Doop des Heren (1997)

B-cyclus · Kersttijd · Doopsel van christus · wit

Jezus laat zich in de Jordaan door Johannes dopen. Dat is heel vreemd en tegelijk veelbetekenend: het zegt ons een heleboel over Jezus' houding.
Johannes de Doper preekte een doopsel van bekering. Het valt eigenlijk meer te vergelijken met de biecht, zoals wij die vroeger kenden, dan met het doopsel zoals dat nu toegediend wordt. Kopje onder gaan in de Jordaan betekende in feite: ik was me schoon van de zonden, ik wil een nieuw begin maken. Dat was de intentie waarmee mensen zich door Johannes lieten dopen.
Ook Jezus sluit zich aan bij die mensen. Je vraagt je af: waarom? Hij hoefde zich toch niet schoon te wassen van zonden. Toch ondergaat hij dezelfde ceremonie als de anderen.
Je kunt dat zien als een soort solidariteitsverklaring: Ik hoor ook bij al die kleine zwakke mensen die wel eens fouten maken. Ik sta aan hun kant, ik kies hun partij. En met die keuze maakt Jezus een nieuw begin.
Zijn doop wordt ook altijd gezien als het begin van zijn openbare leven, d.w.z. van de tijd dat hij prekend en weldoende rondging. En de keuze die hij in zijn doop gestalte gaf, heeft hij in dat aktieve leven waargemaakt. Steeds weer maakte hij duidelijk dat hij aan de kant van kleine en zwakke mensen stond, hij koos partij voor mensen die fout zaten, mensen die geen kans kregen in de samenleving van toen.
Hij stond aan de kant van de zieken en gebrekkigen. Hij stond aan de kant van de zondaars en de tollenaars van die tijd, en dat tot grote ergernis van de joodse leiders, de priesters en schriftgeleerden. Die snapten er niets van. Aan hun kant stond Jezus duidelijk niet, dat blijkt steeds weer uit zijn vaak gepeperde uitspraken aan hun adres.
Tot die Jezus zijn wij allemaal gedoopt, en die Jezus wil voortleven en zichtbaar worden in alle gedoopten.
Dopen gebeurt allang niet meer door onderdompelen, tenminste niet in de meeste christelijke kerken. Enkele protestantse kerken, zoals de baptisten, die hebben dit oude gebruik weer ingevoerd. Eigenlijk is het jammer dat dopen niet meer gebeurt door onderdompeling: de symbolisch komt daarin de doop het meest tot zijn recht: ondergaan in het water, dood gaan van de oude mens, en opstijgen als een nieuwe mens, een mens die kiest voor Jezus en zijn weg door het leven.
Het begieten, zoals we tegenwoordig dopen, symboliseert een afwassen en tot voor kort werd met een beetje gezien in dezelfde lijn als dat doopsel van bekering van Johannes. In de begintijd van de kerk werden alleen volwassenen gedoopt, die met hun heidense achtergrond vaak best het nodige op hun geweten hadden: er vielen dus best zonden af te wassen. Later werd de kinderdoop gewoon, en toen kwam dat zonden afwassen wat moeilijk te liggen. Maar toen werd de erfzonde uitgevonden: een soort zondigheid dat elk kind gewoon meekreeg met zijn geboorte.
Tegenwoordig zijn we ons, gelukkig, ervan bewust dat het bij de doop niet gaat om zondenvergeving en zonden afwassen. De doop betekent heel wat meer.
Het betekent op de eerste plaats: ik kies voor Jezus, voor zijn boodschap, voor zijn levenshouding, en ook: ik kies voor de gemeenschap van mensen die die-zelfde keuze hebben gemaakt. Maar als je voor Jezus kiest dan moet je ook, juist als hij kiezen voor de kleinen en de zwakken, dan moet je ook, juist als hij, partij kiezen voor mensen die nu buitengesloten en in de hoek gedrukt worden.
De doop betekent: ik kies voor Jezus. Maar een pasgeboren kindje kan niet kiezen, dat doen de ouders, en dat is goed. Maar het vraagt wel van die ouders dat zij hun kind leren wat die keuze moet betekenen in de konkrete omstandig-heden van het leven.
En het is belangrijk dat het kind die keuze door de ouders zelf bevestigt: dat hij duidelijk maakt dat hij of zij achter de keuze van zijn of haar ouders staat. Vroeger had je de plechtige hernieuwing van de doopbelofte, later kwam daar het vormsel in groep 8.
Het grote probleem is dat kinderen dan nog te jong zijn om zelf echt te kiezen. Tegenwoordig gaan steeds meer stemmen op om het vorm-sel later te doen, liefst rond de 16 of 18 jaar, want dan kunnen ze echt kiezen. In de protestantse kerken kent men rond die leeftijd de belijdenis en dat heeft precies dezelfde betekenis: de keuze van de ouders bevestigen met de persoonlijke keuze.

Zoeken in Preken Online