Grenzeloze vergeving

A-cyclus · Tijd door het jaar · 24e zondag · groen

Hoe dikwijls moeten wij vergeven? Ja, die vraag interesseert ons allemaal. Bijna elke dag zouden wij anderen moeten vergeven en leven wij ook van de vergeving die anderen ons willen schenken. Maar dat vergeven moet toch ook zijn grenzen hebben. Je kunt toch niet alles en altijd vergeven. Ze zouden je nogal uitbuiten’. Je hoeft je toch niet voor de gek te laten houden. Zo denken wij, zo denken de mensen rondom ons, en zo dacht Petrus ook. Omdat hij zo dacht, vroeg hij aan Jezus: Hoe dikwijls moet ik mijn broe¬der vergeven? Ergens bestaat er toch een grens. Jezus antwoordt hem met een gelijkenis.

Een koning houdt afrekening met zijn mensen. Hij ontdekt iemand, die een miljoenenschuld bij hem heeft. Die man heeft zijn leven verspeeld - dat weet hij - hij kan niets meer goed maken; Hij kan alleen nog een beroep doen op vergeving en daarom zinkt hij op zijn knieën en vraagt: Heb geduld met mij! De koning krijgt medelijden en scheldt hem de hele schuld kwijt. Dat is toch wel een koninklijke, ik zou bijna zeggen een goddelijke vergeving. Dan ontmoet die man, aan wie die mateloze schuld vergeven is, op straat zijn collega. Een arme stakkerd, die hem een paar cent schuldig is. Eigenlijk was het de moeite niet waard om daarover te praten. Eén woord was daarover genoeg geweest: ‘Het is allang goed!’ Hij had zelf toch ook dat woord gehoord: ‘Het is goed.’ Maar neen, hij pakt zijn collega zonder pardon in zijn kraag en zegt tegen hem: ‘Betaal wat je me schuldig bent.’ Van die houding staan we een beetje perplex, dat gaat toch te ver dat een mens zo onbarmhartig kan zijn.

Waarom vertelt Jezus deze gelijkenis? Wie bedoelt Hij met deze onbarmhartige man? Jezus houdt ons in deze gelijkenis een spiegel voor ogen, en als we de moed hebben om er in te kijken, ontdekken we wel dat wij die man zijn. Wij hebben tegenover God een miljoenenschuld en God is bereid om die te vergeven. Wij leven allemaal van de grenzeloze vergeving van God en toch komen wij er zo moeilijk toe om aan anderen hun kleine schuld te vergeven.

Hoe dikwijls moeten wij vergeven? Het antwoord van Jezus schijnt boven onze menselijke vermogens te gaan: zeventig maal zevenmaal; dat is altijd. Zeker, je kunt zo maar niet altijd zeggen: zand erover, vergeet het maar. Mensen kunnen ons soms verschrikkelijk pijn doen, ook in kleine dingen. Altijd vergeven, zo gemakkelijk is dat niet. Maar misschien kan de liefde toch altijd groter zijn dan de schuld. Daarom vergeeft God ons ook altijd. Hij laat steeds het eerste en het laatste woord aan de liefde. Waar andere mensen er een eind aan maken, waar ze zeggen: de maat is vol, begint het waarachtig christen-zijn bij de mateloze vergeving, over alle grenzen heen, elke dag opnieuw, eenvoudigweg omdat God zo met ons handelt.

Julien Green schrijft in zijn jeugdherinneringen: Ik herinner me dat papa op een nacht om twee uur opstond, zich aankleedde en dwars door Parijs liep om zijn oom vergiffenis te vragen. Hij had met hem een hevige discussie gehad, hij had dingen gezegd waarvan hij achteraf spijt had. ‘Wacht tot morgen,’ had zijn vrouw hem achterna geroepen. Maar nee, zijn geweten plaagde hem, hij verliet zijn huis en ging in de nacht naar zijn oom. Die man had kunnen denken: ‘Mijn oom moet de eerste stap zetten.’ Maar hij deed zelf wat hij van de ander verwachtte, hij reikte als eerste de hand. ‘Wacht maar tot morgen,’ had zijn vrouw hem gezegd, maar hij vond geen rust voordat hij vergeving had gevraagd.

Hoe mooi zou het zijn als er meer zulke mensen zouden zijn. Door elke verzoening, hoe klein ook, wordt de hoop in de wereld groter. Van vergeving leven wij, leeft de wereld. Er is ruzie in de familie, je hebt ruzie met een buurman, je hebt ruzie gemaakt met je vrouw. Het gaat misschien over een bagatel. Probeer het eens om de eerste stap te zetten. Eigenlijk vraagt Jezus ons toch niet te veel. Hij vraagt alleen, dat wij, als zijn leerlingen, hetzelfde proberen te doen wat Hij gedaan heeft.

Wat zullen we doen als we met schuld beladen voor de rechterstoel van God zullen staan? Gelukkig de leerling die dan kan vragen: vergeef mij mijn schuld, want ik heb ook anderen hun schuld vergeven. Dan zal de Heer hem ook zeventig maal zevenmaal vergeven.

Zoeken in Preken Online