3e zondag van de Veertigdagentijd – jaar A

A-cyclus · Vasten · 3e zondag van de Vasten · paars

GEBEDSDIENST (30/03/14) De blindgeborene (4de zondag van de vasten)

Voorganger : Jean – Lector:

Lezingen : 1ste lezing : 1 Sam. 16, 1b.6-7.10-13a David tot koning gezalfd

Evangelie: Joh. 9,1-41 De blindgeborene

Liederen: Intredelied : 5 Stem als een zee - Tussenzang: 44 Licht dat ons aanstoot in de morgen - Offerandelied: 143 Om nieuwe geestkracht - Communielied: 559 De Heer heeft mij gezien

Gebedsboekje : vasten.

Lector : Allen in alles – alles in allen

zijn wij een deel van Gods schepping.

Verbonden met alles en allen zijn wij verantwoordelijk

voor het grote geheel. Vastentijd is een tijd ons gegeven om opnieuw verbinding te maken

met onszelf, met de anderen, met de schepping, met God.

Vastentijd is een tijd om terug te leren zien, te willen zien.

Braille ontwierp een bijzondere manier van communiceren voor blinden: het “bolletjes schrift”. Zintuigen zijn het middel voor blinden om te zien. Zij zien met hun tastende, gevoelige vingers, zij zien met hun verscherpt gehoor, zien met hun verfijnde neus. Hoe kunnen wij God zien ? Hoe kan God ons zien? Hoe gebruiken wij onze zintuigen in dit verband?

Zingen we als intredelied nr 5 Stem als een zee.

Jean Goede morgen en hartelijk welkom in deze viering. Wie u ook bent en vanwaar u ook gekomen bent, je bent hier welkom.

We vieren vandaag de 4de zondag van de vasten.

In de zondagen van de vasten wil de liturgie een bezinning zijn op ons geloven. Vanuit het evangelie rond het verhaal van de blindgeborene stellen we ons de vraag naar initiatieven en verantwoordelijkheden om gelovig te leven.

Farizeeërs zijn op zoek naar een schuldige voor de blindheid: hijzelf of zijn ouders? Maar wat heeft dat met geloven te maken?

Zoeken naar een schuldige, een schuldige aanwijzen.

In het woord aanwijzen is de punt van de pijl al op een ander gericht, niet naar onszelf. Een schuldige aanwijzen, het lijkt van alle tijden. Het is ook zeer herkenbaar in onze huidige maatschappij. Wie zijn de schuldigen van de economische crisis, van de bankencrisis, van de geloofscrisis?

Ik hoef u geen andere concrete voorbeelden uit uw geheugen op te frissen.

Wat is dan een mogelijke relatie met het beeld van een blindgeborene?

En speelt, in de keuze om iemand tot koning te zalven, in de eerste lezing, ook een vorm van blindheid een rol?

Laten wij deze viering beginnen met het kruisteken, waarmee we uitgenodigd worden om ons hart, en al onze andere waarnemingsmogelijkheden te openen voor Gods liefde en zo onze eigen blindheid te genezen.

Wij bidden: doe ons zien Vader, maak ons ziende Zoon vanuit de liefde van jullie heiligende Geest. Amen.

Moment van inkeer

Jean Blindheid. Ogenschijnlijk een ernstige beperking in de weegschaal van velen, wanneer zij de kwaliteit van een leven beoordelen. Zintuigen maken communicatie mogelijk.

Wie of wat maakt ons blind? Laten we ons verblinden of verblinden wij onszelf? – Zingen we samen de acclamatie uit Zingt Jubilate nummer 27f.

Lector Zien wij de armoede van anderen of worden wij verblind door onze hebberige gerichtheid op consumptie ?

Geef mij een ander hart, mijn God, maak mij nieuw, maak mij standvastig.

Zien wij de roep om aandacht en liefde van eenzamen, van zieken, van hulpbehoevenden of worden wij verblind door eigenbelang?

Geef mij een ander hart, mijn God, maak mij nieuw, maak mij standvastig.

Geloven is een privézaak, zo luidt de politieke waan van de dag. Zien wij de levenskracht die uitgaat van geloof of worden wij verblind door goddeloze welvaart?

