PINKSTEREN: GOD SPEELT MET VUUR
IN TIJDEN VAN CORONA EN LOCKDOWN…
Vuur ben Ik komen brengen op aarde
Vuur,
oplaaiend, zoekend, bewegend.
Altijd nieuw. Altijd jong.
Vuur dat mensen verwarmt.
Licht in de duisternis.
Wij zijn dit vuur.
Wij zijn als pinkstermensen
in lichterlaaie, aanstekelijk
en altijd in beweging.
Hartstochtelijk, aanwakkerend,
en hunkerend als een uitslaande brand.
Of speels en zottebollend,
door de wind beademd en gestreeld.
Soms ook niet veel meer
dan een eenzaam dansende vlam,
wakend in een donker uur.
Wij zijn dit vuur.
verzet begint niet met grote woorden maar met kleine daden
zoals een storm met zacht geritsel in de tuin of de kat die de kolder in zijn kop krijgt zoals brede rivieren met een kleine bron verscholen in het woud zoals een vuurzee met dezelfde lucifer die de sigaret aansteekt
zoals liefde met een blik een aanraking iets dat je opvalt in een stem
jezelf een vraag stellen daarmee begint verzet
en dan die vraag aan een ander stellen
Remco Campert
De parabel van de smid
Een jongeman wilde smid worden. Hij werd daarom leerling bij een meestersmid. Daar leerde hij alle kneepjes van het vak: hoe hij de tang moest vasthouden, hoe de hamer te heffen, hoe het aambeeld goed te raken en ook hoe hij het vuur met de blaasbalg moest aanjagen.
Na zijn opleiding kreeg hij onmiddellijk werk in de smederij van het koninklijk paleis. Hij was bijzonder enthousiast. Zijn enthousiasme nam echter snel af, toen hij merkte dat hem tijdens zijn vorming nooit geleerd was hoe hij het vuur moest aansteken.
Al zijn zorgvuldig aangeleerde vaardigheden in het hanteren van het gereedschap waren voor niets geweest.
En dus werd hij op staande voet ontslagen…
In die tijd sprak Jezus tot zijn leerlingen: Vuur ben Ik komen brengen op aarde, en hoezeer verlang Ik dat het oplaait! (Lucas, 12, 49)
Hij had het over vuur
als Hij zijn Kerk bedoelde.
Een vuur waaromheen
verkleumde mensen
kunnen samenkomen
om zich te warmen,
om elkaars gezicht te zien,
om niet alleen te zijn
in de nacht.
Hij had het over vuur.
Hij heeft gewild
dat het zou branden,
fel en vurig,
speels en onvoorspelbaar:
telkens nieuwe gensters
in de nacht.
Hij had het over vuur
dat moet blijven branden,
gevoed moet worden
door alles wat mensen
nieuw ontdekken
door hun vragen,
dat moet aangewakkerd worden
door het waaien van de Geest,
onzichtbaar in de nacht.
Hij heeft zijn Kerk
als een vuur ontstoken.
Misschien hebben wij,
de eeuwen door,
teveel aan brandbeveiliging gedaan.
Manu Verhulst
Dominee spuwt vuur vooraan in zijn kerk
VRT NWS - 29 mei 2012
Doorgaans verwacht je niet dat een pastoor of dominee in zijn kerk plots vuur begint te spuwen, maar dat is net wat de kerkgangers te zien kregen van hun kerkleider.
Voor de 44-jarige Nick Davies uit Gloucestershire was Pinksteren de ideale gelegenheid om zijn hobby toe te passen in zijn job. De dominee is een fervente vuurspuwer en vuur is een belangrijk symbool van Pinksteren. “Deze dag herinnert ons eraan dat God is zoals een open haard die warmte de wereld instuurt”, aldus Davies die vuur leerde spuwen om tijdens barbecues zijn vrienden en familieleden te entertainen. De 150 kerkgangers waren alleszins onder de indruk van het vuur van Davies. “Zoveel belangstelling valt mij tijdens een preek nooit te beurt”, lacht de dominee. “Nu hoorde ik veel ooh’s en aah’s, iets wat nooit gebeurt tijdens mijn preek.” Uit voorzorg werden alle houten banken in de kerk verplaatst, zodat het vuur zich alleen maar kon beperken tot de act van dominee Davies.
