In de dierenwereld is de weg naar zelfstandigheid meestal erg kort. Het jonge eendje leert hoe het moet wegkruipen, het leeuwtje hoe het moet jagen. Ze leren wat wel en niet eetbaar is en dat is het zo’n beetje. In elk geval is de weg naar zelfstandigheid van een mens vele malen langer. Door zelf te ervaren leert hij veel, maar goed voorbeeld en goede raad zijn er om voor veel onheil te behoeden. “Kom niet te laat thuis, morgen is het weer vroeg dag, rij voorzichtig, kijk uit met oversteken, blijf uit de buurt van branieschoppers”. We geven voortdurend goede raad. “Ben ik soms mijn broeders hoeder”, vroeg Kaïn lang geleden. Ja, wij zijn elkanders hoeder, wij zijn verantwoordelijk voor elkaar. Het evangelie van vandaag maant ons om, ook als er niet meteen naar ons wordt geluisterd, het niet te gauw op te geven. En daarom heffen we graag op tijd de waarschuwende vinger. Maar dat is en blijft een hachelijke zaak.
Het is onmogelijk voor alle mogelijk onheil te waarschuwen. De bijsluiter bij ons medicijntje doet daar wel een poging toe. De schrik slaat je om het hart bij het lezen van de mogelijke bijwerkingen. Bij de nieuwe droogtrommel wordt vermeld dat we er ons hondje niet in moeten drogen en bij het strijkijzer dat we het na activering niet moeten meenemen in de badkuip. We zijn verantwoordelijk voor elkaar, maar waterdicht krijgen we het nooit.
Als we verzuimd hebben de losliggende tegel in ons opritje vast te leggen dan kunnen we daar terecht op worden aangesproken. Als de kleuter naar de hete kachel loopt dienen we niet te wachten tot hij een ervaring rijker is. Toch zijn er grenzen: Waarschuwingen die al te vaak worden herhaald maken geen indruk meer, komen niet meer aan. Wie opgroeiende kinderen voortdurend blijft waarschuwen voor van alles en nog wat, die jaagt ze daarmee de deur uit. Als ouders denken dat hun dochter op het punt staat de verkeerde levenspartner uit het aanbod te plukken dan zal dat heel wat creativiteit vragen en voorzichtigheid om dat zo mogelijk bij te sturen. De manier waarop kan heel beslissend zijn voor het effect.
Kinderen moeten eigen verantwoordelijkheid kunnen nemen, maar ook wijzelf voelen ons pas echt verantwoordelijk als we niet zijn gewaarschuwd. Het leren afwegen van de gevolgen van een beslissing is toch vooral een kwestie van eigen ervaring. Enkele criteria kunnen ons helpen een waarschuwing in te slikken: we kunnen onszelf betrappen op betweterij, betutteling, bemoeizucht. Hoe geloofwaardig zijn we? Iemand met watervrees hoeft aan een zwemmer geen aanwijzingen te geven, wie niet getrouwd is kan maar beter zwijgen over hoe een goed huwelijk in stand blijft. Het te vaak opgeheven vingertje van de Kerk heeft daarom menigmaal niet veel indruk gemaakt en averechts gewerkt. “Haal eerst die balk uit het eigen oog als je meent bij een ander een splintertje te moeten verwijderen”.
Met dat al blijft die verantwoordelijkheid voor elkaar recht overeind en dus ook de plicht om elkaar te waarschuwen. Wie hardnekkig weigert zich daar iets van aan te trekken, “beschouw hem of haar als een heiden of tollenaar”, zegt Jezus. Die wordt dus niet voorgoed afgewezen; Jezus Christus bekommerde zich immers juist om hen; die is voorwerp van blijvende zorg. Nochtans, de waarschuwende vinger heffen in zorg voor elkaar bevat risico’s. We moeten het blijven doen, maar voorzichtig, we zijn gewaarschuwd.
Gewaarschuwd (2005)
A-cyclus · Tijd door het jaar · 23e zondag · groen