Nieuwe visie op het vasten

A-cyclus · Vasten · 1e zondag van de Vasten · paars

Wij hebben zojuist gebeden in het openingsgebed: “Heer, leer ons in deze veertigdagentijd met meer toeleg en vroomheid als christenen te leven”. En zo wordt op deze eerste vastenzondag het evangelie gelezen waarin Jezus standhoudt in zijn onvoorwaardelijke trouw aan zijn zending: “Gij zult de Heer uw God aanbidden en Hem alleen dienen.” Tot deze trouw nodigt de kerk ons ook uit in deze tijd en daarom willen wij ons bezinnen hoe wij deze vastentijd heilvol kunnen doorbrengen.

Vasten is een algemeen menselijk verschijnsel, is daad van aanbidding die teruggaat tot de eerste tijden. Niet alleen christenen vasten. Joden, Moslims, Boeddhisten en Hindoes vasten nog veel strenger dan wij. Vreemd is het dat in onze westerse cultuur tegenwoordig velen denken dat wij het best zonder vasten kunnen stellen. Zeker, de manier van vasten kan met de tijd veranderen. Hoofdzaak is niet, minder te eten. Jesaja geeft ons de juiste visie over het vasten: “Is het vasten dit niet: het brood delen met wie honger heeft, arme zwervers opnemen in je huis, naakten kleden die je ziet en je niet onttrekken aan de zorg van je broeders?”

Vasten is op de eerste plaats een verandering van mentaliteit. En in deze tijd worden wij opgeroepen tot een spiritualiteit van het ‘genoeg’ hebben. Matigheid en soberheid kunnen wel eens de meest beklemmende behoeften worden van de 21e eeuw. Wij moeten de mens en het milieu weer centraal stellen en niet de economie en de techniek. Vasten is: van de rijkdommen der aarde niet meer nemen dan je nodig hebt, zolang niet elke mens genoeg heeft om menswaardig te leven. Zolang de politici, de banken, de media geen mentaliteit van vasten en soberheid willen aannemen, zal de blinde trein van consumptie en concurrentie zich verder in een afgrond stor¬ten. Vasten is: inzien dat de rijkdom ons niet mag verdelen in rijk en arm, maar dat de rijkdom onder allen verdeeld moet worden.

De vasten vraagt van ons ook een spiritualiteit van broederlijk delen. De joden zeggen dat God ‘vastte’ bij de schepping van de wereld. God heeft al het andere in het bestaan geroepen door zichzelf te ontledigen, zodat er ruimte vrijkwam voor de anderen. Zoals een moeder in haar eigen schoot ruimte schept voor haar kind opdat het ook kan leven. Zoals de zee zich terugtrekt om het vaste¬land te laten bestaan. Willen wij dat de schepping gaaf en heel blijft dan zullen wij onszelf ook moeten beperken opdat ook de dieren en de planten nog ruimte hebben om te leven. Een sobere levensstijl aannemen, kan je niet van de ene op de andere dag. Het vraagt een diepe verandering van mentaliteit, eerbied voor de natuur, voor elke vorm van leven, meeleven met mensen in nood. Dat zijn de zachte waarden van het leven die vaak in de verdrukking komen. En toch, juist daarvan leeft de mens.

Deze vastentijd is een heilzame tijd. Laat ons allen bescheiden, maar ook doelbewust beginnen in verbondenheid met al het geschapene en in verbondenheid met Jezus. De ellende van deze tijd is werkelijk te groot opdat wij niets zouden doen. Je mag niet zeggen: daar doe ik niet aan mee, want dan zullen steeds meer mensen verhongeren. Wij allen willen meedoen en vasten.

Zoeken in Preken Online