Beste vrienden,
Vandaag heeft de evangelist echt de tijd genomen om ons het verhaal van deze ontmoeting tot in de kleinste details te vertellen. Heel zorgzaam en liefdevol luistert hij naar het gesprek tussen Jezus en de Samaritaanse vrouw. Geen enkel woord mag daar van verloren gaan. Het verhaal begint met een slok water en eindigt met de ganse volheid van het leven. Daar tussen vindt een ontmoeting plaats – of je zou het ook een liefdesverhaal kunnen noemen.
Ik weet dat het, na het beluisteren van dit evangelie moeilijk is om alert te blijven voor de verklaring van datgene wat er toen eigenlijk gebeurd is. Daarom laten we nu de vrouw zelf aan het woord in een gefingeerde brief die ze achteraf aan haar beste vriendin heeft geschreven. Ze schreef: “Lieve Hannah, gisteren is me iets eigenaardigs overkomen. Het was zo raar, dat ik het je moet vertellen, want ik kan zelf nog niet goed begrijpen wat er eigenlijk gebeurd is.
Misschien kan jij me wel helpen om het allemaal te begrijpen. Je weet dat ik rond de middag altijd naar de bron van Jacob ga om water te putten. Ik weet het, dat is dom, want dat is het heetste moment van de dag. Maar in de ochtend, wanneer al de andere vrouwen en meisjes daar komen, voel ik me er niet goed bij. Ik kan hun blikken echt niet meer verdragen. Voor hen ben ik immers alleen maar een echtbreekster, een zondares, een vrouw van de straat. Waarover zou ik met hen kunnen praten? Ze hebben immers gelijk. Ik heb het in een relatie nooit lang uitgehouden. Ergens altijd de verkeerde kikkers gekust – en geen enkele heeft zich in een prins veranderd waarmee ik mijn verdere leven had willen en kunnen doorbrengen. Ja, het was altijd de verkeerde, maar dat is een ander onderwerp.
Maar nu komt het: Toen ik gisteren naar de bron ging en de laatste zandweg inboog, zag ik daar al van ver een man bij de bron zitten. Ik wou al omkeren en terug naar huis gaan, ik wilde immers alleen zijn. Maar ik had water nodig, het was reeds sinds vele uren op. Dus ging ik toch maar verder. Dichterbij gekomen zag ik ook nog dat het een jood was die daar zat. Kunt ge het u voorstellen? Ik alleen bij de bron met een Jood! Dat ontbrak er nog aan. Ik wist toch ook niet hoe hij op mij, een Samaritaanse, zou reageren. Je weet toch wat die Joden over ons allemaal vertellen. Voor hen zijn we echt uitschot van de maatschappij. Ik besloot gewoon te doen alsof ik Hem niet zag, en ik had me vast voorgenomen dat ik, wanneer hij me zou beschimpen, helemaal niet zou reageren. Maar toen ik de kruik met de windas naar beneden wou laten voelde ik zijn blik heel intensief op me rusten. Maar, heel eigenaardig, ik vond het niet onaangenaam. „ Geef me a.u.b. te drinken,“ zei Hij vriendelijk. Ik geloofde mijn oren niet en moet Hem heel beteuterd hebben aangekeken. Hoe kan Hij, een man, iets vragen aan een vrouw? Hoe kan Hij, een Jood, een rechtgelovige, mij, een afvallige, aanspreken? Normaal bekijken de mannen mij alleen uit hun ooghoeken en met die speciale begerige blikken waarmee ze naar de vrouwen kijken wanneer ze alleen maar dat ene willen. Normaal ben ik het gewend dat ze over mij praten. Maar deze man sprak me aan. Dus vroeg ik me wel af of ik geen fout zou begaan als ik zou antwoorden?
Maar deze man maakte me nieuwsgierig. En dan zegt Hij me ook nog dat Hij mij iets zou willen geven. Levend water noemde Hij het, je zou na het drinken ervan nooit meer dorst krijgen. Stel je voor, dat zou toch werkelijk fantastisch zijn. Water dat er altijd is, en waarvoor je niet meer naar de bron moet lopen. Zonder erbij na te denken heb ik geantwoord: „Ja Heer, geef mij dat water!“ En reeds terwijl ik het zei viel me op: „Waarom noem ik Hem eigenlijk Heer?“ Dat heb ik nog nooit tegen een man gezegd. Maar iets in deze man fascineerde me.
En er komt nog meer! Hij kende mijn hele levensgeschiedenis! Hij sprak over mijn vijf mislukte relaties en ook dat mijn huidige relatie in wezen ook al ten einde loopt.
