Gij zijt Petrus, en op deze steenrots zal ik mijn Kerk bouwen!

A-cyclus · Tijd door het jaar · 21e zondag · groen

Beste vrienden,

Over de Evangelietekst van vandaag werden reeds ganse bibliotheken volgeschreven – vooral over het tweede deel, waar het om de belofte aan Petrus gaat. Op die belofte steunt het Pausdom in onze Kerk, wat bij Oecumenische gesprekken over het ambt van Petrus steeds weer een breekpunt is.

“Gij zijt de rots, en op deze rots wil ik mijn Kerk bouwen“. Hoezeer we in de oecumene ook reeds naar elkaar zijn toegegroeid, Over de juiste interpretatie van deze woorden van Jezus lopen de meningen nog steeds ver uit elkaar. Daar waar de protestantse verklaring zegt dat deze woorden enkel en alleen betrekking hebben op het geloof van Petrus, zijn belijdenis tot Christus, gaan we er in de Rooms-Katholieke Kerk van uit dat het hier niet alleen om zijn belijdenis op zich gaat, maar wel om de persoon die achter die belijdenis staat. Daarbij is het sinds enkele jaren duidelijk dat er enerzijds een aantal protestantse theologen zijn, die eerder naar de katholieke visie neigen, en anderzijds ook een aantal katholieke theologen die de protestantse visie meer toegeneigd zijn. Het is echter een onbetwistbaar feit dat Jezus’ woord over “de rots” in onze Kerk geïsoleerd, buiten de context en vooral zeer autoritair werd misbruikt om de onfeilbaarheid van de Paus te onderbouwen, die dan door het eerste Vaticaanse concilie ook werd bevestigd. Op die manier werd het gebruikt om een zeer tijdsgebonden en dus niet Bijbelse machtspositie van het Pausdom te bekrachtigen.

Anders gezegd: deze tekst van Mattheus werd dikwijls misbruikt.

Waar de Christelijke Bijbelexegeten, uit gelijk welke geloofsrichting of kerk ze ook voortkomen, het er doorgaans over eens zijn dat die uitspreek niet van Jezus zelf afkomstig is; dat Jezus niet de bedoeling had om een Kerk, zoals wij dat begrip nu kennen, wilde stichten en dat Hij daarom ook zeker niet heeft gedacht aan een Pausdom zoals het zich door de geschiedenis heen heeft ontwikkeld.
Waarschijnlijk daarom heeft Paus Johannes Paulus II in zijn encycliek „Ut unum sint“ een belangrijke uitspraak gedaan, die daarna ook door Benedictus XVI werd overgenomen. De Paus nodigde de Oecumene uit om samen na te denken over een nieuwe oecumenische vorm van het Petrusambt. Hieruit volgt dat dit ambt niet voor altijd zo blijven zoals het nu is en zoals het in de loop van de geschiedenis is gegroeid. Maar ook voor dat nieuwe Pausdom geldt dat het in het Evangelie zelf geworteld moet zijn. Daarom zou ik onze aandacht nu willen vestigen op drie punten waar we in dit verband rekening mee moeten houden:

Daar is eerst de uitspraak: “Gij zijt de steenrots”. Daar wordt geen rots mee bedoeld waarop je te pletter kan slaan of ten gronde kan gaan, maar een rots die aan iedereen oriëntatie en houvast geeft. Daarbij wordt duidelijk dat die rots alleen God zelf kan zijn. Hij is de „Rots van ons heil“, Hij is „De vesting waarin ik mij geborgen voel“, zoals de Psalmen ons vertellen; Maar God roept ook altijd weer mensen die in zijn naam houvast en oriëntering geven aan anderen: Ouders voor hun kinderen, mensen met ervaring voor diegenen die geen ervaring hebben, sterke mensen voor hen die labiel zijn. En zo moet ook Petrus er voor zorgen dat de Kerk niet door elk windzuchtje van hier naar daar zou laveren.
Het tweede belangrijke punt waar het Evangelie over spreekt is de Sleuteldienst: „Ik geef jou de sleutels van het Hemelrijk.” Petrus dus als poortwachter van de Hemel, net zoals het in elk toneelstuk en in elke grap over de Hemel wordt voorgesteld. Maar zo is het helemaal niet bedoeld. Petrus heeft helemaal niet te bepalen wie er in de Hemel binnen mag, een conciërge bepaalt ook niet wie er in een huis een flat mag betrekken en wie niet.

