Bidden (2006)

B-cyclus · Tijd door het jaar · 12e zondag · groen

Bidden. Het is een vreemd woord geworden. Ik weet niet hoe met jullie zit, maar soms ben ik een beetje jaloers op mijn moslimcollega’s die met een vanzelfsprekend gemak vijf keer per dag zich terugtrekken om te bidden. En zij doen dat niet alleen in de strenge moslimlanden zoals Saudi Arabië, maar ook in zeer geseculariseerde omgevingen als de high-tech kantoren in het westen!

Ik kom nog uit een tijd waar in ons gezin regelmatig werd gebeden. Wij zegden ’s ochtends onze drie weesgegroetjes op, baden voor en na de maaltijd en ’s avonds baden we in familiekring luidop de rozenkrans. Ik betrap er mij op dat ik soms na een maaltijd nog altijd een kruis sla voor ik de tafel verlaat. Daarnaast werd er luidop gebeden in de kerk, in processies, in de meimaand bij een kapelletje, op een overlijdenswake… Blijkbaar is dit alles definitief weg, verleden tijd. Wat nog overblijft, is het beeld van een wielrenner die snel een kruisje slaat bij de start van een koers of een voetballer die hetzelfde doet voor hij het veld oprent.

Als wij het vandaag hebben over bidden, bedoelen wij meestal een dichterlijke tekst, die op een plechtige manier gebracht wordt in een viering. Maar hoeveel van dat alles blijft eigenlijk hangen? Dus kom ik weer bij de vraag die ik in het begin stelde: Wat is bidden eigenlijk? Hoe kan ik bidden in deze tijd?

Marcel heeft een tijdje geleden een tekst geschreven over bidden en spiritualiteit. Daarin staan heel interessante dingen over de evolutie van het bidden en ook enkele aanzetten hoe het eigenlijk verder zou kunnen. Uit deze tekst leg ik U enige ideeën voor, in de hoop dat het ons ook verder kan helpen.

Volgens de analyse van Marcel is een voorname reden waarom de oude modellen van bidden niet meer werken, de toegenomen individualisering van onze maatschappij. Wij leven meer op ons eentje, we doen minder dingen samen. Het vraagt organisatie om als gezin nog samen te eten! Dingen in een grotere groep doen is nog minder vanzelfsprekend. Waar vroeger veel in groep werd gebeden, is dit nu helemaal weggevallen.

Daarenboven werd religie een privé-zaak. Het is taboe om erover te spreken. Bidden als een uitdrukking van religiositeit is verbannen naar de eigen persoonlijke wereld, dat doe je in de kerk, maar niet elders en zeker niet in groep!

Een verwijt dat ik vaak hoor van mijn kinderen is dat de taal die wij hanteren in de kerk of de kapel hen niet meer aanspreekt. Sinds het concilie zijn er vele pogingen geweest om gebeden te maken in een taal die dichter aansluit bij het hedendaagse aanvoelen. Maar ook dat schijnt niet echt te werken. Ik merk bij mezelf dat het wel even mijn aandacht trekt, maar niet echt diep en lang blijft hangen. Mensen die de kerk verlaten hebben, en die op zoek zijn naar spiritualiteit worden door deze woorden en gebeden blijkbaar ook niet gegrepen. Zij vinden er niet in wat zij zoeken, het is te cerebraal, het staat te ver af van wat hen bezig houdt. Velen zoeken dan hun beleving van spiritualiteit, los van het kerkelijke kader. Zie maar het succes van de Dalai Lama enkele weken geleden bij zijn bezoek aan België. Blijkbaar is er vraag naar een uitdrukking van spiritualiteit, maar voldoen de oude woorden en vormen niet meer, en hebben we nog niet een nieuwe taal gevonden.

Een andere oorzaak waarom de oude vormen van bidden niet meer werken heeft te maken met een veranderde visie op lichamelijkheid. Vroeger was knielen, rechtstaan, buigen, de normaalste zaak van de wereld tijdens het bidden, het hoorde erbij. Dit blijkt niet meer te kunnen. Vermoedelijk heeft dat te maken met een veranderde visie op lichamelijkheid. Het lichaam wordt gezien als een “instrument” van de persoon, waaraan gewerkt wordt, waar ingrepen op kunnen gebeuren als het niet meer voldoet. Dat staat in scherp contrast met een beleving van het lichaam en lichaamstaal als “doorleefd”, de mogelijkheid om betekenis te leggen in het lichaam. Blijkbaar hebben we dat ook een beetje verloren.

Kortom, ons arsenaal van taal en gebaren ten opzichte van het onnoembare is blijkbaar zeer armoedig geworden. Is er wel een uitweg?

Bij het zoeken naar mogelijke aanzetten tot authentiek bidden ben ik bij twee bronnen te rade gegaan. Enerzijds het evangelie: Hoe gaat Jezus om met bidden? Ten tweede ben ik bij mezelf te rade gegaan: zijn er vormen van gebed die op mij een diepe indruk hebben gemaakt en blijven maken?

