17e Zondag B (2006)

B-cyclus · Tijd door het jaar · 17e zondag · groen

Op de voorpagina van mijn krant afgelopen donderdag[15]: een foto van een “Israëlische soldaat tijdens een korte gevechtspauze aan de Libanese grens” zoals het onderschrift meedeelt. Hij is aan het bidden. De soldaat is aan het bidden. Vroomheid en wreedheid. Het is, dierbare gasten en parochianen van deze Vredeskerk; dat is een combinatie van menselijke mogelijkheden waarmee we vertrouwd zijn helaas … “Gaat met het lied van God in uw mond, het vlijmscherpe zwaard in uw handen” - zo bidden we elke zondagmorgen hier in deze kerk in de 149ste psalm. En elke zondagmorgen wéér stuiten me de woorden tegen de borst.

Vroomheid en wreedheid. Je hoeft er niet eens voor naar het Midden-Oosten. Van de week nog kwam ik op straat iemand tegen die ik al een hele tijd niet meer hier in de kerk had gezien. In tranen vertelde de persoon in kwestie mij waarom niet. “Ik voel mij onheus, onrechtvaardig, onaardig behandeld door iemand hier”. Dat bleek de reden van ’t wegblijven … En dan kan ík duizend keer vinden en ook zeggen: Gooi je dan niet het kind met het badwater weg? Het is toch niet goed als je vanwege een conflict met één iemand de hele kerk loslaat? Als je dat conflict tussen jou en Onze Lieve Heer in laat komen … Duizend keer kan ik dat vinden - maar in de praktijk werkt dat anders. “Vredeskerk” wordt deze kerk genoemd. Ik vind dat een gevaarlijke naam - omdat het als naam soms een vlag is die de inhoud hier niet dekt; omdat het een pretentieuze naam is in zekere zin en omdat we die pretentie hier met elkaar soms gewoon níet wáármaken … De Vredeskerk kan ook een wréde kerk zijn voor mensen, een kerk die tekortschiet en tegenvalt. Ik zeg dan ook maar altijd liever: “Kerk van Onze Lieve Vrouw Koningin van de Vrede”. Want Onze Lieve Vrouw heeft de vrede, dat weet ik zeker. Wij hebben die vrede vaak niet. Ook dát weet ik zeker.

Wat is er nou precies gebeurd tussen die Dina, de dochter van Jakob en het zusje van die vele potige zonen van Jakob; wat is er voorgevallen tussen háár en Sichem, de zoon van “de Chiwwiet Chamor”? Hij is dus niet van het houtje Sichem, hij is géén Israëliet. En er is reden om aan te nemen dat dát feitelijk een veel groter probleem is voor haar vader en haar broers dan de zogenaamde verkrachting die haar, Dina, ten deel valt. Dat stáát er wel: (Chamor) “Hij overweldigde en verkrachtte haar”. Maar hij voelde zich ook “onweerstaanbaar tot haar aangetrokken” en was verliefd op haar. Er is reden om aan te nemen, dierbare gasten en parochianen, dat die zogenaamde verkrachting van Dina wat is aangedikt in onze bijbeltekst. Het zou wel eens kunnen zijn dat de aantrekkingskracht van Sichem tot Dina niet helemaal eenzijdig was, maar dat ook Dina het nodige gevoeld heeft … maar dat is raden, want in onze bijbeltekst zegt ze zelf geen stom woord. Het zijn die potige broers en haar vader die het woord voeren en die alles regelen. Aan háár, aan Dina, wordt niets gevraagd. Wat heeft zij gevoeld? Wat is er precies gebeurd tussen haar en Sichem? En welke consequenties zou zíj daar aan willen verbinden? - Het werd in de oud-joodse maatschappij en het wordt in vele hedendaagse maatschappijen echter niet belangrijk geacht: wat vrouwen vinden en willen … Misschien voelde Dina ook wel iets voor Sichem? Maar zo’n liefde zou altijd een onmógelijke liefde zijn geweest en blijven. “Er waren twee koningskindren, zij hadden malkander zo lief. Maar ze konden elkander niet krijgen, het water was te diep.” Er is een tijd geweest dat er in de rooms-katholieke kerken, ook in deze kerk, gepreekt werd tegen de zogenaamde “gemengde verkering” - dat een katholiek meisje bijvoorbeeld, zoals dat heette, “kennis had aan” of “omgang had met” een niet-katholieke jongen. De rapen waren dus goed gaar als ’t tóch gebeurde … Hoeveel drama’s en tragedies heeft dat niet opgeleverd? Wat speelde er tussen Dina en Sichem? Het zou wel eens kunnen zijn dat er een verkrachting van gemáákt is door die broers vooral - zodat ze een excuus hadden om op een vreselijke manier wraak te nemen. Verkrachting of niet, wat er vervolgens gebeurt is buiten elke proportie. Om een ordentelijke verbintenis tussen Dina en Sichem mogelijk te maken, gaan de Chiwwieten zelfs zo ver om zich te laten besnijden. En als de mannen dan drie dagen later nog altijd pijn hebben aan hun piemel en koortsig zijn, dan worden ze door Dina’s broers allemaal aan het zwaard geregen. Hun vrouwen en kinderen worden gevangen genomen en hun huizen worden helemaal leeggeroofd. Vader Jakob knijpt ’m nu vanwege de andere volken die nog in het land aanwezig zijn. Maar God houdt hem en zijn zonen de hand boven ’t hoofd. Er staat: “God joeg de inwoners van de steden in de omtrek zo’n angst aan dat ze het niet waagden Jakobs zonen te achtervolgen.” En Jakob bouwt een altaar in Betel, “voor de God die naar mij omgezien heeft toen ik diep in de ellende zat en die mij op mijn hele reis ter zijde heeft gestaan.”

