Over woorden en daden, over ja zeggen en ja doen gaat het evangelie van deze zondag.
Jezus vertelt een parabel: de parabel van de twee zonen. Hij vertelt het voor de hogepriesters en oudsten van het volk: het gezag van zijn land.
Een vader had twee zonen: de eerste is een beleefde ja zegger - ja vader - maar hij gaat niet werken zoals gevraagd.
De andere zegt vlakaf: nee! maar hij komt tot bezinning en geeft uiteindelijk gehoor aan zijn vader en doet wat van hem verwacht wordt.
Een kontrast tussen de zeggers en de doeners. Of beter nog: een tegenstelling tussen een mens die het bij goede woorden houdt en een andere die zich bedenkt, zich herpakt, tot inkeer komt en dan de wil van de vader ten uitvoer brengt.
Jezus richt deze parabel tot de geestelijke leiders van het volk.
De hogepriesters en de oudsten van het volk, degenen die de wetten heel goed kennen en die regelmatig komen luisteren in de tempel, naar Gods woord. Zij gedragen zich als de eerste zoon: ze zeggen ja, maar doen neen. Over hun hoofden heen richt Jezus zich ook vandaag tot ons. Wij die hier regelmatig samenkomen; wij die ja zeggen op de uitnodiging van God. Pas op, zegt Jezus, dat je niet lijkt op de eerste zoon die ook ja zei maar neen deed.
Ook wij lopen het gevaar weleens te zeggen: groot gelijk, meneer pastoor, maar het rustig bij het oude laten. Of: de pastoor heeft het goed gezegd: dat had mijn gebuur moeten horen.
Er is ook een tweede zoon in het parabeltje
Hij zegt: “boutweg” neen" op de vraag van zijn vader. Hij weigert te doen wat hem gevraagd wordt. Maar achteraf komt hij tot inkeer en doet wat de vader hem gevraagd heeft.
Jezus bedoelt ook hier heel bepaalde mensen: nl. de tollenaars en de ontuchtige vrouwen. Mensen die niet vies zijn van de mannen.
Deze laatsten, zegt Jezus, lijken op de tweede zoon. Ze zeggen en doen neen in het leven, maar als ze het woord van God persoonlijk horen bekeren ze zich en worden ze totaal andere mensen.
Zo heeft Joannes de Doper het ondervonden. Zo ervaart Jezus het zelf. Daarom neemt hij het duidelijk op voor de misprezen, geklasseerde mensen omdat hij het meemaakte hoe ze veranderden, betere mensen werden als zij met sympathie en goedheid benaderd werden.
Over de hoofden heen van zijn toehoorders wil Jezus ook ons waarschuwen niet te laatdunkend of misprijzend neer te kijken op hen die het niet zo nauw nemen met gods geboden: ze zijn vaak beter dan wij denken. Misschien hebben ze nood om met een beetje goedheid benaderd te worden om zich te bekeren. Misschien is de drempel van onze kerk letterlijk en figuurlijk voor sommige mensen te hoog en moeten wij enkele trapjes afdalen om hen te kunnen ontmoeten.
Eigenlijk is er nog een derde zoon: nl. Jezus zelf. Hij is de ware zoon van de Vader. Hij zegt ja en doet ja. Hij is een met de Vader in woord en daad. Paulus bezingt hen in de tweede lezing: Hij klampt zich niet vast aan titels of aanzien. Hij heeft zich klein gemaakt. Slaaf met de slaven. Aan mensen gelijk geworden, lijdend en stervend voor de nieuwe wereld. Hij is door God verheven tot zijn ware Zoon: Jezus Christus is de Heer.
Goede vrienden, het evangelie is “goed nieuws” en niet op de eerste plaats een moraliserende les. Een uitnodiging om eerst naar God en Jezus te kijken - dankzeggend - en daarna naar onszelf.
Bij God zijn woord en daad één: Gods woord is scheppend"God sprak en het werd"
Het worde licht en het werd licht
God sprak en zo geschiedde
Gods woord is levenwekkend zegt de profeet
Het keert niet vruchteloos tot God terug.
Het is als de regen die neervalt, de aarde doordrenkt en vruchtbaar maakt.
God is licht en in Hem is geen spoor van duisternis.
God is liefde en niets anders dan liefde: Hij laat zijn zon opgaan over goeden en kwaden.
Jezus wordt genoemd: Gods Woord. “En het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond”. In Jezus zien we deze eenheid tussen woord en daad in menselijke gestalte. Daarom is Hij ook beeld van de Vader, zijn Zoon.
Laten we vooral opkijken naar God en Jezus en bidden: Uw wil geschiede op aarde als in de Hemel. Dit moeten wij waarmaken in ons leven en in de wereld van vandaag.
In de wereld is het vaak:
Words, words, woorden in de wind
Bij de voetbal geldt de kreet
“Geen woorden maar daden”.
Voor een kristen geldt:
“Woorden en daden. Getuigen in woord en daad”.