Geef mij een ander hart, mijn God, maak mij nieuw, maak mij standvastig.

Jean Alziende God, geen mens ontsnapt aan uw zorgende, liefdevolle blik.

Dat is onze redding. Wij zullen niet verdwalen tussen allerlei verblindende bekoringen, maar steeds bakens vinden op onze levensweg. Bakens die, net zoals Jezus het ons voordeed, U leren zien in iedere medemens.

Vergeef ons onze blindheid.

Openingsgebed

Jean God, licht van alle leven.

Leer ons kijken met ons hart en leer ons zien wat soms uit onverwachte hoek tot ons komt.

Geef ons nieuwe ogen, die meer zien dan alleen maar de buitenkant

en inzien waar het echt om gaat in het leven.

Help ons oog te hebben voor onrecht en ongelijkheid.

Wij vragen het u, nu en altijd. Amen.

Eerste lezing: 1 Sam. 16, 1b.6-7.10-13a David tot koning gezalfd

Jean Bij de profeet Samuël horen we vandaag hoe, geheel onverwacht, een herdersjongen tot leider wordt gekozen. Er moest immers een nieuwe koning gezalfd worden en dan kies je niet zomaar de eerste de beste.

God kijkt anders naar mensen In deze lezing vernemen we van de Heer, welke criteria belangrijk zijn om naar andere mensen te kijken.

Lector:

De HEER vroeg aan Samuël: ‘Hoe lang blijf je nog treuren om Saul, die ik als koning van Israël verworpen heb? Kom, vul je hoorn met olie en ga voor mij naar Isaï in Betlehem, want een van zijn zonen heb ik als koning uitgekozen.’ Bij zijn aankomst viel zijn oog meteen op Eliab, en hij zei bij zichzelf: Hij die daar klaarstaat is vast en zeker degene die de HEER wil zalven. Maar de HEER zei tegen Samuël: ‘Ga niet af op zijn voorkomen en zijn rijzige gestalte. Ik heb hem afgewezen. Het gaat niet om wat de mens ziet: de mens kijkt naar het uiterlijk, maar de HEER kijkt naar het hart.’ Zo stelde Isaï zijn zeven zonen aan Samuël voor, maar telkens zei Samuël dat dit niet degene was die de HEER gekozen had. ‘Zijn dit alle zonen die u heeft?’ vroeg hij. ‘Nee,’ antwoordde Isaï, ‘de jongste is er niet bij, die hoedt de schapen en de geiten.’ Toen zei Samuël tegen Isaï: ‘Laat hem hier komen. We beginnen niet aan de maaltijd voordat hij er is.’ Isaï liet hem halen. Het was een knappe jongen met rossig haar en sprekende ogen. En de HEER zei: ‘Hem moet je zalven. Hij is het.’

Samuël nam de hoorn met olie en zalfde hem te midden van zijn broers. Van toen af aan was David doordrongen van de geest van de HEER. Daarna vertrok Samuël weer naar Rama.

Tot zover het woord van de Heer.

Lector : Om goed hartelijk te kunnen zien is er bijzonder licht nodig.

Als overwegingslied zingen wij lied nr 44 Licht dat ons aanstoot in de morgen.

Jean Het verhaal van de blindgeborene is u vermoedelijk zo bekend, dat ik me afvroeg, moet ik het wel lezen. Maar zoals het nogal eens voorkomt, ontdekte ik toch weer accenten die mij in het verleden niet zo duidelijk aan het licht kwamen. Ik zal die fragmenten telkens herhalen, in de hoop dat ze ook u nu in het bijzonder aanspreken.

Evangelie: Joh. 9,1-41 De blindgeborene

Genezing van een blinde

In het voorbijgaan - zag Jezus iemand die al vanaf zijn geboorte blind was. Zijn leerlingen vroegen: ‘Rabbi, hoe komt het dat hij blind was toen hij geboren werd? Heeft hij zelf gezondigd of zijn ouders?’ ‘Hij niet en zijn ouders ook niet,’ was het antwoord van Jezus, ‘maar Gods werk moet door hem (de blinde) zichtbaar worden.

Zolang het dag is, moeten we het werk doen van hem die mij gezonden heeft;

straks komt de nacht en dan kan niemand iets doen.

