Evangelieprikje (2005)

A-cyclus · Tijd door het jaar · 31e zondag · groen

Het is nog maar enkele weken geleden dat ik aan de fietsenstalling op school stond en er een leerling rokend kwam afgereden. Roken op school is verboden en ik wees dus naar zijn mond en hij doofde gedwee de sigaret. Enkele uren later zat die vijfdejaars voor mij en hij begon er over te zagen dat het toch erg was dat er niet mocht gerookt worden. Toen ik hem vroeg of zijn ouders er mee akkoord waren dat hij rookte, was zijn antwoord dat dit hun zaken niet waren want ze rookten zelf. Blijkbaar is er iets in de mens dat ons zegt dat alleen maar iemand die doet wat hij zegt “recht van spreken” heeft. Als regel voor opvoeders is dit zelfs min of meer aanvaard. Maar ook al is dat nu maatschappelijk aanvaard en kunnen we daar achter staan, het mag ons niet beletten er kritisch over te blijven. Moeten we niet luisteren naar iemand die getuigt van de Waarheid, ook al leeft hij er zelf niet naar? Is de Waarheid de norm waar we ons naar richten of is het de ander die norm is voor ons? Mogen we uitspraken van de Kerk in de wind slaan als we merken dat de Kerkleiding er zelf niet naar leeft? Is het evangelie onze norm of wordt het leven van Kerkleiders onze norm? Hoezeer we ook willen aanprijzen dat mensen ook doen wat ze zeggen, we mogen niet blind zijn voor het feit dat het maar mensen zijn. Ieder mens moet proberen de waarden waar hij achter staat en die hij luidkeels verkondigt, waar te maken in zijn eigen leven maar ze mogen niet afgerekend worden op hun falen soms. Indien we dat zouden doen, zouden we Gods barmhartigheid jegens ons over het hoofd zien. Laten we eerlijk zijn, als alleen nog de mensen die compleet volgens het evangelie leven, het evangelie mogen verkondigen, wie zou dan nog van zichzelf durven denken dat hij het recht heeft dat te doen?

Met dit alles in het achterhoofd krijgt het evangelie van vandaag voor ons toch nog een bevrijdende, blijde boodschap ook al lijkt het er op dat de evangelist Matteüs Jezus hier fel van leer laat trekken tegen de Farizeeën en schriftgeleerden. De discussies tussen Jezus en de Farizeeën moeten we met een korrel zout nemen, dat weten we. Als we Jezus bij een bepaalde groep zouden moeten plaatsen, dan zou de groep van de Farizeeën de groep zijn waar Jezus nog het meest bij aansluit. De verhitte discussies mogen vooral begrepen worden als evangeliepassages die gekleurd zijn door de “strijd” tussen de christenen en de Farizeeën na de val van Jeruzalem. Maar ook al mogen we sommige uitspraken wat relativeren, er zit toch nog heel veel in. Zo lezen we bv. niet dat er niet naar de Farizeeën en schriftgeleerden moet geluisterd worden, wel integendeel. De Wet van Mozes blijft ook voor Jezus de norm. Jezus protesteert tegen de huichelarij. Je moet goed zijn als antwoord op Gods liefde, niet om geëerd te worden door mensen. Je spreekt uit liefde met God, niet om op te vallen bij anderen.

Het is niet echt moeilijk dit door te trekken naar de Farizeeën en schriftgeleerden van vandaag die door alle mogelijke geboden en verboden het geloof aanbieden als een “last”. Ook hen kunnen we makkelijk pakken door te zeggen “je doet het zelf niet”. Maar gelukkig weten we dat niet de kerkelijke geboden en verboden, noch de levenswijze van kerkmensen uiteindelijk de norm is. Het gaat in ons geloof om het evangelie en dat is dus het bevrijdende van dit zondagsevangelie. Het is Gods Blijde Boodschap van liefde die ons leven wil veranderen, ten goede. Om Gods liefde te beantwoorden, kunnen we proberen er naar te leven, beseffend dat we ook maar mensen zijn. Als we maar een godsdienstige show opvoeren om geëerd te worden door anderen, dan zullen we misschien geëerd worden. Maar ten allerlaatste zullen we voor onze God staan en zal Hij -die ons beter kent dan wijzelf-, ons vragen wat we gedaan hebben. Ons antwoord zal moeten gaan in de richting van concrete naastenliefde voor medemensen en best niet in de richting van eerzucht. Zoals men bij een cadeautje soms zegt: het is de intentie die telt. Wat zijn onze intenties? Misschien moeten we eens op zoek naar die Farizeeër met twee gezichten die ook wel ergens diep in ons leeft en die ons onnodige lasten oplegt om in de smaak te vallen bij anderen. Er staat immers ook nog: wie zichzelf verheft, zal vernederd worden en wie zichzelf vernedert, zal verheven worden. Ook hier is het weer de intentie die telt …

Ik heb in ieder geval weer de intentie er wat van te maken, van mijn geloof maar schiet mij niet af als ik weer aan het “mensen” ben …

Zoeken in Preken Online