U weet net zo goed als ik dat een zwangerschap dikwijls zo’n 9 maanden duurt.
Die maanden zijn nodig om het kindje in de buik van de moeder voldoende te laten groeien. Maar vanaf het begin van de zwangerschap is alles al in aanleg aanwezig.
Met de aanstaande ouders gebeurt er heel wat in die 9 maanden en aan het einde van die periode verzucht een jonge moeder wel eens dat het kindje nou toch maar eens onderhand moet komen. Alles is dan ook al helemaal klaar. Het kamertje is nog eens geschilderd en behangen. Er is een bedje of een wiegje aangeschaft. De luiers liggen klaar en de rompertjes zijn van een zusje overgenomen. Er zijn boeken gelezen over de opvoeding. De verloskundige heeft de ouders voorbereid. Er is aan bevallingsvoorbereiding gedaan.
Die 9 maanden zijn voorbij gevlogen. En werkelijk het was geen wachttijd, maar verwachtingstijd.
Voorbereidingstijd.
Die tijd is ook nodig om je emotioneel voor te bereiden op de komst van een kindje. Je groeit er langzaam maar zeker ook innerlijk naar toe. Misschien kost dat laatste nog wel het meeste tijd en energie, want het is heel wat om een nieuw mensje op aarde te zetten; je voor te bereiden op het ouderschap en deze grote verantwoordelijkheid te nemen. Nee, geen wachttijd maar tijd om veel te doen.
Vandaag is de Advent begonnen. De lege stal staat al in onze kerk. U ziet ‘m staan natuurlijk. Heel bewust een lege stal, want het is vandaag de eerste zondag van de advent. Het is de voorbereidingstijd op Kerstmis.
Kerstmis is de geboorte van het Goddelijk Kind in ons midden, maar ook deze geboorte heeft voorbereidingstijd nodig.
De eerste stap is ons huis open te zetten voor het Kind. Net zoals jonge ouders een kamertje in orde maken, maken wij hier in de kerk ruimte voor het kind: een eenvoudige stal. Zo zal de kerststal ook hier in onze kerk langzaam maar zeker verder worden opgebouwd.
Ook innerlijk mogen we ons voorbereiden op de komst van het Goddelijk kind. Het is geen kwestie van vier weken wachten totdat het Kersmis. Het is zorgen dat het in onszelf Kerstmis kan worden.
Advent is geen wachtkamer.
De Adventstijd geeft ons vier weken om onszelf voorbereiden, zodat het Goddelijk Kind in ons gaat leven.
Jesaja kondigt in de eerste lezing al aan dat er iets te gebeuren staat, dat er een tijd zal komen dat De Heer zal heersen en dat wij mensen het leem zijn in zijn handen die Zijn koninkrijk mogen opbouwen.
Het evangelie van Markus gaat daarop verder.Wees waakzaam, want je weet niet wanneer het moment daar is, dat de Messias zal komen. Val niet in slaap, maar verwacht De Heer die komt.
Advent is niet afwachten, maar werkelijk in verwachting zijn. Onszelf voorbereiden op de komst van Het Kind in ons midden. Je kunt dat op verschillende manieren doen: Zoals aanstaande ouders hun babykamertje inrichten zo kunnen wij ons huis en hart openstellen voor God door zijn Liefde al te laten zien in een wachtkamer bijvoorbeeld, waar je informeert naar de buurman die naast je zit, in de trein, waarin je je niet ergert aan een ander, maar eens vriendelijk lacht en zo Gods liefde laat zien. In je openheid naar je medemensen, naar de mensen die noodgedwongen gebruik moeten maken van de voedselbank waarvoor we vandaag een actie starten in plaats van te zeggen of te denken: eigen schuld dikke bult. Door tijd te maken voor onze eigen geloofshouding.
Vinden we daarin de rust en de stilte om tot God en tot je zelf en tot elkaar te komen. Advent is niet wachten of afwachten naar wat er komen gaat maar verwachten en dat betekent je op allerlei manieren voorbereiden op de komst van God in ons midden
(Ver-) wachten ( 2011)
B-cyclus · Advent · 1e zondag van de Advent · paars