CON FUOCO een zeevan vuur
Gezocht: iets om in te geloven. Het vorige ben ik verloren, is kwijt. Het moet iets moois zijn, iets groots hoeft niet. Moet het tastbaar zijn? vraag jij. Het moet houdbaar zijn, zeg ik. En in zekere zin deelbaar. Wereldwijd? Armwijdte is al genoeg, zeg ik. Moeilijk, zeg jij. En als je niks vindt? vraag je nog. Er is altijd wel iets, zeg ik. Dat is toch wat ik geloof… Geert De Kockere
Kom Geest van leven
Kom, Geest van leven, ziel van ons bestaan, hart van het heelal, kom, licht van toekomst, zicht op morgen, inzicht voor vandaag, toezicht op ons doen en laten, kom, liefde voor alles en allen, hoop van de kleinen, geloof in het minste, **kom, machteloos-machtige, mosterdzaadje, graankorrel, zuurdesem van onze ommekeer ten goede, **
kom, stille roepkracht van vernieuwing en bevrijding, dring door tot diep achter onze welverzorgde, westerse huid, tot diep in ons hoofd en ons hart, kom, tedere genezer, geef ons nieuw terug aan onszelf en aan de anderen, dichtbij en veraf, doe ons elkaar zien met nieuwe en benieuwde ogen, kom, Geest van menswording, help ons recht te doen, help ons naasten te zijn en laat ons niet los, houd ons vast ten einde, ten goede, amen
(jan van opbergen)
Vertrouwen in Gods Goede Geest
Als de eerste adem is uitgedoofd, het wilde enthousiasme, het eerste vuur, als wij het moe worden, geen resultaten zien, als de nacht alles toedekt wat wij hebben gezaaid. Vader van alle mensen, geef ons dan uw lange adem
- aarde en hemel zijn niet in één dag gevormd – geef ons eerbied voor de groei van iedere mens, schenk ons vertrouwen in uw Geest en doe ons opstaan voor een nieuwe dag, dat we mogen zien hoe alles goed wordt. Amen.
GODS GEEST HOUDT ALTIJD OPEN-DEUR-DAG
OOK IN TIJDEN VAN CORONA EN LOCKDOWN…
Arcabas -
Paul van Vliet: ‘Er is nog zoveel niet gezegd…’
Er is nog zoveel niet gezegd Er is nog zoveel doodgezwegen Door jullie en door mij In nachten dat wij wakker lagen Op onvoltooid verloren dagen Door jullie en door mij Zoveel nog niet uitgesproken Zoveel waarheid nog ontdoken En het heeft zo voor de hand gelegen Bij jullie en bij mij Er is nog zoveel niet gezegd Er is nog zoveel doodgezwegen Weggestopt en opgekropt Stilgesust en zoetgekust Afgeschoven, weggewoven Door jullie en door mij
Er is nog zoveel niet gezegd Er is nog zoveel doodgezwegen Door jullie en door mij Er is nog zoveel blijven hangen Stille drift, verdrukt verlangen Van jullie en van mij Zoveel grond nog niet ontgonnen Zoveel plannen niet begonnen Vragen die geen antwoord kregen Van jullie noch van mij Er is nog zoveel niet gezegd Er is nog zoveel doodgezwegen Wel gedacht maar niet verteld Afgewacht en uitgesteld Doorgeschoven, weggewoven Door jullie en door mij
Pinksteren: God speelt met vuur…
Pinksteren: God is een ouderwetse smid die aan de blaasbalg trekt, om het vuur aan te wakkeren dat mensen samensmeedt. En de vonken van dat vuur spatten tot in ons mensenhart – gensters van verlangen, sprankels hoop, vlammen hartstocht naar gerechtigheid. Pinksteren: feest van het risico, want God riskeert Zijn goddelijke vingers aan de mensen te verbranden! De Kerk wordt meteen een uitslaande brand, een steekvlam in de nacht. Mirakel van laaiende vlammen en dansende lammen. Begin van een geestige en geestdriftige Kerk. Geen lauwe-flauwe kerk, geen koele Kerk-vanuit-de-hoogte, maar gemeenschap gegroeid vanuit de basis. Kerk die warm loopt, jong is, vurig. Pinksteren: naïeve (?) droom van een alternatieve (dat is: een anders-geboren) Kerk. Met doodgewone