Als celibatair en alleenwonend ben ik gewend om alleen te eten. Zolang ik maar een krant of tijdschrift naast me heb liggen heb ik er geen enkele moeite mee. Maar een keer eten samen met anderen is heel plezierig. En overal waar meer mensen onder één dak samenwonen, is het samen de maaltijd gebruiken heel belangrijk voor de goede sfeer in huis en dan geeft het geen pas als de een onder het eten de krant zit te lezen, de ander Panorama of de Nieuwe Revue, en de derde met zijn bord eten voor de televisie zit. Dan zeg je: hier klopt iets niet en toch schijnt het voor te komen.
Samen eten is ook meer dan het voedsel naar binnen werken, het is ook praten met elkaar, luisteren naar elkaar. Als drie of vier mensen aan tafel zitten te eten en er de hele maaltijd wordt geen stom woord gezegd, dan zeg je ook: hier klopt iets niet. Samen eten moet ook een ontmoeting zijn van de huisgenoten, en eventueel met anderen als er gasten zijn.
Die ontmoeting is even belangrijk als het eten zelf. We kunnen niet zonder eten, dat is duidelijk genoeg, maar we kunnen ook niet zonder echte contacten met anderen, zonder echte ontmoetingen, zonder uitwisseling van gedachten en gevoelens. Samen eten is daarom veel meer dan de maag vullen: in die ontmoeting met elkaar moeten de tafelgenoten zich ook geestelijk kunnen voeden, aan elkaar, aan elkaars warmte en genegenheid.
In elk gezin zou het samen eten heilig moeten zijn want juist zo, samen etend en samen pratend, kan de verbondenheid van het gezin inhoud krijgen en gevoed worden. En dat hoeven echt niet altijd indringende en diepzinnige gesprekken te zijn, dat zou denk ik ook gauw gaan vervelen, maar ook het uitwisselen van alledaagse dingen kan veel bijdragen aan een gezonde onderlinge verbondenheid, niet alleen tussen de partners maar ook tussen ouders en kinderen en tussen de kinderen onder elkaar.
Dan moet het natuurlijk geen wedstrijd zijn wie het snelst kan eten, want dan heb je geen tijd voor elkaar, dan is er geen rust want in die rust kan gezegd wordt dat ieder bezig houdt, ook en juist ook door de kinderen, hoe klein ze ook zijn.
In die ontmoetingen van de gezamenlijke maaltijd kan lief en leed gedeeld worden, en daardoor kan de gezinsband gevoed worden en groeien.
Vandaag vieren we Sacramentsdag, aandacht voor de maaltijd des Heren. De eucharistieviering is een symbolische maaltijd, het gaat niet om letterlijk eten maar om geestelijk voedsel. En ook hier gaat het vooral om de ontmoeting: de ontmoeting met Jezus en de ontmoeting met elkaar. Ook hier gaat het niet op de eerste plaats om het eten, om de communie dus, ook al wordt dat wel door velen zo ervaren.
Het gaat om heel het samenzijn waarin we samen bidden en zingen, samen luisteren naar de Bijbelteksten, en ook samen eten van het brood. Elke echte ontmoeting is een beetje in de huid van de ander kruipen, is, in zekere zin, de ander in je opnemen zoals je voedsel in je opneemt.
In het evangelie sprak Jezus dat heel indringend uit in bewoordingen die een beetje kannibalistisch klinken. Als je het vlees van de mensenzoon niet eet en zijn bloed niet drinkt, heb je het leven niet in je, dan ga je geestelijk dood van de honger.
Iedereen begrijpt wel dat vlees en bloed niet letterlijk genomen moeten worden, maar het geeft wel op een heel indringende en haast dramatisch wijze weer hoe belangrijk het is je te laten voeden door Jezus, door heel zijn persoon, door zijn idealen, door zijn woorden, door zijn voorbeeld. Daarom kent elke eucharistieviering ook een woorddienst, waarin we Jezus ontmoeten in de Bijbelteksten en de overweging.
En deze ontmoeting moet wel zijn gevolgen hebben voor het dagelijks leven namelijk dat de deelnemers aan de maaltijd des heren, gesterkt door dat geestelijke voedsel van woord en brood, ook samen doen wat Jezus ons heeft voorgehouden en voorgeleefd: namelijk verbondenheid en saamhorigheid beleven in het gezin, in heel de gemeenschap.
Sacramentsdag (2008)
A-cyclus · Tijd door het jaar · Sacramentsdag · wit