LEVEND WATER
In volle zomer bij heet weer beseffen we maar al te goed
hoe deugddoend een slok fris water kan zijn.
Ook Jezus ondervond het toen Hij op doorreis was van
Jeruzalem naar Galilea. De vermoeienis begon te wegen
en bij de bron van Jacob te Sichar wou Hij even uitrusten.
En ongehoord is het dat Jezus te drinken vraagt aan een
“heidense”, met wie de Joden geen contact mogen heb-
ben, en die dan ook nog een vrouw is.
Als Jezus spreekt over Levend Water begrijpt ze het niet
onmiddellijk en zegt: “Heer, geef mij van dat water, zodat
ik geen dorst meer krijg en hier niet meer moet komen
om te putten”.
Maar stilaan gaat het gesprek dieper en groeit een echte
ontmoeting tussen Jezus en de vrouw en wordt Hij voor
haar een bron van levengevend water. Zelf wordt ze een
geloofsgetuige voor haar stadsgenoten.
Zoeken ook zovelen niet hun dorst te lessen aan water van
luxe, comfort, geld en consumptie?
Een dorst die niet te lessen is.
Alleen de ontmoeting met de Heer zelf, de bron van levend
water, kan ons het geluk schenken waar we zo naar
smachten.
Maar hebben we wel genoeg geloof om naar
Hem toe te gaan en kracht te vinden om het niet op te geven ?
-
federatie St.-Andries-St.-Michiels-Brugge
-
door Herman Clement
-
bij Jo.4,5-42
-
3e zondag in de Veertigdagentijd – A -