Zolang ik in de wereld ben, ben ik het licht voor de wereld.’

Na deze woorden spuwde hij op de grond. Met het speeksel maakte hij wat modder, hij streek die op de ogen van de blinde en zei tegen hem: ‘Ga naar het badhuis van Siloam en was u daar.’ (Siloam is in onze taal ‘gezondene’.) De man ging weg, waste zich, en toen hij terugkwam kon hij zien.

Zijn buren en de mensen die hem kenden als bedelaar zeiden: ‘Is dat niet de man die altijd zat te bedelen?’

De een zei: ‘Ja, die is het,’ en de ander: ‘Nee, maar hij lijkt er wel op.’

De man zelf zei: ‘Ik ben het echt.’

Toen vroegen ze: ‘Hoe zijn je ogen opengegaan?’

Hij zei: ‘Iemand die Jezus heet, maakte wat modder, streek die op mijn ogen en zei: “Ga naar Siloam om u te wassen.” Ik ging erheen, en toen ik me gewassen had kon ik zien.’ Ze vroegen: ‘Waar is die man?’ ‘Dat weet ik niet,’ zei hij.

Toen namen ze de man die blind geweest was mee naar de Farizeeën. De dag dat Jezus modder gemaakt had en zijn ogen geopend had, was namelijk een sabbat. Ook de Farizeeën vroegen hoe het kwam dat hij kon zien. En weer vertelde hij: ‘Hij heeft wat modder op mijn ogen gedaan, ik heb me gewassen en nu kan ik zien.’ Sommige Farizeeën meenden: ‘Zo iemand komt niet van God, want hij houdt zich niet aan de sabbat,’ maar anderen zeiden: ‘Hoe zou een zondig mens zulke wondertekenen kunnen doen?’ Er ontstond verdeeldheid. Daarop vroegen ze aan de blinde: ‘Wat denk jij van die man? Het zijn immers jouw ogen die hij genezen heeft.’ ‘Hij is een profeet,’ was zijn antwoord. Maar de Joden wilden niet geloven dat hij blind geweest was en nu kon zien. Ze riepen zijn ouders en vroegen hun: ‘Is dat uw zoon die blind geboren zou zijn? Hoe kan hij dan nu zien?’ ‘Dit is onze zoon,’ zeiden zijn ouders, ‘en hij is blind geboren, dat weten we zeker.

Maar hoe hij nu kan zien, dat weten we niet, en wie zijn ogen geopend heeft, weten we ook niet. Vraag het hem zelf maar. Hij is oud genoeg om voor zichzelf te spreken.’ Dat zeiden de ouders omdat ze bang waren voor de Joden, omdat die toen al besloten hadden dat ze iedereen die Jezus als de Messias zou erkennen uit de synagoge zouden zetten. Daarom zeiden de ouders dus dat hij oud genoeg was en dat ze het hem zelf moesten vragen.

Toen riepen ze de man die blind geweest was weer bij zich. ‘Geef Gód de eer,’ zeiden ze, ‘die man is een zondaar, dat weten we toch.’ ‘Of hij een zondaar is weet ik niet,’ zei hij, ‘maar één ding weet ik wel: ik was blind en nu kan ik zien.’ Ze drongen aan: ‘Wat heeft hij met je gedaan? Hoe heeft hij je ogen geopend?’ ‘Dat heb ik u toch al verteld,’ zei hij, ‘maar u luistert niet! Wat wilt u nog meer horen?

Wilt u soms leerling van hem worden?’