Eerst over Jezus in het evangelie. Blijkbaar was zijn leer over bidden controversieel. Hij contesteerde het officiële, starre, dogmatische bidden zoals door de Farizeeën voorgestaan, maar riep op tot een authentieke, innerlijke vorm van bidden. Hij sprak over de liefdevolle vader. Hij zocht de eenzaamheid en de rust op om te bidden. In de parabel van de Farizeeër en de tollenaar stelt hij de nederige tollenaar als voorbeeld. Blijkbaar heeft bidden iets rond het intreden in de warmte van God. Het is iets persoonlijks, niet voor uiterlijke status.

Ik heb ook nagedacht wat mij recentelijk geraakt heeft, en met bidden te maken heeft. Hier op Filosofenfontein heeft de mantra die wij met Lut gezongen hebben iets met mij gedaan. De eenvoudige tekst “Maranatha” en het herhalen zijn blijkbaar een goede methode om dichter bij mezelf te komen. Ik herinner me ook de paasviering, waar Kris de doopbeloften had hertaald in zeer eenvoudige woorden, in mooie symbolen, liederen en gebaren, die mij diep aangesproken hadden. Het is blijkbaar mogelijk om een liturgische taal te vinden die wel aanspreekt!

Wat mij ook telkens weer aantrekt is het koorgebed van monniken. Ik betrap mij erop, dat als ik in een kloosterkerk ben, en het is rond het uur van een koorgebed, ik altijd geneigd ben om te blijven zitten en het gebeuren over mij te laten komen. Ik ben dan niet op zoek naar een esthetische ervaring, er wordt soms behoorlijk vals gezongen, maar daar gebeurt iets dat mij aantrekt. Ik kan me goed voorstellen dat de monniken zelf niet altijd even erg in vorm zijn bij hun koorgebed, dat zij soms verstrooid zijn, zich vervelen, maar toch is daar iets.

Ten slotte besefte ik bij het TV verslag van de laatste kroning van de paus dat er twee momenten zijn bij een priesterwijding die mij steeds diep aangrijpen. Het eerste moment is wanneer de wijdeling plat op de grond ligt en over hem de litanie van alle heiligen wordt gezongen. Het zijn zeker de woorden van de litanie niet die iets in mij teweegbrengen! Een tweede sterk moment tijdens de priesterwijding vind ik de handoplegging. In alle stilte gebeurt dat, en daarna wordt een eenvoudig gebed gezegd. Zowel bij de litanie van alle heiligen als bij de handoplegging is wat gezegd wordt niet het belangrijkste. Dat is ook zo bij het koorgebed in een klooster. Er gebeurt niet veel. Toch spreekt het mij aan. Het drukt uit hoe wij staan in een continuüm, tussen het verleden en de toekomst, en hoe wij het waardevolle doorkrijgen van hen die voor ons kwamen, hoe wij de opdracht te hebben het te koesteren, en het op onze beurt door te geven aan hen die na ons komen. Misschien moeten we minder naar woorden zoeken om het spirituele te benaderen, maar ligt het antwoord in andere, meer eenvoudige dingen.

Misschien ligt de echte kracht van het bidden in heel simpele dingen. In het opzeggen van een eenvoudige tekst zoals de mantra die de boeddhisten opzeggen, de weesgegroetjes die mijn moeder prevelt. Misschien moeten wij onze arrogantie afleggen en met een eenvoudig hart voor God gaan staan. Als we terugkijken naar de geschiedenis, blijkt dat stichters van ordes en hermijten steeds de nadruk legden op regelmaat en herhaling.

Om te kunnen bidden is het blijkbaar nodig om de ratio, de rede te verzoenen met “overgave” aan wat ons overstijgt. En die verzoening moeten we niet noodzakelijk zoeken in moeilijke woorden. Het ligt eerder in eenvoudige dingen zoals een goede houding, rechtop zitten, rustig, in stilte, zonder storende geluiden, letten op de ademhaling, regelmaat in de praktijk. Het ligt waarschijnlijk ook in wat we hier op Filosofenfontein noemen “aanzetten tot spiritualiteit” en wat we probeerden uit te drukken in het programma van de Open Kerkdag: Het mooie in de natuur, het mooie in beeld, in muziek, in woord, in een verzorgde liturgie, in een doorleefde samenhorigheid.

Mijn nadenken over bidden heeft mij er toe gebracht om het niet meer zo ingewikkeld te zoeken. Eerder zal ik op zoek gaan naar rustige momenten, bewust proberen tot rust komen. Letten op mijn lichaamshouding, mijn ademhaling. Ik denk niet dat ik goed kan bidden, maar ik heb weer moed om het proberen. En ik hoop dat hier op de fontein samen met jullie te kunnen doen.

Zoeken in Preken Online