mensen, leken én professionelen samen, denkers en doeners en dieners. Kleine groepjes die van onderuit op gang beginnen te komen. Kerk van mensen in beweging naar bevrijding, naar opstanding toe. Altijd en onvermoeibaar progressieve Kerk… Pinksteren: zoveel hoofden, zoveel zinnen, zoveel gebundelde vindingrijkheid in het zoeken naar gerechtigheid en vrede. Kerk die naar anderen toegaat en een dialoog aandurft. En die een taal spreekt die door iedereen kan begrepen worden. Heilige momenten delen van reikhalzen en wijzer worden, van scherper oog krijgen en warmer hart voor vergeten en verzwegen mensen. Iedereen komt aan het woord. Jan en alleman mag vrijuit binnen en buiten. De kerk houdt permanent een open-deur-dag. Het cenakel wordt een duiventil, een thuis voor vele vreemde vogels. Pinksteren is Babel omgekeerd. In Babel heeft men angst voor de verstrooiing van het verschil. En daarom verschuilt men en verzuilt men zich. Er wordt gestaag een bouwwerk geconstrueerd van verzet, tegen de veelheid van kleuren, rassen, talen en meningen… Pinksteren is het feest van de verstaanbaarheid. Babelstad wordt Babbelstad. Iedereen bezit de kunst van het ver-staan (dat wil zeggen: in de plaats van de andere gaan staan). Naaste buur gaat om met verre vriend en vreemdeling. Pinkstern zegt: wij willen nooit een Babel meer. Want al het oude is voorbij. Omdat de Geest vandaag een nieuw begin heeft gemaakt… Zalige Hoogdag van Pinksteren! (geert dedecker – stukje ooit verschenen als ‘Pinkster-bezinning’ op de voorpagina van Gazet van Antwerpen – 6/7/8 juni 1992)
** Pieter Bruegel de Oude – De toren van Babel**
Geloofsbelijdenis in Pinkstertijd…
Veel christenen leven vandaag als was er nooit een Pinksterdag geweest, als was er vanuit de hemel geen stormwind, geen orkaan neergedaald, geen begeestering in ons doorgedrongen. Zij leven zoals de leerlingen in de dagen tussen Pasen en Pinksteren: angstig bijeengekropen als een geklopte voetbalploeg, letterlijk een ‘elftal-zonder-kapitein’ dat de match zwaar verloren heeft en halsstarrig weigert de pers te woord te staan. Zo zitten ze daar in hun cenakel : teruggetrokken uit de wereld, onbereikbaar en onaantastbaar, achter muren van vijandigheid en deuren met ‘geen toegang’ op… Maar de Geest van God gooit altijd deuren open. Die kent vaar noch vrees, speelt steeds weer ‘spel-zonder-grenzen’. Ziet het ruim. Denkt wereldwijd en multi-cultureel. In het aloude credo van de Katholieke Kerk staat deze merkwaardige zin: ‘Ik geloof in de éne, heilige, katholieke en apostolische Kerk…’ Maar wat betekent dat?
- EEN-zijn als Kerk - dat wil niet zeggen: uniform, netjes gestroomlijnd, allemaal braafjes gehoorzaam in dezelfde pas… Maar wel: samen-horig in alle verscheidenheid, met respect voor ieders eigenheid, waarbij de inbreng van ieder mens, ieder volk en iedere cultuur als een verrijking wordt ervaren.
- HEILIG-zijn als Kerk - dat wil niet zeggen: wereldvreemd, afwezig en afkerig van de realiteit, een Kerk van “kwezels” en “pilarenbijters”… Maar wel: een Kerk die voortdurend op zoek wil gaan naar wat verenigt en héél maakt. Een ‘Pontificale’ Kerk dus, die bruggen slaat en dwarsverbindingen legt, die verschillen overbrugt en kwetsuren geneest.
- KATHOLIEK-zijn als Kerk - dat wil niet zeggen: verspreid over de hele wereld als één groot machtsblok zoals ons eertijds triomfantelijk werd geleerd. Maar wel: een Kerk die toegewijd is aan het geheel, ten dienste van allen zonder uitzondering, maar van de kleinsten en zwaksten het eerst en het meest.