Nu vielen ze tegen hem uit: ‘Je bent zelf een leerling van hem! Wij zijn leerlingen van Mozes. Van Mozes weten we dat God met hem gesproken heeft, maar van deze man weten we niet waar hij vandaan komt.’ De man antwoordde: ‘Wat vreemd dat u niet begrijpt waar hij vandaan komt, terwijl hij mijn ogen geopend heeft. We weten dat God niet naar zondaars luistert, maar wel naar iemand die vroom is en zijn wil doet. Dat de ogen van iemand die blind geboren is geopend worden – dat is nog nooit vertoond! Als die man niet van God kwam, zou hij dit toch niet hebben kunnen doen?’ Toen riepen ze: ‘Jij, sinds je geboorte een en al zonde, wil jij ons de les lezen?’ En ze joegen hem weg. Jezus hoorde dat en zocht hem op. Hij vroeg: ‘Gelooft u in de Mensenzoon?’ ‘Als ik wist wie het was, heer, zou ik in hem geloven,’ zei hij. ‘U kijkt naar hem en u spreekt met hem,’ zei Jezus. Toen zei de man: ‘Ik geloof, Heer,’ en hij boog zich voor Jezus neer. Jezus zei: ‘Ik ben in de wereld gekomen om het oordeel te vellen. Dan zullen zij die niet zien, zien en zij die zien, zullen blind worden.’ Een paar Farizeeën die bij hem stonden en dat hoorden, zeiden: ‘Wij zijn toch zeker niet blind!’ ‘Was u maar blind,’ zei Jezus, ‘dan zou u zonder zonde zijn. Maar u beweert dat u kunt zien, en dus blijft uw zonde.’

Acclamatie : Gij hebt woorden van eeuwig leven, tot wie zouden wij anders gaan.

PREEK

GELOOFSBELIJDENIS

Jean Bidden we samen de geloofsbelijdenis zoals ze geformuleerd is op blz 9.

VOORBEDEN : We luisteren naar Lector die ons wil uitnodigen tot gebed. Na elke voorbede zingen we samen nummer 27f.

Lector Voor allen die er in slagen zich niet blind te staren op uiterlijk vertoon maar kijken naar het hart van de mensen en zo open staan voor het onverwachte. Voor hen die met een open blik, vol hoop en perspectief in het leven staan. Laten we bidden.

Samenzang : Geef mij een ander hart, mijn God, maak mij nieuw, maak mij standvastig.

Lector Voor mensen die dicht bij God leven en dagelijks sporen van uw aanwezigheid kunnen ontwaren in hun leven en voor hen die gevoelig zijn voor Gods onverwacht spreken in mensen. Dat zij zich gesteund mogen weten en deze gave mogen doorgeven. Laten we bidden.

Samenzang : Geef mij een ander hart, mijn God, maak mij nieuw, maak mij standvastig.

Lector Voor allen die gezag dragen, dat zij zien wat écht nodig is : dat ze oog houden voor de werkelijke noden. Voor regeringsleiders in Noord en Zuid. Dat ze investeren in landbouw die milieu respecteert en voedselzekerheid geeft voor zoveel mogelijk mensen. Laten we bidden.

Samenzang : Geef mij een ander hart, mijn God, maak mij nieuw, maak mij standvastig.

Jean Onnoembare God, open al onze zintuigen op U te leren zien. Maak onze zintuigen ook toegankelijk voor anderen opdat zij U in ons mogen ontdekken. Moge onze ledematen instrumenten worden opdat anderen U door onze manier van leven, leren zien.

Wij vragen het U op voorspraak van onze Heer Jezus en vanuit jullie heiligende Geest. Amen.

COLLECTE

Lector Willen twee mensen nu met de collectemandjes rondgaan.

Genezen worden van eigen blindheid kan vanuit een geloof dat nieuwe geestkracht ons steeds weer zal vervullen.

Zingen we samen het lied nr 143 Om nieuwe geestkracht.

COMMUNIEGEBEDEN .

Jean In de eucharistieviering worden we bij het begin van de dienst rond de tafel, op een persoonlijke manier aangesproken om dankbaar te zijn. De priester opent met de wens dat het Heer onze God zich in U zou laten ervaren. En wij antwoorden dan dat we hierin geloven, er voor open staan, dit willen laten gebeuren overeenkomstig de heiligende Geest van de Vader én van de Zoon.

Waarop de priester ons uitnodigt om onze dankbaarheid, die God waardig is, te bevestigen.

Ik wil u uitnodigen om samen met mij en de lector, kring te vormen rond het altaar van de Heer. Laten we vandaag eens extra inhoudelijk stilstaan bij de uitnodiging om samen het communiegebed nr 4 op blz 17.

Jean De Ene, de Heer zij met U.

Allen En met zijn heiligende Geest.

Jean Verheft jullie hart.

