Er liggen vijftig dagen tussen Pasen en Pinksteren. Pinksteren betekent de ‘vijftigste’ dag. Al die vijftig dagen - zon- en weekdagen - is een van de lezingen in de liturgie uit het boek Handelingen van de Apostelen. Gedurende die periode van vijftig dagen bestrijken de lezingen dat hele boek, van begin tot eind.
De titel Handelingen van de Apostelen doet geen recht aan de inhoud van het boek. Het gaat niet alleen over de apostelen. Het gaat over honderden anderen. Het vertelt hoe de eerste volgelingen van Jezus hun leven reorganiseerden onder invloed van het nieuwe leven dat hen bezielde.
Het is duidelijk uit die beschrijving dat hen dat niet steeds gemakkelijk af ging. Er waren heel wat moeilijkheden te overwinnen. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de beschrijving van de onderlinge hulp die ze elkaar bieden. Ze proberen dat te doen op heel verschillende manieren. Die verschillen worden door ons vaak over het hoofd gezien, met als gevolg dat de teksten over de Organisatie van hun sociale welzijn te radicaal, en daarom als onuitvoerbaar over komen.
In de tekst die we deze week lezen, horen we dat er in een christelijke oergemeente geen noodlijdenden meer waren, omdat al degenen die landerijen of huizen bezaten die verkochten, de opbrengst aan de apostelen gaven, die het dan verder verdeelden onder hen die hulp nodig hadden. Iets wat je natuurlijk maar één keer kunt doen. Maar in een beschrijving van een dergelijke herverdeling in een andere gemeenschap doen ze het op een andere manier. Ze verkopen alles wat ze hebben, en beheren het verder gezamenlijk.
Het gaat er Lucas dus kennelijk niet om welke methode er precies gebruikt moet worden om de nodige onderlinge solidariteit en bijstand te verzekeren. Dat kan op heel verschillende manieren gebeuren. Het gaat Lucas om iets anders. Hij wil ons laten weten dat in die eerste gemeenschappen die onderlinge bijstand gegeven wordt. Het gaat hem er om dat het nieuwe leven dat hier gegeven is, hen naar de Organisatie van deze soort gemeenschappelijkheid doet zoeken.
Het lukt ook niet steeds. Als ze in Jeruzalem met een soort gaarkeuken voor behoeftige weduwen beginnen is dat natuurlijk een prachtig initiatief. Helemaal in de lijn van watje zou kunnen verwachten. Maar binnen de kortste keren zijn ze in de grootste moeilijkheden. De Hebreeuwse weduwen worden bevoorrecht boven de niet-Hebreeuwse. Terwijl de ene groep weduwen het dikke van de soep aan de achterdeur krijgt, krijgen de weduwen van de andere groep het dunne van die zelfde soep aan de voordeur. De diaken Stefanus werd aangesteld om op dit alles toezicht te houden en dit racisme te voorkomen.
Ondanks alle moeilijkheden wordt zo het begin gemaakt met een samenleving, die als een oase was in de wereld waarin ze zich ontwikkelde. Er wordt in die eerste gemeenten niet alleen maar voedsel uitgedeeld, er wordt geprobeerd om allerhande oude problemen - die nog steeds bij ons zijn - op te lossen. Er worden eeuwenoude muren omvergetrokken.
Er wordt geleefd volgens het levensmodel dat Jezus zelf hanteerde toen hij de Samaritaanse om water vroeg, de Grieken ontving die hem wilden zien, de Romeinse officier prees voor zijn geloof, en het verhaal vertelde van de goede Samaritaan die uit zijn etnische cirkeltje stapte om een in elkaar geslagen joodse koopman uit zijn ellende te helpen. Het is die levensstijl die hier overgenomen wordt en die iemand als Lucas zozeer aantrok dat hij er een boek over schrijft.
Om dat te kunnen doen gaat hij na waar dat nieuwe vandaan komt. Zijn speurwerk leidt hem tot de conclusie dat het alles te maken heeft met het leven van Jezus, dat in die nieuwe gemeenschappen door diens volgelingen beleefd wordt. In de hele christelijke heilige Schrift is Lucas de enige auteur, die eenvoudigweg zegt dat christenen - hij is ook de eerste die deze naam voor hen gebruikt! - de geest van Jezus hebben (Hand. 16,7).
Het is een directheid waar velen van ons nog steeds moeilijkheden mee hebben. De kerkelijke overheid had dat vanaf het allereerste begin. Het is niet voor niets dat Lucas’ boek Handelingen van de Apostelen genoemd werd! Het is alsof vanaf dat eerste begin enkelen probeerden die geest alleen voor zichzelf te reserveren!