- APOSTOLISCH-zijn als Kerk - dat gaat dan niet in de eerste plaats over de vraag of er wel een rechtstreekse lijn te trekken is van de apostelen naar de huidige kerkleiders toe… Maar wel: over de vraag of de Kerk van vandaag nog wel bezig is in de Geest van die Man van Nazareth en zijn apostelen. Hij zegt ons in het evangelie van Johannes zo duidelijk waar het Hem om te doen is: ‘Ik ben gekomen opdat zij leven zouden bezitten, en wel in overvloed…’ ( Joh.10,10).
Pinksteren is de dag van de verstaanbaarheid. Iedereen verstaat iedereen in zijn eigen taal. En dat verstaan doet begrijpen, doet liefhebben en voor elkaar in-staan. Immers, wat is dat precies: een ander verstaan? We kunnen het nog het best vergelijken met een soortgelijk woord: ‘verhuizen’ - dat is: van huis wisselen, van bestaan veranderen. Waarachtig ver-staan is dan: op een andere plaats gaan staan, je verplaatsen in een ander, je in hem, in haar indenken. Zijn/haar mening, situatie, plaats, probleem, bijdrage serieus nemen. Een beweging maken in een andere dan jouw richting, in een andere dan die van jouw woord, van jouw eigen waarheid en gelijk. Verstaan resulteert tenslotte in: durven veranderen van mening, van opvatting, van overtuiging. Kijkend naar onze samenleving op vandaag, merken we dat het daar vaak meer gaat over een hardnekkig willen misverstaan. En het gevolg is: onbegrip, veroordeling, verdeeldheid, vijandschap, godsdienst-oorlogen, rassenhaat. We nemen veel te weinig moeite om naar elkaar te luisteren. Zo lopen we vast in clichés die erg kwetsend kunnen zijn, en er ontstaan vooroordelen en angst. Wanneer mensen uit verschillende culturen, tradities of religies onbevangen naar elkaar willen luisteren, valt die angst weg. De Geest van God, dezelfde Geest die Jezus bezielde, en die Hij ons doorgaf met Zijn laatste adem, is die heelmakende kracht, dat heilzame gebeuren dat plaatsgrijpt waar mensen écht met elkaar in gesprek geraken en ‘on speaking terms’ zijn. In de tijd tussen Pasen en Pinksteren zitten de leerlingen van Jezus een lange tijd achter gesloten deuren. Zoals wij ook op vandaag opgesloten kunnen raken in kerkelijke bekrompenheid, politieke machteloosheid, verscholen achter de gesloten deuren van ons eigen gelijk. Het is de Geest die Petrus tenslotte de moed en het vertrouwen geeft de deuren open te gooien en naar buiten te komen. Het nachtslot van de angst mag er af. Wij zijn geroepen naar buiten, uit het graf en uit de dood, uit de cenakels van haat en misverstand. De grote Augustinus heeft in één van zijn vele brieven ooit gerept over het sacrament van het gesprek en het sacrament van de ontmoeting. Waar mensen kiezen voor mekaar is dat altijd een heilig, heilzaam teken, dat alles te maken heeft met God en Zijn verbond. Niet alleen de zogeheten zeven sacramenten zijn een vindplaats voor Gods aanwezigheid in deze wereld. Al wat mensen in liefde en zorg voor elkaar samenvoegt is dat al evenzeer… Pinksteren is: geslaagde en gedurfde communicatie. Wij vieren de Geest die ons multicultureel leert ‘communiceren’ in plaats van te ‘ex-communiceren’. God zelf doet nog eens de proef voor van de ‘communicerende vaten’ van weleer in de lagere school. Het is waarachtig de toren-van-Babel op zijn kop gezet.
Dit is de dag van Pinksteren.
Kracht van God, Geest onverwoestbaar
werkzaam in mensen. Toen en nu
toekomst onverwacht.
Als vuur, zo schrijft Lucas.
Als vlammen op hun hoofd.
Samen deuren openen.
Zelf naar buiten komen.
Anderen binnenlaten.
Elkaar verstaan.
Niet ‘ons kent ons’,
maar ‘mens kent mens’.
Geest herkenbaar, zo schrijft Paulus
aan goedheid en geduld
aan trouw en zachtheid
aan vrede en vreugde
aan liefde en vriendelijkheid
aan diepgang ook.
De Geest die mensen samenbrengt
van heinde en verre
over alle grenzen heen.
Ons hart vernieuwend,
ons met wijsheid vervullend,
en ons tot het beeld herscheppend
waartoe wij allen geroepen zijn.
