18e zondag door het jaar B

B-cyclus · Tijd door het jaar · 18e zondag · groen

Achttiende Zondag door het jaar - B 4 augustus 2024

Evangelie: Johannes 6, 24-35

Wat zegt Mgr. Romero ons op deze zondag?

Mgr. Romero geeft vandaag aan zijn preek de titel: ‘De Goddelijke Redder, brood uit de hemel en leven voor de wereld’. Voor het samenstellen van deze Bouwstenen vertrekken we van twee citaten uit deze preek voor de Achttiende Zondag door het jaar-B.

“Geliefde broeders en zusters, voeg bij de politieke, sociale en familiale honger die er is in het land, ook jullie eigen angsten. En jullie zullen zien hoe waar het is dat ‘honger’ het teken is en de samenvatting van alle ellende, van alle repressie, van alle vormen van je niet goed voelen.” “’Honger’ is als een soort synthese van dat alles. En daarom heeft de Heer die honger uitgekozen om haar te stillen, als teken van iets dat groter is. Omdat ‘brood’ niet alleen iets is wat de lichamelijke honger stilt, maar vooral ook het teken is van bevrijding. En er zijn twee manieren om dat woord ‘bevrijding’ in te vullen en te begrijpen: er is de tijdelijke bevrijding, en die gebeurt door het brood dat de maag vult en de onmiddellijke honger stilt. Maar er is ook de integrale bevrijding, en dan staat het brood voor datgene wat nodig is om een ander en dieper soort honger te stillen. Omdat, zelfs als je genoeg ‘gewoon’ brood hebt, dat toch nog niet genoeg blijkt te zijn – omwille van het feit dat je nog niet vrij bent.”

“Christus onderscheidt duidelijk die twee soorten honger en die twee soorten brood, en, zoals ook de Kerk ons reeds heeft gezegd: het aantal verzoeken of eisen die wij stellen voor alleen maar aardse dingen of de contracten die we daaromtrent afsluiten – dat is niet genoeg. Het is allemaal wel belangrijk en goed natuurlijk, maar het is niet genoeg. Christus zegt: ‘Werk niet alleen voor het brood dat vergaat.’ Strijd niet alleen voor eisen die vandaag bestaan ​​en morgen aan de kant kunnen gegooid worden. Want je moet weten: degenen die nu onder repressie en vervolging lijden, kunnen, als ze hun hart en geest niet veranderen, morgen de onderdrukkers uit andere tijden zijn. Het is dus noodzakelijk om de ware, diepere betekenis te ontdekken die Christus aan het teken ‘brood’ geeft.”

Honger en brood. Zij vormen de harde realiteit van miljoenen mensen in de wereld. Ze komen dan ook dikwijls voor in de Bijbel. En ze zijn als tegengestelden fundamenteel met elkaar verbonden. Mgr. Romero helpt ons om de evangelieverhalen over de honger van duizenden mensen en over het noodzakelijke delen van het brood, niet te lezen als zomaar een soort van journalistiek of als pure geschiedschrijving over iets wat lang geleden is gebeurd.

HONGER: Het gaat hier in de eerste plaats om de vinger die gelegd wordt op één van de diepste en meest pijnlijke open wonden in de mensengeschiedenis, ook vandaag. Terwijl we beschikken over alle middelen om de honger uit de wereld te bannen, lijden op dit moment zowat 783 miljoen mensen honger in de wereld, of bijna 10% van de wereldbevolking. Ze lijden en sterven van ondervoeding, ziekte en uithongering. Maar Aartsbisschop Romero verruimt het sterke symbool van de HONGER nog naar een aantal andere fundamentele noden en vormen van lijden: “… Voeg bij de politieke, sociale en familiale honger die er is in het land, jullie eigen angsten.”. “’Honger’ is het teken en de samenvatting van alle ellende, van alle repressie, van alle vormen van je niet goed voelen”. De evangelieverhalen waarin sprake is van de grote menigte die honger had – ze gaan dus in de eerste plaats en vooral over die multidimensionale HONGER in de mensengeschiedenis, in de wereld, in ons eigen land, en in ons eigen leven.

