Als u de aantekeningen goed hebt gelezen vermoed ik dat dit verhaal een heel nieuw perspectief krijgt. Johannes wil geen mirakel beschrijven waarbij Jezus iets doet dat tegen de wetten van de natuur ingaat en waardoor een bewijs zou geleverd worden dat Hij over goddelijke kracht zou beschikken; Johannes schreef voor een gemeente van joden die zich tot het christendom hadden bekeerd. Via zijn tekst wil hij hen meenemen om in hun eigenste traditie weer op weg te gaan naar de vrijheid toe net als in de begintijd. Het verhaal van de broodvermenigvuldiging wil mensen aansporen om zich te laten raken door de diepere betekenis van het brood. Het brood is symbool voor de levende Christus die wil meetrekken met zijn gelovig volk, die als het nieuwe manna wil gedeeld en gegeten worden.
Vanuit dat perspectief krijgt ook onze eucharistie haar diepe betekenis. Het eucharistische brood is er niet op de eerste plaats om vereerd en aanbeden te worden, maar verwijst zoals bij Elisa en bij Jezus naar de nood en het tekort van mensen. Wie eet van dit brood neemt een engagement op zich. Hij wil in het spoor van de Uittocht een weg van bevrijding gaan. Maar om die tocht tot een goed einde te brengen hebben we Jezus zelf als voedsel gekregen. Hij is brood uit de hemel, kracht van elders opdat we hier en nu elkaar van dienst zouden zijn.
Ik stel voor dat we nogmaals het verhaal beluisteren, maar nu met alles wat we daarover weten als achtergrond.