Genade en vrede zij met u allen!
Arcabas – Pinksteren
** Even bellen voor een verjaardag…**
Liefde is met minzame blik kijken naar al wie valt en wordt vertrapt. Je beker met water aanreiken aan wie nog meer dorst heeft dan jij, dat is liefde Liefde is spijs en drank aanbieden en kunnen vergeven, wars van alle religie Hoezeer je medemens ook van jou verschilt jouw liefde verlicht zijn ondraaglijke pijn Te midden van alle ophef, kwaad en onheil slaagt liefde er altijd in het lijden te verzachten Wees een bloem in plaats van een doorn, een brug in plaats van al die muren.
Rumi (Perzië)
Klaprozen in de regen
uit de kinderbijbel van Gerrie Huiberts: ‘Het begon met Licht’
PINKSTEREN: ADEM HALEN UIT DE VERTE
IN VOORBEREIDING VAN HET ‘NIEUWE NORMAAL’…
Een andere weg
Niet als een vuist in zijn zwaarte, niet als een toren hoog boven de aarde. Maar als een wind, die door het huis en soms door de ziel van een mens waait. Steeds ongezien is de Geest aan het werk, zoals hij sluimert in onrust en vragen.
Of achter de nevels die alles vervagen, soms onverwacht iets in beweging zet. Een scheutje van niets dat naar het licht groeit. Een frisse adem, het prille begin van een andere weg. Heilig het zoeken, heilig de hunker, als het maar zoeken blijft naar die Ene. De Onuitsprekelijke. Kris Gelaude
God is in de bomen zegt kleine Saskia (9). Ha, zeg ik, zit God in de bomen? God zit niet in de bomen, doet ze verstoord, God ís in de bomen. Ik voel haar handje in mijn knuist, we zijn op tocht door het bos, het woud eigenlijk. Van de kasteelheer mogen we er zoveel als we willen komen spelen en wandelen.
En waarom zit God in de bomen? Ha, de bomen bewegen, zie je dat niet? En God die beweegt toch ook? Boven onze hoofden zoeven de beuken van de dreef. Het is plezant als het waait, door zo’n dreef te wandelen met een kind aan je hand. En waarom beweegt God? God moet toch overal zijn? Ja? Ja, om te helpen, hé! Ja? Stilte. De kinderen voor ons doen uitgelaten dingen, die achter ons zijn opvallend stil, gebogen als ze staan over de pas gedane vondsten. En is God alleen in de bomen? Nee, ook in de wolken. En in de beek ook? Ha ja, het water beweegt toch! En in de mensen? Dat hangt er van af: als ze bewegen. Luc Versteylen
Pinksteren
De duif leeft nog. Ze ligt naast de weg. Haar buik is bebloed. Eén pootje ligt in een vreemde kronkel tegen haar borst. Ik vraag raad aan buren bij wie ik dikwijls duiven zie. Zij denken dat ze kan gered worden. ‘Ontsmet haar wonde, en geef haar eten en drinken’… ik volg hun raad op. Zet de duif in een bakje bij mij naast de PC. Ze kijkt rustig rond. Zoals ze daar zit, is van haar wonde niets te zien. Maar eten of drinken doet ze niet. Ik kijk een tekst na voor het pinksternummer van het parochieblad. Toen we ons op de redactievergadering afvroegen welke illustratie daar bij hoorde, stemde de meerderheid voor een duif. Ik voelde er niet zoveel voor. Altijd een duif. Waar komt die verzinnebeelding van de heilige Geest eigenlijk vandaan? ‘In de handelingen van de apostelen staat het zo,’ zegt onze pastoor. De duif is het symbool van vrede, reinheid, vernieuwing.’ Tegen de apostelen kan ik niet op, natuurlijk. Al blijf ik met de vraag zitten of duiven edeler zijn dan andere vogels. Als ik ze bezig zie op de voederplank, merk ik daar niets van. Er valt me nog iets op: taalkundig is duif vrouwelijk. Terwijl God zich geopenbaard heeft met mannelijke beelden: Vader, Zoon, Geest. Maar de traditie zal wel haar rechten hebben, zeker? ‘Voor jullie is het in ieder geval een hele eer,’ zeg ik tot de duif naast mij. Ze hoort me niet. Ze is dood. Ik streel haar nog warme, zijdezachte hals. ‘Ik had Pinksteren met je willen vieren,’ zeg ik. ‘En je zodra je genezen was vrij laten.’ Ik begraaf haar onder de gouden regen. De bloesems die op het grafje dwarrelen, lijken op kleine vurige tongen. (uit Tilly Stuckens: ‘Het jaar van de ganzen’)
Geest van hierboven
Dit lied werd tijdens de pinksterviering van PKN op zaterdag 8 juni 2019 in Bolsward (uitgezonden door KRO-NCRV) gecombineerd met het bekende pinksterlied ‘Geest van hierboven’ dat werd gezongen door het jongerenkoor Samen op weg uit Houten.
