De achtste scheppingsdag (2008)

A-cyclus · Paastijd · Pinksteren · rood

Torens van Babel, worden nog steeds gebouwd. De een of de ander onder u denkt daarbij wellicht heel letterlijk aan die verbazingwekkende bouwwerken van 500 meter en meer die op verschillende plaatsen in Azië worden gebouwd.

Ik denk bij de toren van Babel meer aan die mensen die zich in onze samenleving roeren met geluiden als: wij hier zijn belangrijk, de anderen, de buitenlanders moeten maar zien, die moeten in ieder geval thuis blijven en niet hier komen. Wij hebben genoeg aan onszelf en moeten trots zijn op onszelf. Voor mij klinkt dat als een zichzelf willen verheffen en beter vinden dan de ander, als pogingen om naam te willen maken, boven anderen uit.

Het gevolg zien we ook om ons heen. Gesprek verwordt dan tot het uitwisselen van slogans en een soort puberwedstrijd wie het meest beledigend durft te zijn. Luisteren naar een ander? Daartoe is men niet meer in staat. Je wilt naam maken, je hoeft niets van anderen meer te ontvangen, trots zijn om wat je zelf hebt, daar gaat het om.

Een toren die uitrijst boven het polderlandschap is voor mij dan een beeld dat bruikbaar is. Maar een die zoals zovele torens uiteindelijk zal blijven steken, onaf blijft, want, dat leert het verhaal van Babel, het loopt uit op een mislukking, op isolement en het gevolg is dat mensen elkaar niet meer verstaan, steeds meer vervreemden van elkaar en dus tegen elkaar worden opgezet en God is al helemaal uit het vizier verdwenen, die speelt geen rol meer.

Het verhaal van de toren van Babel is één van de zondeverhalen waarmee de bijbel begint. Eén van de zondeverhalen. Misschien bent u zich dat niet bewust: in het begin van de bijbel staan verschillende zondeverhalen, verhalen over de mens die zijn koers kwijt raakt en afstevent op levensmislukking. Dat eerste kennen we allemaal wel, dat over het eten van de verboden vrucht van de boom van kennis van alles - dat komt de mens duur te staan, het is uit met de harmonie in de schepping en de vrede tussen mensen is, weg moet hij uit de paradijselijke tuin. Een ander verhaal: de ene mens staat de ander naar het leven Kaïn en Abel, kennen we nog vaag: mensen zijn elkaar een bedreiging geworden. Dit derde zondeverhaal mensen die vergeten dat ze kinderen zijn van één vader, broeders en zusters aangewezen op elkaar, ze raken in totale verwarring en vallen uiteen en worden verspreid over de hele aarde. Zo gaat dat als je je oorsprong vergeet en je goddelijke allures gaat aanmeten.

Allemaal verhalen waar de bijbel mee begint, niet omdat het verhalen zijn van lang geleden, integendeel ze getuigen van een diep inzicht in het wezen van de mens voor alle tijden, ook voor ons. Voortdurend hebben wij mensen de neiging om onze oorsprong te vergeten, dat we kinderen zijn van die Ene en Eeuwige, ‘die zag dat het goed was’. Dag aan dag staan mensen elkaar letterlijk en figuurlijk naar het leven. En Babel, je verheffen ten koste van de ander, het gebeurt nog steeds, daar brengt technische vooruitgang geen verbetering in, verdeeldheid elkaar niet verstaan is het gevolg.

20Het verhaal dat Lucas ons vandaag vertelt over het gedruis van een stormwind, over vurige tongen, is het contrastverhaal van de toren van Babel. Dáár elkaar niet meer verstaan, verwarring en uit elkaar geslagen worden. Pinksteren, bijeen gebracht worden, overbrugging. Dáár mensen die zich hoogmoedig aan God gelijk maakten en alles zelf in handen wilden nemen, Pinksteren mensen die zoeken naar hun plaats en ontvankelijk bleken voor Gods gave, dáár einde van een ontwikkeling, Pinksteren het begin van een nieuw visioen van mensen met elkaar. Het gebeuren van Pinksteren is als het ware een sluitsteen in het gewelf en maakt in een klap iets duidelijk van de grote lijn die in de geschiedenis is te trekken. Wat er gebeurd is met Jezus van Nazareth: - geleden, gestorven, begraven en opgewekt, hij bleek de eerste van de mensen te zijn zoals God dat bedoeld heeft. Dat gebeuren met Jezus van Nazareth, dat Hij leeft verstaan wij dikwijls individueel, op hem van toepassing.

Vandaag, Pinksteren, laat God zien, dat wat met Jezus gebeurt veel meer is. In een soort achtste scheppingsdag zet God zelf de schepping die was ontspoord, weer op de goede koers. Gevolg: mensen verstaan elkaar weer, krijgen weer zin in het leven, voelen zich niet meer afgesloten, perspectief ontstaat weer op een wereld naar Gods bedoelingen. Zo werkt Gods Geest in ons, dat is het werk van God in ons.

Pinksteren is het visioen van Gods achtste scheppingsdag. Bijna vanzelf komt de vraag: Wat moeten we doen? Bijna vanzelf komen we van dat grote visioen weer terug op de aarde, op ons eigen kleine niveau. Zo gebeurt het ook in de Handelingen, na de toespraak die Petrus hield, waarvan wij vandaag de eerste regels hoorden, vroegen de toehoorders aan Petrus: Wat moeten we doen?

Eigenlijk is uit het contrast tussen het verhaal van Babel en het verhaal van Pinksteren de conclusie al te trekken: blijf geen buitenstaander, sluit je aan bij die nieuwe manier van leven waarin je aan God de hem toekomende plaats geeft en waarin je elkaar herkent als broers en zussen van die ene Vader.
Naklinken mag daarbij ook wat we tien dagen geleden hoorden, met hemelvaart, sta niet naar de hemel te staren. God zijn plaats geven dat moet gebeuren in je dagelijkse leven hier tussen ons, de verwerkelijking van dat.
Het resultaat zal zijn een groep mensen, een geloofsgemeenschap die open is en gastvrij voor ieder die er een plaats zoekt, wij open en gastvrij omdat de Heer zich zo naar ons betoont;
een geloofsgemeenschap die, net als de leerlingen en de vrouwen in de vijftig dagen na Pasen het aandurft om bezinning en gebed een plaats te geven in het leven.

Een geloofsgemeenschap, die de 8e scheppingsdag begint bewust van onze opdracht om niet naar de hemel te gaan staren maar om consequent te werken aan deze wereld die meer en meer Gods wereld zal worden omdat Hij met ons meewerkt. De werken van de Geest, de vruchten van de Geest zijn zevenvoud, dat wil zeggen zo talrijk en in zoveel menselijke situaties van toepassing dat het daar niet aan kan liggen. Wel aan ons, aan mijzelf. Probeer ik te ontdekken hoe God tot mij spreekt en wat Hij van mij verwacht? Durf ik me door Hem, door Haar te laten verrassen? Staan we ook open voor elkaars ondersteuning op de weg van het Pinkstervisoen?
We bidden er vandaag om: Kom Geest, vernieuw het aangezicht van de aarde, wek onze kracht, vuur onze hartstocht aan.

Zoeken in Preken Online