Evangelieprikje (2009)

B-cyclus · Paastijd · 4e zondag van Pasen · wit

Als je naar de winkel gaat, dan merk je het heel vlug of iemand gewoon zijn uren komt kloppen of zijn job met plezier doet. Dat geldt niet alleen voor winkelen, dat geldt zowat voor alle beroepen. Voor welke leerkracht heb je bijvoorbeeld het meest eerbied? Waarschijnlijk voor die leerkracht die gefascineerd was door zijn vak en het zo kon overbrengen dat het aanstekelijk werkte. Vandaag geeft Jezus een jobomschrijving voor christenen nl. herder zijn voor elkaar. Wie niet weet wat Hij daarmee bedoelt, kan aan Jezus een voorbeeld nemen want Johannes legt Hem vandaag een mooie belijdenis in de mond: ik ben de goede herder. Die goede herder gedraagt zich anders dan huurlingen. De goede herder zou zijn leven geven voor de schapen, voor de huurlingen staat het eigen leven centraal. Het is het aloude verschil tussen een job doen of een roeping beleven. Geroepen worden kan uiteraard maar lukken als er geluisterd wordt. De goede herder Jezus getuigt vandaag dat zijn schapen naar Hem luisteren, zelfs schapen die niet uit Zijn schaapskooi komen, zal Hij hoeden met Zijn stem. Een roeping kan nooit een nine-to-five-job zijn, mensen die geroepen zijn worden gedreven door een stem die hen roept. Het is de stem die beslist of er “gewerkt” wordt of niet, niet het uurwerk.

Vandaag is het in onze Kerk roepingenzondag. De goede herder heeft het in onze maatschappij niet altijd gemakkelijk om luisteraars te vinden. Er komt zoveel op ons af, zoveel verschillende stemmen die schreeuwen om méér en beter. En dan is er die schrale, gebroken stem van de mens in nood die ons uitnodigt medemens te worden. Er is de schrik van de hedendaagse mens voor stilte: iPod en mp3 vullen je oortjes met muziek en sluiten je af van de rest van de wereld. Door al die muziek door zoekt God naar een plekje van innerlijke rust in je om tot je te spreken. Sommige mensen voelen die honger naar stilte aan en zoeken ze actief op, anderen kennen ze niet en hebben er geen behoefte aan. Tussen het negatieve nieuws van kranten en tijdsschriften zoekt God een luisterend oor voor Zijn Blijde Boodschap. Ze zet die andere wereld op zijn kop: groot wordt klein, wie groot wil zijn, moet klein worden. En willen we nu niet allemaal groot zijn? In die tijd met die omstandigheden roept God. Roepen is misschien té, want het zou kunnen betekenen dat men gaat denken dat God zo luid roept dat je niet anders kan dan luisteren. Zo is het niet: God roept niet luider dan de stem die je dwingt te leven voor jezelf, niet luider dan de stem om vergelding om het je aangedane kwaad. Maar God roept anders en in dat anders-zijn kan het echt wel om een “roepen” gaan.

In wezen is iedere christen geroepen: geroepen om medemens te worden. Op zich is dat al geen makkelijke opgave: de wereld schreeuwt dat je alleen maar aan jezelf moet denken en die Jezus roept om medemens te worden. Het betekent dat je je leven in een ander perspectief gaat zien. Gelukkig worden is niet iets waar je gaat naar zoeken of waar je gaat voor werken, neen, geluk vind je in je inzet voor die man of vrouw die je namens Jezus vraagt medemens te worden.

Binnen die grote familie van Jezusgelovigen worden nog enkele mensen geroepen om van die Blijde Boodschap hun levenswerk van te maken. Roepingenzondag mag in deze tijd ook nog wel eens toespitsen op de mannen en vrouwen die kiezen voor een religieus leven. Hun leven zal er voortaan in bestaan om het met de woorden van Weemaes te zeggen “mens voor de mensen te zijn, herder als God”. De religieuzen in ons land staan ongetwijfeld voor grote uitdagingen. Net als de wereld zoveel nood heeft aan getuigen die ons vanuit een diep, innerlijk geluk tonen dat ons geloof waardevol is, blijken er steeds minder te zijn. Toch mogen christenen nooit toegeven aan de wanhoop maar moeten zij blijven getuigen van de hoop die Christus’ verrijzenis in ons gewekt heeft. Meer en meer zal van religieuzen gevraagd worden getuigend in het leven te staan en hun geloofsleven te delen met naaste medewerkers. En zo komen we terug bij de idee dat elke gelovige geroepen is. De bijbel geeft ons vandaag het beeld van de herder als voorbeeld mee: iemand die omziet naar de schapen, wegen ten leven aanwijst, beschermt tegen het kwade, …. Iedereen die hier is, mag zich geroepen weten om dat in werkelijkheid om te zetten. Niet omdat het moet, maar omdat wij dankbaar zijn dat God geluisterd heeft naar de eenzame roepende mens. Wij proberen alleen maar te antwoorden op al die liefde …

Zoeken in Preken Online