BROOD: Hier gaat het dan ook allereerst over (voldoende, gezond, evenwichtig) voedsel, dat de eerste dimensie van de honger kan stillen. Het is wraakroepend en hemeltergend dat in onze huidige geschiedenis dagelijks tonnen voedsel vernield worden en weggegooid, en dat onze regeringen over duizenden miljarden euro’s beschikken om de militaire bewapening en de oorlogsindustrie te blijven financieren, terwijl 1 op de 10 mensen in de wereld ondertussen honger lijdt. Het ontbreken van dat basisbrood is een blijvend schandaal van onze mondiale beschaving. Maar Mgr. Romero neemt ons ook mee naar de andere dimensies van BROOD: “… Omdat ‘brood’ vooral ook het teken is van bevrijding”. Daarmee opent hij twee extra-dimensies. Er is het ‘brood’ als teken van bevrijding van alle vormen van onrecht, uitbuiting, geweld, uitsluiting, verkrachting van mensenrechten. De Aartsbisschop beklemtoont zo dikwijls in zijn preken en geschriften hoe belangrijk het is dat de volkeren zich bewust worden van de oorzaken van hun lijden, en dat ze zich organiseren en strijden voor gerechtigheid op alle vlakken. Maar hij herinnert ons ook altijd aan een latent gevaar: “… degenen die nu onder repressie en vervolging lijden, kunnen (…) morgen de onderdrukkers uit andere tijden zijn”. De geschiedenis (ook de huidige) laat voldoende zien hoe leiders van revoluties, nadat ze een tijdje aan de macht zijn, zo gemakkelijk en snel tot nieuwe onderdrukkers van hun eigen volk evolueren.

Daarom heeft ‘brood’ ook nog een tweede dimensie: “… het staat voor de integrale bevrijding. Omdat, zelfs als je genoeg ‘gewoon’ brood hebt, dat toch nog niet genoeg blijkt te zijn – omwille van het feit dat je nog niet vrij bent.” Het komt er op aan “… hart en geest te veranderen”, en vrije mensen te worden die bereid zijn tot radicale dienstbaarheid, tot (brood) breken en (brood) delen. Het leven van Jezus, en van wie Hem in radicaliteit gevolgd heeft, wordt dan de weg die leidt naar die integrale bevrijding, naar de echte vrijheid om alles wat je bent en alles wat je hebt, je hele leven, te breken en te delen.

“… Het is dus noodzakelijk om de ware, diepere betekenis te ontdekken die Christus aan het teken ‘brood’ geeft.” Hij zelf wordt dan het levensnoodzakelijke BROOD op de weg van Gods Rijk. Hij is het Brood, en Hij is de Weg. Daarop mogen we vertrouwen. Geloven wordt dan: zich durven te wagen aan die weg van breken en delen. Maar je moet weten: het risico is groot dat je dan te midden van deze wereld van ‘honger’ (in alle betekenissen van het woord) vroeg of laat ook zelf gebroken wordt door wie macht, invloed en rijkdom ophoopt.

En toch vertrouwen christenen erop dat die weg van dat ‘Brood-breken’ het zal halen op alle vormen van ‘honger’, ook op die allerlaatste, de dood. Daarom vieren christenen (in El Salvador op 6 augustus, het patroonsfeest van de hoofdstad San Salvador en van het hele land) het Feest van de Goddelijke Redder.

Suggestie van vragen voor bezinning en actie, persoonlijk en in onze gemeenschappen:

Hebben we vrienden en bekenden bij mensen die honger lijden (in de strikte zin van het woord)? Wat betekent dat voor ons, waartoe roept het ons op?

Hoe zijn we verbonden met ‘mensen die honger hebben’ (in de brede zin van het woord)? Wat mogen we van hen leren?

Op welke manier zijn wij ‘brood’ voor andere mensen, dichtbij en veraf? Hoe zijn we daarin verbonden met de Verrezen Gekruisigde? Hoe mogen we groeien in het ‘brood-breken’, en welke concrete stappen kunnen we daar in zetten?

Ludo Van de Velde

Ludo Van de Velde (1949), afkomstig uit Oelegem, leefde en werkte sinds 1977 in Centraal- Amerika. Hij was gedurende 9 jaren fidei donumpriester in Guatemala, El Salvador en Nicaragua. Hij is gehuwd en vader van twee dochters. Wonend in El Salvador was hij gedurende 25 jaren eerst ngo-coöperant en nadien regiocoördinator van Volens. Dank zij de diepe inspiratie van Mgr. Romero en de roep van arme mensen in kerkelijke basisgemeenschappen aan de rand van San Salvador, kon hij, samen met zijn vrouw Tere, de laatste 10 jaren met hen weer verder optrekken. Zo werd hij opnieuw wie hij altijd geweest was: priester in dienst van de armen en in dienst van het Evangelie. Sinds eind februari 2021 wonen ze in Brugge, dicht bij hun (klein-) kinderen, op zoek naar nieuwe uitdagingen.


Wekelijkse reflectie onder het licht van Romero - nr. 20. Achttiende zondag door het jaar-B – 4 augustus 2024.

Heer, vernieuw ons innerlijk met gerechtigheid en heiligheid.