(Ctrl + klikken)
ik wil het water naar de zee zijn de zoden aan de dijk het gevecht tegen de bierkaai alles wat onhaalbaar lijkt ik wil de rots zijn in de branding met de verbeelding aan de macht wil de stilte die vanzelf spreekt zijn en het daglicht in de nacht ik wil een land zijn zonder grenzen waar de ruimte nog bestaat ik wil traag zijn als de waarheid die de leugen achterhaalt ik wil de moed zijn van de wanhoop het stilstaan van de tijd ik wil een sprong zijn in het duister en de laatste strohalm zijn ik wil de taal zijn van een dichter die zichzelf geen dichter noemt
het zout zijn van de aarde en de kus die ons verzoent ik wil een land zijn zonder woorden gedragen door de wind ik wil de wereld weer leren zien door de ogen van een kind en met de schoonheid van de onmacht lopen langs een eindeloze weg met open ogen dromen weerloos en toch sterk ik wil het water naar de zee zijn de zoden aan de dijk het gevecht tegen de bierkaai alles wat onhaalbaar lijkt Geest van hierboven, leer ons geloven hopen liefhebben door uw kracht hemelse vrede, deel u nu mede aan een wereld die u verwacht**
“Wees niet bang van de frisse wind als je open staat. Wees eerder bang voor de duisternis, als je dicht slaat …’ (Pet Wikke)
Een mobiel met vredesduifjes. Door de opstijgende warme lucht beweegt de mobiel voortdurend heen en weer. Zo werkt ook Gods Geest. Je kunt die Geest niet zien. Je ziet Hem of haar pas wanneer één en ander in beweging gebracht wordt. Als Gods Geest door de wereld blaast, wordt alles nieuw. Dan gebeurt wat niemand verwacht. De bomen staan in bloei, de muren vallen tussen volkeren, de grenzen tussen mensen vervagen.
Overal - Hans Bouma
Laden… Laden… Overal zijn adem, overal zijn wiekslag – in de toppen van de bomen in het ritme van de seizoenen, in de oneindige tederheid van een beginnende schemering.
Overal zijn adem, zijn wiekslag – in de lach van een kind, in de vervoering van twee beminden, in de speelsheid van muziek, in het geheim van een gedicht.
Zijn Geest. Overal.
Bij de Vredeswens
In een TV-mis voor Pinksteren vanuit de kathedraal van Evreux/Normandië, met Bisschop Jacques Gaillot als voorganger, zag ik ooit dit symbolische gebaar: Drie kinderen kwamen tot bij de voorganger met elk een levende witte duif in hun handen. De voorganger sprak elk van die (vredes)duifjes ‘persoonlijk’ toe: ik stuur jou nu naar de gevangenis in deze stad. Ga de mensen die daar verblijven asjeblief melden dat er altijd hoop is, vergeving en kans op een nieuw begin… En jou stuur ik naar dat gezin in deze stad, dat het zo moeilijk heeft om met minder dan een leefloon te overleven in deze crisistijd. Zeg hen dat wij hun medestanders willen zijn, en dat er mensen zijn die met hen op weg willen gaan om te zoeken naar een menswaardig bestaan en een zinvolle toekomst. En jou stuur ik naar alle plaatsen in de wereld waar er oorlog is. Ga daar melden aan de politieke en militaire leiders wat Mahatma Gandhi ooit heeft gezegd: ‘Oog om oog maakt op de duur de hele wereld blind…’ Toen gingen de kinderen naar buiten en lieten op het plein voor de kathedraal hun vredesduiven los. En na de viering werden wel duizend duiven gelost in open lucht. Waarachtig een adembenemend en ‘geest-ig’ schouwspel…
Wereldvrede
In het Egyptisch paviljoen van de Biënnale van Venetië hangen duizenden zwarte en witte duiven ze verbeelden de wereldvrede straks als alle bezoekers weg zijn vliegen zwarte duiven naar de landen in oorlog witte duiven zoeken naar de bedreigde gebieden op aarde de vredesduiven strooien zaadjes in de harten van de mensen morgen bloeit daar een bloem van hoop overmorgen een bloem van vertrouwen daarna komt de bloem van liefde die weet dat er maar één weg is naar het hart alle mensen zijn broeders en zusters stop de spiraal van geweld start de dialoog spreek, spreek, spreek luister, luister, luister drink en eet samen
Eddy Lie
Verjaardagswensen voor de Kerk – op Pinksteren, haar geboortedag…**
Dat je mag worden een Kerk die hoort de roep van vandaag, van gisteren en eeuwig: de schreeuw om geboorte, de hartenkreet van mensen om recht en vrede.
