Licht (2011)

A-cyclus · Tijd door het jaar · 5e zondag · groen

Dezer dagen werden we verrast met enkele krantenartikelen die waarachtig positief terug keken op het kerkelijk verleden. Het ging over de betekenis van Mgr Bekkers. Er werd nog eens naar voren gehaald dat deze bisschop begrip had voor de gemiddelde problemen van de gemiddelde mens. Hij liet dat weten in toespraken voor de TV. Het klonk als een bevrijding, zeker toen, om te mogen vernemen dat ieder mens de vrijheid en de plicht heeft om te handelen naar eigen geweten. Hij werd een lichtend voorbeeld genoemd voor priesters, ouders en mensen in de zorg.

Dat hij geen groot theoloog of hoog intellectueel was, geen alles overziend bestuurder en zo meer, dat deed daar niets aan af. Zo zijn er ook mensen uit onze naaste omgeving waarvan we vinden dat ze het licht hebben doen doorbreken in het leven van mensen om hen heen, zoals in de zaligsprekingen van vorige week werd beschreven: als je je brood deelt met wie honger heeft, als mensen zonder huis een dak boven hun hoofd krijgen en een warme omslag om hun lijf en hun hart. Daar hoef je geen bisschop of bijzonder mens voor te zijn. Is het niet zo dat we onze ouders, een vriend of vriendin, een leraar of lerares, een buurman of buurvrouw hebben gekend of kennen, die ons inspireren, waar we ons aan optrekken. Hoe meer ze voor ons betekenen of betekend hebben, des te langer zullen we hen in herinnering houden. Daarom is Jezus Christus zelf nog steeds niet vergeten. En toch: Als een lichtbron, een lamp of zoiets in werking wordt gezet gaat het er niet om de aandacht op die lamp te vestigen. De lichtbron zorgt ervoor dat het donker over de omgeving verdwijnt, dat het beste oplicht. Mensen die een licht zijn voor hun omgeving zijn er niet om zichzelf te verlichten, maar hun medemensen, het beste in hen naar boven te halen. Dat doen ze door hun woorden en hun voorbeeld in daden.

In het evangelie van vandaag worden ze ook de smaakmakers genoemd. Daar werkt het weer op dezelfde manier. Zout is er niet om het zout zelf goed te laten proeven, maar om smaak te geven aan het gerecht waaraan het wordt toegevoegd. Te weinig doet niets en te veel maakt het oneetbaar.

Wij worden vandaag allemaal als potentieel licht en smaakmaker aangewezen. Aan een lamp in een doos of aan zout in een gesloten potje heb je niets. Jezus legt vandaag een hand op ons hoofd met de aansporing: sta op, kom in beweging. Profeten kregen in het verleden ook zo’n opdracht en begonnen dikwijls met tegen te sputteren. Toen Mozes als voortrekker werd aangesteld wierp hij tegen dat hij geen goed spreker was en zelfs stotterde. “Dan laat je een ander maar het woord voeren”, zei Jahweh,God, “maar jij bent de voortrekker”. Heel veel mensen hebben trouwens bijzondere gaven: Ik had een buurvrouw die met de ogen dicht kon haken en breien. Hebt u al eens geprobeerd het werk van een stratenmaker na te doen of het verbinden van een wond zoals een verpleegster dat doet, maar ook een handige moeder. Sommige mensen zijn meesters in het luisteren naar iemands problemen, het tonen van vriendelijke nabijheid. Maar we zijn dikwijls nog creatiever dan Mozes om smoesjes te verzinnen en het troosten, het nabijzijn en zo meer aan anderen over te laten, aan de zorginstelling, aan de professional of doen niets, “want misschien dringen we onszelf dan op”. Nou, probeer het maar, dat zal erg meevallen!

(toevallig kreeg ik deze week een schilderij van een kunstenaar: Jezus die zijn apostelen de handen op legt en uitzendt. Het staat voor in de kerk. Bekijk het maar eens; we staan er zelf tussen.)

Zoeken in Preken Online