Jezus voorspelt vandaag weer dat hij door de hoogwaardigheidbekleders van zijn volk zal moeten lijden en sterven. Dat heeft Hij verleden week ook gedaan en je herinnert je nog dat Petrus Hem toen apart nam en daar flink tegen protesteerde. Het kon toch niet dat Jezus dàt zou overkomen!! Want ook Petrus heeft blijkbaar lang gedacht dat Jezus met macht zou werken, dat Hij een soort Koning zou worden over het volk.Maar Jezus heeft Hem toen al duidelijk gemaakt dat een Messias geen machthebber is, niet de grootste is, althans niet volgens wereldse normen. Wat de Messias, wat Jezus, wil is geen macht over anderen, maar liefde voor anderen, niet HEERSEN maar dienstbaar zijn. Het zal u misschien ook wal opgevallen zijn dat als Jezus een wonder verricht, hij niet zomaar uit eigen beweging, vanuit een sterkere positie, bijvoorbeeld een zieke geneest, maar die zieke eerst VRAAGT: wat wil je dat ik voor U doe? m.a.w. niet mijn verlangen is belangrijk, maar jouw verlangen, niet ik ben de bangrijkste, jij bent de belangrijkste.
En toch begrijpen de leerlingen het nog altijd niet. Want ook vandaag weer wordt er door zijn leerlingen achter zijn rug getwist wie de belangrijkste is.
En om het nu maar eens heel duidelijk te maken wat voor God en voor Jezus belangrijk is, zet hij een kind in hun midden.
Dat lijkt een romantisch gebaar. Het is dan ook vaak zo afgebeeld. Een kring van ruige apostelen, een lieve Jezus, en een snotterig verlegen kind in hun midden, jong, open, ontvankelijk. In onze ogen een heel lief en romantiesch gebeuren. Maar……dat is het nu juist niet!! Wat hier gebeurt graaft veel dieper.
Dat gebeurt in een andere cultuur dan de onze. Hij doet het in een tijd en streek, dat kinderen op de allerlaatste sport van de sociale en economische ladder staan, wat status en rechten aangaat. Zoals dat ook nu nog is in zoveel streken, bevolkingslagen. Een kind heeft daar niets te zeggen, niets te willen, zoals nu nog zoveel straatkinderen in arme landen.
Hij neemt het kind, plaatst het in hun cirkel, omarmt het en identificeert zichzelf ermee, zeggend: ‘Wie een kind als dit opneemt in mijn naam, neemt mij op; en wie mij opneemt neemt niet mij op, maar hem die mij gezonden heeft.’
Dit is niet de enige keer in het evangelie volgens Marcus dat Jezus kinderen en de manier waarop zij behandeld werden en behandeld zouden moeten worden, als model neemt voor zijn sociaal programma (9,42; 10,13-16).
Het moet voor zijn leerlingen een onverwachte schok geweest zijn, toen ze hem dat zagen doen. Het betekent namelijk niet alleen dat kinderen zo in de ogen van God en diens Mensenzoon even belangrijk zijn als die goddelijke personen zelf, het betekent tevens dat Jezus hier hun hele wereld, en de hele hiërarchische orde ervan, omver gooit. Wat boven scheen, is nu onder, en wat onder was boven. Wat eigenlijk helemaal geen prioriteit had, is nu plotseling de eerste geworden.
Toch gaat het daar bij Jezus in dit voorval niet op de eerste plaats om. Het gaat hem in de eerste plaats om zijn leerlingen. Die moeten hun eigen persoonlijke verhoudingen ten opzichte van zichzelf, van elkaar en ten opzichte van alle anderen herzien. Het is tegen hun manier van denken, hun waarden en normen dat Jezus zich richt. Wie in de ogen van de apostelen het onbelangrijkst, het minst van tel was, is even belangrijk als alle anderen.
Hopelijk heeft Jezus ook ons met dit gebeuren onze ogen geopend en ons laten zien dat wie ‘belangrijk’ wil zijn niet dingen voor zich opeist, maar juist dienstbaar is aan de anderen.