Dat je leert luisteren naar de Geest, die als de wind waait vanuit de meest onverwachte hoeken: daar waar de kleinen schuilen, waar zwakken beschutting zoeken en hongerigen bedelen om brood.
Dat je als Kerk zélf wordt als de wind: een pelgrim, een zwerverskind. Altijd op zoek, zonder zelfbehoud, zonder huis of kluis; vrij als een vogel, niet gekerkerd door wereldse machten en krachten.
Dat je mag worden een scheppende, creatieve Kerk. Die van deze wereld een keten van bewoonbare plaatsen maakt, een spoor van oases in de woestijn. Begin van menswaardig leven overal.
Een Kerk die muren sloopt, deuren en ramen opengooit, zodat mensen zien - al is het maar even – een glimp van een nieuwe wereld, een nieuwe aarde. Kerk die gemeenschap sticht en mensen samensmeedt.
Kerk als een Gist- en Spiritusfabriek, waarvan de gist onderduikt in het wereldse deeg om brood te worden voor vijfduizend.
Kerk waar geen angst meer heerst. Waar mensen groeien in liefde, geduld, volharding, zachtmoedigheid, vergeving, lange adem. Waar mensen elkaar verstaan uit een vloed van woorden of uit stilte soms, en uit de verscheidenheid van stenen één huis van vrede bouwen.
Kerk opnieuw geboren: de longen komen open, de tongen komen los. Kerk met de tongval van de Geest, die bemoedigt en mensen taal van bevrijding aanleert, woorden van leven ingeeft, visioenen van een andere wereld. Levensadem die tégen de dood inblaast, met niet te stuiten kracht.
Kerk als een permanente waakvlam in de wereld aanwezig. Plotseling in vuur en vlam gezet, als Mozes bij het brandend braambos. Die zich laat roepen en aangesproken weet door de ellende van Gods volk.
Kerk die kant kiest van vergeten verliezers. Tot zij rust vindt in het Visioen: vrede en gerechtigheid overal. Gelukkige verjaardag, Moeder-de-Kerk. En Zalige Hoogdag van Pinksteren!