Allen Wij zijn met ons hart bij de Heer.

Jean Brengen wij dank aan de Heer onze God.

Allen Hij is onze dankbaarheid waardig.

Eeuwig zijn, ….

ONZE VADER

Jean Laten we elkaar de hand reiken om samen het gebed te zingen dat Jezus ons zelf heeft geleerd.

Onze Vader.

VREDEWENS + cymbalen

Jean Wie ten diepste gelooft, ziet. Wie ten diepste liefheeft, leeft in vrede. Wie ten diepste ziet, gelooft. Omdat God ons in alle omstandigheden liefheeft, ziet Hij ons, en leeft zijn vrede in ons.

Wensen we elkaar de vrede van de Heer toe.

COMMUNIE

Jean Een brief van een geliefde lezen we niet zomaar, niet op een willekeurige plek. We zoeken een rustig plekje. We lezen meer dan de woorden die er staan. We lezen achter die woorden, achter die taal de diepere mens. We zien en voelen de geliefde zo dichtbij. Zo’n brief brengt geen geld op, maar wel allerlei gevoelens van genegenheid, van liefde, vertrouwen.

Samen maaltijd houden om liefde te vieren, doen we niet zomaar op een toevallige, willekeurig plaats. Die plaats brengt ons dichter bij elkaar.

God wij danken u dat wij mogen deelnemen aan de maaltijd waartoe Gij en uw zoon Jezus ons uitnodigt.

Lector en ik delen de communie uit.

Spreken wij ons vertrouwen uit dat de Heer ons nooit zal vergeten en ons bewaren zal als een goede herder.

Bidden we samen:

Heer ik ben blij dat gij tot mij komt, spreek en ik zal zien.

COMMUNIELIED

Lector Grote vreugde ervaart een mens wanneer hij genezen werd van zijn blindheid. Zingen wij deze vreugde uit in het lied uit Zingt Jubilate nr 559 De Heer heeft mij gezien.

MEDEDELINGEN

Lector Volgende zondag 6 april zal Dirk ons voorgegaan in de viering van de vijfde zondag in de veertigdagentijd.

SLOTGEBED

Jean God, uit onverwachte hoek staan mensen op

met een open blik, met een ruim hart.

Tegen verblinding in verwijzen zij naar Jezus

die in ons midden staat.

Mogen wij Hem telkens weer zien oplichten en

van Hem getuigen met woord en daad.

Zegen en Zending

Zie het onverwachte, en zo komen we wellicht het goddelijke op het spoor.

Mogen wij dit “goddelijke” kansen geven, overal waar wij komen,

met de zegen van God:

alles in allen. Vader, Zoon en heilige Geest. Amen

PREEK

Ik heb het geluk gehad om aanwezig te zijn bij de geboorte van onze drie kinderen. Op dat ogenblik heb ik mij niet de vraag gesteld of zij al dan niet blind geboren waren. Ik vertrouwde erop dat zij over enige tijd zouden kunnen zien.

Maar aanvankelijk reageren pasgeboren kinderen niet op prikkels op hun netvlies. Dat gebeurt pas later.

Als ouder moet je je kind de gelegenheid geven, de kansen bieden om te leren zien;

Stel dat we een pasgeboren kind permanent in het donker zouden houden en opvoeden zonder ooit dag of kunstlicht te kunnen onderscheiden. Het zou vermoedelijk van zichzelf denken dat het blind is. Maar we kunnen het vaardigheden aanleren zodat het misschien het fysisch kunnen zien met de ogen nooit zou missen. Niet wetende dat het bestaat.

In onze opvoeding leren we een kind zien. Kijk, het volgt mijn vinger als ik van links naar rechts ga! Het is een grote verantwoordelijkheid van ouders om hun kinderen te leren zien. Leren zien wie ze zelf zijn, wie z’n ouders zijn, wat gevaarlijke en betrouwbare situaties zijn, enz. Een kind moet veel leren zien.

Maar ook andere mensen hebben de taak kinderen te leren zien!

Het is een samen te dragen verantwoordelijkheid: kinderen leren zien.

Hoe dikwijls gebruiken we niet de zegswijze: “Ge zult later wel zien!” of “We zullen wel zien!”.