Lieve Hannah, ik kan je niet beschrijven hoe ik me op dat moment voelde en hoe ik me ook nu nog voel.
Wat die man me gezegd heeft, dat heeft me getroffen tot in het diepste van mijn hart. Ik weet niet hoe ik het je moet uitleggen, maar het heeft me enorm diep ontroerd, en vooral, ik voelde me helemaal niet gekwetst. Ik voelde me ook helemaal niet in verlegenheid gebracht en ik schaamde me ook niet. Ik dacht alleen, en dat doe ik ook nu nog: Ja, die man heeft gelijk. Zo is mijn leven inderdaad. Ik heb altijd maar geprobeerd om mijn zinnen en begeerten, mijn verlangens en mijn gevoelens te bevredigen, maar het lukte me nooit. Al mijn relaties waren oppervlakkig. Natuurlijk waren er ook mooie momenten, maar als ik eerlijk ben, dan heb ik net het tegenovergestelde bereikt van wat ik wou. Ik wou een thuis en werd naar de rand gedrongen. Ik verlangde naar gemeenschap en een partner en ben nu toch alleen en eenzaam. O ja, die man had wel gelijk, en hoe!!
Op dat moment keek ik in de bron waar we alle twee voor stonden. Ik zag de weerspiegeling van mijn gezicht op het wateroppervlak en tegelijk zag ik ook hoe diep de bron daar onder is. Zo diep, dat ik de bodem zelfs niet kon zien. En dan flitste de gedachte door mijn hoofd: Deze man kan meer zien dan alleen maar mijn gezicht, dan alleen maar mijn uiterlijk. Hij ziet dieper, tot in mijn diepste grond! Ik moet het gewoon even kwijt, al begrijp ik het zelf nog niet helemaal: Het heeft me deugd gedaan, en dat doet het zelfs nu nog, dat Hij achter mijn gezicht zo diep in me heeft gekeken en gezien heeft hoeveel dorst en verlangens, hoeveel wonden en teleurstellingen zich daar bevinden. De man heeft dan ook in de bron gekeken. En toen onze blikken zich op het wateroppervlak ontmoetten kwam er binnen in mij iets in beweging. Ik voelde plots opnieuw levensmoed en levenskracht, een heel nieuwe levendigheid in me opkomen.
Wat had hij toch ook weer gezegd van dat levende water? Dat ik het Hem maar moest vragen en dat Hij het me dan zou geven. Had Hij het me dan nog niet gegeven? Hannah, ik weet het niet. Maar ik voel nu dat ik mijn leven kan veranderen en daar verheug ik me al op. En ik voel een onoverkomelijke drang om alles wat me overkomen is verder te vertellen. Aan jou, mijn lieve vriendin, maar ook aan alle mensen uit het dorp! Zou Hij misschien de Messias zijn? Wat denk jij? Ik omhels je en blijf jouw goede vriendin …
Goede vrienden, deze brief is fictief, zeker! Maar de gebeurtenis zelf, daar ben ik van overtuigd, is helemaal waar. En vooral: Het kan altijd weer gebeuren – ook in uw en in mijn leven.
- Het gebeurt overal daar, waar het ons lukt om elkaar aan te kijken en elkaar te accepteren zoals we zijn, zonder elkaar te veroordelen of aan te klagen.
- Het gebeurt overal daar waar we er in slagen om na een tijd van treurnis, van mislukkingen en dwaalwegen weer helemaal opnieuw te beginnen.
- Het gebeurt overal daar waar wij bereid zijn om al de oude vooroordelen, die we al zolang met ons meedragen, overboord te gooien en ons te openen voor nieuwe inzichten.
Net zoals de Samaritaanse vrouw. Ook voor haar is er geen Prins op een wit paard uit de lucht gevallen, en de relatie met haar man moest nog worden uitgeklaard. Maar wat wel veranderd is, is dat ze haar zelfrespect terug heeft gekregen. Haar beeld van de man is veranderd en haar levens- en liefdeshonger werd gestild. Daarom moeten we er ons niet over verwonderen dat ze haar kruik bij de bron laat staan en gewoon terug naar het dorp rent om daar haarfijn alles aan haar dorpsgenoten te vertellen. Zo wordt zij, die voor velen „het zwarte schaap“ van het dorp was, getuige en propagandiste van Jezus boodschap. Met een slok water is het begonnen en het eindigt met de volheid van het leven. Daartussen vindt een ontmoeting plaats – of misschien ook wel een verhaal van Liefde. Amen!