Wat komt God toe en wat komt de keizers toe?
Hoewel er in Nederland officieel geen keizers zijn, lopen, of beter gezegd, rijden er toch aardig wat rond over de Nederlandse wegen.
Keizers komt veel toe. Heel veel. Veel belasting natuurlijk en heel grote auto’s natuurlijk ook, want gewoon groot is nog niet groot genoeg. Ze moeten een stuk langer zijn dan die van anderen en ook een stuk hoger als het kan. Onbeschoft grote huizen komen hen toe. Maar ja, dat is eigenlijk alleen maar heel sociaal , want dat is goed voor de economie en de werkgelegenheid van de gewone mensen. Eerbied en respect komt ze ook toe, want de nieuwe keizers zorgen voor het land. Ze zorgen voor input in de economie en voor een boost van ons technologische ontwikkeling. Keizers komt ook toe, dat er geen grenzen zijn. Geen grenzen aan hun macht, geen grenzen aan hun rijkdom, geen grenzen aan hun aanzien, geen grenzen aan wat kan. Er kunnen geen grenzen zijn, want de keizers zelf zijn de grens. Hij bepaalt de grootte van zijn kroon, het aantal diamanten op de tiara en trouwens ook hoeveel de onderdanen teruguit moeten in koopkracht, want anders kan het bedrijf niet meer concurreren met het buitenland. Wat eigenlijk het mooiste zou zijn voor de keizer is dat de onderdanen hier genoegen nemen met anderhalve euro, want dat is wat op een dag een Indiase werknemer ook krijgt voor een dag sjouwen. Dan is de concurrentie- positie tenminste gelijk en krijgt de economie opwaartse stuwing. Laten we daarom de keizer geven, wat de keizer toekomt .
En wat komt God toe. Is er nog wel plaats voor God als de keizer al alles heeft genomen wat hem toekomt?
En wat is God geven wat God toekomt? Is hij niet de dragende grond van ons bestaan, het geheim van het leven en is hij niet groter, verder en dieper dan alle keizerlijke aanspraken?
Wat komt God toe?
Misschien toch op de eerste plaats ons geloof in Hem. We weten niet wie Hij is of wat Zij is of hoe, maar we mogen toch geloven in die God, die Liefde is en die houvast biedt, die groter is dan ons eigen harten dichter bij ons dan onze eigen ziel. Hij is toch de machtige machteloze, die met ons meeleeft en meelijdt in verdriet, ziekte en pijn en die ons beloofd heeft dat ooit eens die pijn voorbij zal zijn, niet als een belofte, die ons zoet en braaf houdt, maar die ons uitdaagt om te vechten voor een sociale, vriendelijke en eerlijke samenleving, waarin op Christus’ wijze wordt gedeeld. Ja ons geloof komt God zeker toe.
Wat God toekomt? Misschien ook ons stil gebed hier in de kerk als we samen in de stilte proberen te bidden, als de voorgangers proberen –hoe moeilijk en onmogelijk dat ook is – proberen uw gebed te verwoorden. Er is een kinderlied in de kerk. Dat gaat zo:
*God van alle mensen
Luister naar ons zingen
God van alle mensen
U blijft ons omringen
Ook al gaat het mis Heer
Zijn we U vergeten
U laat altijd weten dat U van ons houdt
God van alle mensen
Luister naar ons bidden
Help onze wereld blijf in ons midden*Een prachtig lied een mooi gebed. Zo’n gebed komt God toe, omdat we daarmee ook onszelf een klein beetje loslaten, onszelf overgeven aan Hem. Niet zelf meer de maat van alle dingen, maar ons de maat van God, de maat van de Liefde aanmeten.
Wat God toekomt? Ons gezang hier in de kerk. Soms met een koor en soms eenvoudig weg ook samen . Hoe dan ook. God toezingen.
Wat God toekomt? Ons delen met elkaar. Delen hier als we de eucharistie vieren en als we delen in Gods naam. Als we onze gaven aanbieden en ze terug mogen ontvangen als gave en als opdracht om zo in ons leven te blijven doen.
Wat God toekomt? Geen geld, geen macht, geen aanzien, geen rijkdom, geen torenhoge winsten, maar onze overgave aan Hem aan onze God, die Liefde is.
Keizers zijn er velen, maar zo staat er in de eerste lezing: er is maar één God, die ons draagt en vasthoudt en die in Jezus zelf bij ons kwam: Gods zoon en mensenzoon tegelijk. Hem komt ons leven toe, ons geloof onze ziel en onze zaligheid, die we steeds ook van Hem mogen terugontvangen met Zijn liefde vervuld voor altijd