Op het vlak van geloven is het net gelijkaardig.

Een pasgeboren kind heeft, naar mijn aanvoelen, geen weet van geloof. Niet in het christelijke, het islamitische, het joodse, boedhistische of enig andere religie.

Tijdens het opgroeien is het de verantwoordelijkheid van ouders, nabestaanden en omgeving om het kind gelovig te leren zien.

Maar zij kunnen het kind niet dwingen te zien, niet dwingen te geloven.

Zij bieden het zien, het geloven aan. Het kind is vrij de ogen te openen, het hart te openen, of naar een andere kant te kijken.

Ook in andere situaties moet een kind leren zien. Het waarderen van beeldende kunst, muziek, theater, film enz. Het moet aangeleerd worden. Bij de ene al wat meer dan de andere.

In het voorbijgaan zag Jezus … – zo begint de evangelielezing van vandaag.

Jezus is op weg. Hij heeft aandacht voor mensen die op zijn weg komen. Noodlijdenden, blinden, e.a. hij gaat hen niet achteloos voorbij. Hij ziet ze.

Wij behoren tot een van de meest mobiele maatschappijen, met ongeziene communicatiemiddelen. Toch stel ik me de vraag: Zien wij mensen op onze levensweg ? Of keren we onze blik af, zijn wij blind of doen we ons blind voor?

In navolging van Jezus vraagt paus Franciscus – in zijn apostolische exhortatie “De vreugde van het Evangelie” dat gelovigen “de straat op gaan” om de noodlijdende te ontmoeten. En om op die manier van zijn geloof te getuigen.

Wie zijn ogen geopend heeft weten we niet. Zo staat ook in het evangelie geschreven. Als het om een fysiek mirakel zou gaan, dan weten we het wel natuurlijk. Maar wie heeft zijn ogen gelovig geopend? De blinde zelf? Zijn omgeving? Jezus?

De blinde geeft zelf het antwoord maar stelt vast dat zijn toehoorders niet luisteren. Zodra hij gelovig ziet, wil hij er ook van getuigen. “Wat wilt u nog meer horen?” vraagt hij; “Wilt u soms leerling van hem worden?”

Zo is het waarschijnlijk ook geregeld met ons gesteld. Luisteren wij wel? Willen we wel horen wat ons gezegd wordt? Of weten we het beter?

Sommige blinden zien meer dan zienden, sommige doven horen beter dan luisteraars.

De wereld van vandaag met zijn overdadig consumptieaanbod, draagt het grote risico in zich van een individualistische droefheid die voortkomt uit een hart dat allen heeft, maar toch hebzuchtig blijft.

Hoe kan een dergelijk mens nog zien dat hij gelukkig is? Vreugde uitstraalt?

Het verlangen om goed te zijn wordt bij hen niet aangewakkerd.

Zij worden verblind!

Paus Franciscus schrijft verder: “Ik nodig elke christen uit, waar en in welke situatie hij zich ook bevindt, om vandaag nog zijn persoonlijke ontmoeting met Jezus Chrstus te vernieuwen of tenminste de beslissing te nemen zich door Hem te laten ontmoeten. De Heer stelt degenen die dit risico durven nemen, niet teleur; wanneer iemand een kleine stap in de richting van Jezus zet, ontdekt dat Jezus al op hem wachtte, met open armen.”

De blinde heeft de stap gezet om zich zichtbaar op te stellen op Jezus weg. En Jezus zag hem, want Gods werk moet door hem (de blinde) zichtbaar worden.

Wij kunnen niemand dwingen om te zien. Maar belangrijker is het dat we niemand mogen hinderen of verhinderen te leren zien. Vanuit ons eigen geloof moet de vreugde ervan gezien worden, stralen. Dat is de grote verantwoordelijkheid van ieder van ons.

Wat is geloven dan? Ik vond geen mooier beeld dan dat van Paul Matthys (een voormalig CEO van Arcelor Mittal – de staalgigant) : Geloven is het cadeau van God aan de mensen om Hem te kunnen bereiken.” Hem kunnen zien.

Jezus gaf zo’n cadeau aan de blindgeborene.

Welk cadeau geeft Jezus ons dan met Pasen?

Zoeken in Preken Online