(Geert Dedecker)
*(tekst ooit neergeschreven voor en uitgesproken in de viering van het 25-jarig priesterjubileum van mijn kozijn Albert-Bertje Dedecker in Pîtres, bisdom Evreux, Normandië – Mgr.JaquesGaillot ging toen als bisschop voor in deze viering. **Achteraf, op het volksfeest in de tuin van de pastorie, kwam Jacques Gaillot mij vragen of hij asjeblieft mijn tekst kon krijgen – de enige keer in mijn leven dat ik **het **meemaakte dat een bisschop **zo **uitdrukkelijk *belangstelling toonde voor een tekst of preek van mijn hand…)
Er is een passage uit het boek van Wil Derkse: ‘Een levensregel voor Beginners’, waarin hij vertelt over de abdij waar hij als oblaat bij is aangesloten. Hij schrijft: “Nu lijkt mijn abdij na lente, zomer en herfst in haar winterseizoen te zijn – al zijn er eerste lenteboden. Zo’n winterseizoen lijkt erger dan het is. Ook de winter is een respectabel seizoen waarin kiemen worden bewaard en stilletjes doorleven voor een volgende lente van een jaar dat anders zal zijn dan het vorige. Het is als bij die oude Ierse gewoonte die ‘Grieshog’ genoemd wordt, waarbij aan het eind van de dag enkele gloeiende kooltjes onder een laag as worden geborgen. Na de nacht kunnen de kooltjes weer worden vrijgemaakt om een nieuw vuur te doen ontvlammen. Wie als buitenstaander het kleine en grotendeels grijze gezelschapje abdijbewoners voor het eerst zou meemaken, zou al gauw kunnen denken: er is vooral veel as hier. Maar ik weet dat er gloeiende kooltjes onder de as zijn. Ik weet dat omdat ik er elke keer, ook nu in de winter, opnieuw door aangestoken word.” Misschien is het een beeld dat ook ons een hart onder de riem kan steken als we ons soms zorgen maken over hoe we het verhaal van de Jezusbeweging en van de Kerk kunnen doorgeven. We kunnen op zijn minst de kooltjes bewaren. Er zijn woorden en verhalen die ons kunnen dragen. We kunnen ons eraan warmen. Er bij momenten een beetje in poken en stoken. En dan kan het toch eigenlijk niet anders of er vlammen vroeg of laat weer vuurtjes op – van mensen die de Geest hebben gekregen en doen wat ze kunnen om deze wereld een beetje mooier te maken. Grotere en kleinere vuurtjes. Hoe groot ze zijn maakt eigenlijk niet uit. Want ook de kleine vuurtjes veranderen onmiddellijk iets. Ik weet dat – omdat ik er zelf elke keer weer door aangestoken word. Uit de toespraak ‘Opgestaan is mijn hart’ van Mirjam Rigterink - EKKLESIA AMSTERDAM zondag 16 maart 2025
VOORBEDEN VOOR PINKSTEREN
God van vuur en leven,* op deze Pinksterdag bidden wij om de komst van Uw Heilige Geest.** Laat Uw geest waaien door onze gesloten deuren,** door de angst en verdeeldheid in de wereld,** en maak ons tot mensen van moed, verbondenheid en geloof;** Vernieuw in ons het verlangen om ons met hart en ziel af te stemmen op Uw Woord.** Laat ons bidden**.*
Wij bidden voor de Kerk, In al haar verscheidenheid van talen, culturen en visies.* Dat zij niet vasthoudt aan wat verstard is,** Maar zich laat leiden door de levendige adem van Uw Geest.** Dat kerkleiders wijsheid ontvangen,** En dat gelovigen het vuur vinden om profeten te zijn in deze tijd.** Laat ons bidden**.*
De wereld snakt naar adem, naar rust, naar recht.* Waar vuur vernietigt, laat Uw vuur daar helen.** Waar mensen elkaar niet verstaan,** breng daar woorden van begrip en bruggen van genade.** Schenk wereldleiders de geest van overleg,** en ondersteun hen die strijden voor rechtvaardigheid.** Laat ons bidden**.*
Heilige Geest, kom ook in ons midden.* In onze huizen, in onze zorgen, in onze vreugde.** Schenk ons de gave van een luisterend hart,** van liefde die grenzen durft te overstijgen,** en van woorden die leven wekken.** Maak van ons mensen van Pinksteren:** Levend, open en vurig van geloof.** Laat ons bidden**.*
Voorbeden
Wij bidden tot de Geest van Pinksteren
Om genezing van gebrokenheid zalf ons met uw tederheid.
Om genezing van verdriet zalf ons met uw troost.
Om genezing van pijn zalf ons met uw zorg.
Om genezing van lijden zalf ons met uw kracht.
Om genezing van wanhoop zalf ons met uw belofte.
Om genezing van angst zalf ons met uw rust.
Om genezing van wat kwetst zalf ons met uw mildheid.
Om genezing van wat verdeelt zalf ons met uw vergeving.
Om genezing van het kwaad zalf ons met uw barmhartigheid.
Geest die geneest zalf ons met uw vrede nu en altijd. Amen.
Duif in tuin
-
Voor Jan Emmens*
Een duif zit voor zich uit te staren en hoort de wind die in zijn veren blaast. Zit hij te wachten op gebaren van wanhoop, liefde, blijdschap, haat? Is dit je hoeden voor gevaren of weten dat de hoop je angst verslaat? Hoe komt wie vliegt ooit tot bedaren en wie niet vliegt ooit van zijn plaats? Jan de Bas