“Heer, ik wil niet als een oude man zijn. Heer, ik wil geen belemmering zijn voor de vooruitgang van mijn land. Heer, het zij verre van mij om tot de bendes van Salvadoraanse moordenaars en afpersers te behoren. Heer, heb medelijden met zoveel criminelen, intellectuelen en materialisten. Heer, verander de harten van degenen die regeren en van degenen die geregeerd worden. Verander, Heer, het hart van het land, vernieuw ons innerlijk met gerechtigheid en heiligheid. Voor degenen die de moed hebben opgebracht om voor een nieuw vaderland te vechten en die er naar streven om tegemoet te komen aan de eisen van het volk: laat hen begrijpen dat zij hun energie niet alleen moeten besteden aan het brood dat hun magen vult, maar dat zij moeten opstaan ​​om te strijden en te sterven. Want als je sterft, zoals de priesters zijn gestorven, met de idealen in het hart van het Koninkrijk der hemelen, zoals de dierbare Padre Macías die daar vandaag ligt in San Esteban Catarina, dan moet je weten: dit zijn de paden die moeten worden gevolgd. Zulke mensen sterven wel, maar ze blijven leven.”

Op 6 augustus wordt elk jaar in El Salvador het Feest gevierd van de Goddelijke Verlosser van de Wereld, de patroonheilige van de hoofdstad San Salvador en van het hele land. Terwijl de viering van dat feest naderde, eindigde Mgr. Romero zijn zondagse homilie met bovenstaand merkwaardig gebed. In zijn homilie zelf had hij commentaar gegeven op de moord die daags tevoren was gepleegd op Padre Macías - 4 augustus 1979.

Aartsbisschop Romero heeft herhaaldelijk opgeroepen om onvermoeibaar te blijven werken aan het uitroeien van de onrechtvaardige structuren. De eisen en de revolutionaire strijd van de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw hadden deze radicale verandering, de letterlijke ont-worteling van het onrecht, als horizon en uiteindelijk doel. De akkoorden van het einde van de oorlog (in januari 1992) openden zoveel jaren later in El Salvador weliswaar een politieke ruimte (er ontstond enige formele democratisering, er was een vernieuwing van het politieapparaat, er kwam een procureur-generaal voor de mensenrechten, er was een nieuwe rol uitgetekend voor het leger, enz.), maar al die maatregelen raakten helemaal niet de economische dimensie aan van het échte probleem (met name: de zeer onrechtvaardige economische structuren). In plaats daarvan werd het mondiale neoliberale kapitalistische systeem alleen nog meer geconsolideerd. En dus ging de strijd door, en die duurt tot vandaag,..

In het bovenstaande citaat uit zijn homilie nodigt Mgr. Romero ons uit om ons bewust te worden van een veel diepere revolutie die noodzakelijk is. Hij spreekt ons over het veranderen van ons hart en over het vernieuwen van onszelf met gerechtigheid en heiligheid. Het is een oproep aan de personen die zich bevinden op verschillende overheidsniveaus, en aan de bevolking in het algemeen. Hij vraagt ​​aan ieder van ons om onszelf van binnen te transformeren. Hij noemt in dit citaat twee dimensies van deze noodzakelijke en urgente persoonlijke transformatie: rechtvaardigheid en heiligheid.

De term rechtvaardigheid houdt verband met het rechtssysteem (dat de wetten eerlijk moet toepassen), met de economische structuur (die echte en concrete kansen moet creëren voor een waardig leven voor iedereen), met politiek werk (dat eerlijke wetten moet ontwikkelen ter verdediging van het leven, van de mensheid en de natuur, en dat moet zorgen voor gerechtigheid op alle niveaus). Mgr. Romero vraagt ​​ons nu om ook op persoonlijk vlak rechtvaardig te handelen. Het is dus niet alleen een kwestie van structuren die moeten veranderen, maar rechtvaardigheid heeft ook een persoonlijke dimensie: hoe handelen we in relatie tot andere mensen, vooral in relatie tot mensen en gezinnen die armer zijn dan wij? In een onrechtvaardig systeem reproduceren we zo gemakkelijk het bestaande onrecht nog eens extra vanuit ons eigen hart. Het onrechtvaardige systeem infecteert ons als het ware ongemerkt, met een virus en in een proces dat veel schadelijker is dan COVID-19. Het zou goed zijn dat we de gevolgen daarvan eens grondig zouden bekijken op het gebied van het werk, van de bedrijven en de volksorganisaties (inclusief de NGO’s), op politiek gebied, op het vlak van onderwijs en ook in de relatie tot het huishoudelijk personeel.

