Pas op voor de uitstraling! (2002) 1

A-cyclus · Vasten · 4e zondag van de Vasten · roze

Tegen de tijd dat er weer eens verkiezingen voor het een of ander plaats vinden horen we een woord dat pas de laatste jaren in dit verband wordt gebruikt: Uitstraling. Van de kandidaat kan gezegd worden dat hij of zij kennis van zaken heeft, ervaring, bekommerd om het welzijn van anderen meer dan om dat van zichzelf, onkreukbaar en meer van deze bijna onwaarschijnlijke eigenschappen, maar als er aan toegevoegd wordt “geen uitstraling” dan kan die kandidaat “het wel schudden”, zoals we dat zeggen.; die valt buiten de prijzen.

Bij het beoordelen van mensen laten we ons vaak leiden door uiterlijkheden. Iemand die komt solliciteren op een accountantskantoor en een felgekleurde stropdas draagt, maakt weinig kans. Als je een baan zoekt tussen mensen op de werkvloer zien ze je liever in kleding die tegen een stootje kan. Als hoofd van politie hebben ze, denk ik, graag iemand met een zelfverzekerde uitstraling. Maar we kunnen ons soms danig vergissen. De knapste rekenaars hebben niet altijd verstand van kleding. Mensen in spijkerbroek kunnen best heel verwaand zijn. En mensen met een welwillende uitstraling zijn in kritieke situaties soms toch zeer doortastend.

Er zijn artiesten met een geweldige uitstraling, toegejuicht door een heel stadion, maar verstoken van elk talent, behalve dat van platvloersheid. Om goed zicht te krijgen op de waarde van een medemens is er heel wat meer nodig dan het waarnemen van die uitstraling. In het verleden hebben hele volkeren hun eigen onheil toegejuicht omdat ze in de ban raakte van de uitstraling van hun leider. Elk zicht en inzicht in de soms heel kwalijke eigenschappen ontbrak.

Waar dat zicht ontbreekt gaan we voorbij aan heel goede mensen en er ontstaat een enorm gat in ons netwerk van waarden. Aan die stille mens, die zo goed kan luisteren, kijken we voorbij. Een bescheiden mens heeft zelden ook nog uitstraling. Die voorkomende en hulpvaardige staat nooit met zichzelf in de voorste rij. En waar blijft in die oppervlakkige waarneming die vriendelijke oude mens, die zwak begaafde, die lelijke ,om nog maar niet te spreken van de gehandicapte. We weten het eigenlijk heel goed: echte kwaliteit, werkelijke waarde en uitstraling gaan lang niet altijd samen, het blijft uitkijken. Een aantal jaren geleden werd van uitstraling gezegd dat daarmee “verlies van warmte” werd aangeduid. En dat klopt nog wel, ook bij mensen, want veel uitstraling gaat vaak ijskoud voorbij aan de kleine medemens.

Het is wel van groot belang, maar niet eenvoudig om goed zicht te krijgen op iemand, bijna net zo belangrijk en moeilijk als het juiste zich op het eigen ik. De profeet waarvan we vandaag lezen had het er ook moeilijk mee bij het zoeken naar de juiste man voor het koningschap nadat koning Saul voor het joodse volk een mislukking was gebleken. Als er verkiezingen voor zouden zijn uitgeschreven dan was de uitkomst heel anders geweest, maar nu kwam de profeet uit bij David, de jongste en de kleinste van de kandidaten. Het is een heel gelukkige keuze geweest, zo voorbij aan de voor de hand liggende waarneming dat hij het een goddelijke keuze heeft genoemd, want mensen oordelen gewoonlijk zo niet. In het evangelieverhaal van vandaag staat het nog sterker. Iemand die voor het eerst van zijn leven kan zien blijkt meer zicht te hebben op de persoon Jezus die voor hem staat dan al degenen waarbij zelfs bijzonder zicht en inzicht werd verondersteld. Voor ons die vooral op uitstraling letten wordt duidelijk gemaakt: Laat je niet verblinden door oppervlakkigheid of eigenwaan. Repareer dat gat in het netwerk van waarden en pas op met uitstraling.

Zoeken in Preken Online