Waarom staat deze geschiedenis in de bijbel? En waarom worden we er op deze zondag mee geconfronteerd? Ik denk: omdat het de realiteit is. Zo is ’t op aarde nog altijd: Vroomheid en wreedheid kunnen hand in hand gaan. Kijk maar naar het huidige Israël. Kijk maar naar Hezbollah. Kijk maar naar El Qaida. Kijk maar naar die vrome president Bush met z’n Guantanamo Bay. Iedereen heeft ’t heiligste gelijk. Iedereen heeft God aan z’n zijde. En iedereen heeft ’t volste recht om arme mensen de meest vreselijke dingen aan te doen … Wat een wereld! Soms ben je inderdaad geneigd om te denken: Waren we niet beter af op aarde zónder God en zonder godsdienst? Het is natuurlijk een zinloze vraag, want uitproberen kunnen we dat natuurlijk niet - behalve misschien voor jezelf. Ik ken een vrouwelijke dominee hier in de stad die ’t eens een half jaar gedaan heeft: niet naar de kerk, niet bidden, geen bijbellezen … Het was geen succes. Haar bestaan werd heel leeg. En ze begon ’t allemaal vreselijk te missen. Ik ben ook bang mensen dat we in een wereld zonder geloof en zonder godsdienst, zonder Gód, van de regen in de drup zouden komen … Dan raakt het hek misschien helemáál van de dam. Dan worden het geld, de materie, de consumptie, dan worden lol, sex en egocentrische liefde gód - wat toch al verregaand het geval is … Wat dan? Ik denk mensen: De oplossing (of minstens: een belangrijk deel van de oplossing) zit ’m in het geloof en in de God van Jezus. Jezus met z’n brood en z’n vissen - genoeg om iedereen te voeden, een onuitputtelijke hoeveelheid. Als je deelt wat je hebt, juist met degenen die niet van jouw houtje zijn, dan verlies je helemaal niks, dan ráák je niks kwijt - nee, daar win je alleen maar bij, daar word je juist rijker van. Vorige week zondag vierde ik de heilige eucharistie samen met pastor Wim, vijf van ons plus een Franse kluizenares in ’t gras, bij een groot houten kruis boven op een Zuid-Franse heuveltop. De kluizenares, Magnificat, 66 jaar oud, zat dagelijks vele uren voor het heilig sacrament geknield in het kapelletje van het huis in het eenzame dal waar wij mochten verblijven, de hele dag zong ze hymnen en psalmen voor God, voor Jezus, voor Maria en de heiligen. Ze werkte in haar moestuin, ze schilderde ikonen, ze was goed en lief voor ons en altijd ontspannen en opgewekt. Duidelijk een mens met wie God zijn verhaal schrijft, een mens die bewijst dat God bestaat en Liefde is. Dat was afgelopen week in Frankrijk. Wij werden er door God gevoed. Zoals wij ook vandaag door God worden gevoed. Moge Hij U en mij blijven voeden. Mogen U en ik ons voedsel bij Hem blijven zoeken. Mogen wij het van Hem blijven verwachten. En mogen wij zelf voedsel zijn en méér en méér worden voor deze wereld. Mogen wij in deze van haat en onverzoenlijk lijkende tegenstellingen vervulde wereld instrumenten zijn en méér en méér worden van Zijn vrede. Dat we toe mogen groeien naar een wereld van vroomheid zonder wreedheid. Amen.

Zoeken in Preken Online