Ze zijn tekenen van hoop, de beloftes van een nieuwe lente.

Zoeken in Preken Online