De tweede dimensie van de verandering in het hart heeft te maken met heiligheid. Vanuit de Kerken en nog meer vanuit de meeste volksdevoties worden vooral zeer religieuze, vrome mensen als heiligen beschouwd – zij die allerlei rituelen consciëntieus en gewetensvol naleven. Wij geloven echter dat heiligheid op mensen moet worden toegepast als een diepmenselijke eigenschap die vorm krijgt in politieke, sociale, culturele en economische standpunten en acties. Heiligheid is de meest radicale uitdrukking om over menselijkheid te spreken. Vanuit de christelijke traditie is ons referentiepunt daarbij altijd Jezus van Nazareth, als Iemand Die Zijn ‘menselijkheid’ tot het uiterste heeft beleefd, werkelijk als een ‘onmiskenbaar beeld van de God van het leven’. Is het niet hoogst ongelukkig en intriest dat in de Roomse Kerk de formele verklaring van de heiligheid van een persoon afhangt van iets wat een ‘wonder’ of een ‘mirakel’ genoemd wordt - zijnde een gebeurtenis die (tot op dat moment) niet wetenschappelijk te verklaren is en daarom geïnterpreteerd wordt als een bovennatuurlijke interventie? De heiligheid van een persoon moet veeleer worden herkend en erkend in de radicaliteit van zijn menselijkheid, van het leven of het geleefd hebben als het beeld van God - dat wil zeggen: volgens de dimensies van het Koninkrijk van God, met name rechtvaardigheid, broederschap, solidariteit, gelijkheid, vrijheid, barmhartigheid, onvoorwaardelijke liefde,… Mgr. Romero vraagt ​​ons om deze grote transformatie in ons leven door te voeren: heilig te leven, dat wil zeggen radicaal en tot het uiterste, vol van menselijkheid, waarachtig als beeld en gelijkenis van de God van het leven.

Opvallend is het feit dat Mgr. Romero zijn homilie vandaag afsluit in de vorm van een gebed. De voorbeden die hij formuleert zijn nauw verbonden met de harde, gewelddadige realiteit waaronder de mensen lijden. Zijn woorden uit 1979 blijken echter letterlijk ook van toepassing te zijn op de realiteit van het geweld dat het Salvadoraanse volk in de vele jaren daarna heeft ervaren, sinds de Akkoorden die een einde maakten aan de oorlog. Het waren dan alleen niet langer het leger en de guerrilla die fungeerden als ‘de bendes van Salvadoraanse moordenaars en afpersers’, maar wel de gewelddadige ‘bendes’, de zogenaamde ‘mara’s’, die meer moorden pleegden dan er tijdens de twaalf jaar van oorlog werden geteld.

In zijn gebed richt Mgr. Romero zich tot de Heer, de Verlosser van de wereld, voor degenen die zoveel misdaden begaan en hij hoopt dat er genade voor hen zal zijn. Maar bovenal roept hij op om het hart van het land en zijn inwoners te veranderen. De vernieuwing van het innerlijk met gerechtigheid en heiligheid is ieders verantwoordelijkheid. Ons gebed voor vrede, de vrucht van gerechtigheid, moet vorm krijgen in een verandering van ons hart, zodat de volksorganisaties met hun strijd vanuit rechtvaardige eisen werkelijk zouden kunnen bijdragen aan het welzijn van iedereen. De toekomst van het land hangt niet alleen af van de regeringen, die het resultaat zijn van verkiezingen, maar in de eerste plaats van het georganiseerde volk, van een volk dat van hart is veranderd; een georganiseerd volk dat intern de waarden van het Koninkrijk van God naleeft. Laten we bidden. Laten we ons verzetten. Laten we vechten voor gerechtigheid. Laten we getuigen zijn van ‘een andere mogelijke wereld’. We hoeven niet bang te zijn.

Tere en Ludo Van de Velde

Voor wie Spaans begrijpt: we delen graag ook nog een andere reflectie op basis van enkele citaten uit dezelfde homilie van Mgr. Romero, uitgesproken op de Achttiende zondag door het jaar-B, 5 augustus 1979, met een overdenking erbij van mijn eigen hand (2015), later opgenomen op de St. Matthew’s Radio van de Anglicaanse Kerk in de VS:

233 Dios no quiere la dispersión:

Deze reflectie was oorspronkelijk geschreven voor zondag 1 augustus 2021, en werd nu herzien voor de Achttiende zondag door het jaar-B, 4 augustus 2024. Voor deze overdenking hebben wij een citaat genomen uit de homilie van Monseigneur Romero tijdens de eucharistieviering op de Achttiende zondag door het jaar-B, 5 augustus 1979. Homilías, Monseñor Oscar A Romero, Tomo V, Ciclo B, UCA editores, San Salvador, p. 183.

Zoeken in Preken Online