De lezing van vandaag kan ons helpen om die uitspraak over de sleutel beter te begrijpen. We hebben het gehoord: Shebna, het hoofd van de Tempel, wordt wegens verduistering uit zijn ambt gezet. De vorst had hem de sleutel van het koninklijk paleis toevertrouwd met de opdracht:”om als een vader te zijn voor de inwoners van de Koningsstad en de voorraden van het paleis in het voordeel van alle inwoners te beheren.” Omdat Shebna zijn volmacht heeft misbruikt wordt de sleutel nu aan iemand anders toevertrouwd. “Sleutelhouder” is dus wel een wat vertrokken beeld voor datgene wat er in de Bijbel mee bedoeld wordt. Het gaat hier om verantwoordelijkheid. Petrus is er voor verantwoordelijk dat de schatten van Gods huis letterlijk ontsloten worden.

De eigenlijke sleutelhouder is en blijft Christus zelf. Hij heeft de “Master key”, de „Passe partout“ in handen en Hij alleen beslist wie in het hemelse Jeruzalem mag binnentreden of wie ervan wordt uitgesloten. Petrus, als vertegenwoordiger van de christen gemeenschap, heeft een deel van die volmacht gekregen. Maar hij mag die volmacht zeker niet gebruiken zoals de schriftgeleerden, waar Jezus tegen zei: “Jullie sluiten het hemelrijk voor de mensen. Jullie gaan er zelf niet binnen, maar jullie laten ook diegenen die willen binnengaan, niet binnen.” En dan zijn we nu bij het derde punt: het onderwijzen!
Petrus is er niet om buiten te sluiten, maar om te ontsluiten; hij is geroepen om voor de mensen het hemelrijk te openen door het verkondigen van Gods boodschap. Hij moet geen elitaire godsdienstige vereniging leiden, maar een Kerk die open staat voor alle mensen van goede wil. En dat heeft hij ook gedaan. Op Pinksterdag heeft hij door zijn begeesterende prediking Gods rijk voor de wereld ontsloten; hij heeft voor de heidense centurio Cornelius de toegang tot het geloof en tot de christelijke gemeente mogelijk gemaakt en op het concilie van de apostelen heeft hij, samen met Paulus, de deur wijd geopend voor de heidenen, opdat ook zij zich in de christelijke gemeente thuis zouden kunnen voelen. Zo zijn Petrus en zijn opvolgers er voor verantwoordelijk dat alle mensen met Jezus boodschap vertrouwd kunnen worden zodat ze zich dan door datgene wat Jezus onderwees en voorleefde ook kunnen laten aanspreken en begeesteren. Daarbij moeten we ook bedenken dat Petrus die verantwoordelijkheid ook niet alleen moet dragen. Iets verder in hetzelfde evangelie geeft Jezus die volmacht tot verbinden en ontbinden ook aan de ganse gemeente. Daar staat: “Alles wat JULLIE op aarde bindend verklaren zal ook in de Hemel bindend zijn , en al wat jullie op aarde ontbinden zal ook in de Hemel ontbonden zijn.” Dit begrip van „Volmacht tot binden en ontbinden“ komt uit het woordgebruik van het joodse rabbinaat. Er wordt niets anders mee bedoeld dan het bezitten van de volmacht om de Thora, de joodse wet, bindend uit te leggen naar het motto: „De geboden werden door God gegeven opdat de mens door hen zouden leven en opleven.”
Binden en ontbinden zijn dus een essentiële hulp in het leven om de hemel op aarde te kunnen bereiken: de dwangmatige en de door schuld en angst gekluisterde hebben verlossing nodig; De mens zonder houvast en zonder oriëntering heeft nood aan de binding aan een zin in het leven, aan God zelf. Het basisprincipe daarbij is steeds het sleutelhouderschap , de ontsluitende kracht van de absolute en blijvende liefde van God. Zo gezien heeft ieder van ons in zekere zin de sleutel van het Rijk der Hemelen in zijn hand. Ieder van ons heeft de mogelijkheid om voor anderen de toegang tot Jezus te ontsluiten of te versperren; hen nog meer naar de onvrijheid te drijven of hen uit die onvrijheid te bevrijden. Tenslotte gaat het bij de “Petrusdienst” niet zo zeer om macht, de waardigheid en de rangorde van één enkele man van de Kerk, maar veeleer om de verantwoordelijkheid van elke Christen. Christus heeft zijn werk aan ons allen doorgegeven en eens zal Hij ons allemaal, en niet alleen de Paus, vragen hoe wij met die sleutel van het hemelrijk zijn omgegaan. Anderzijds is het ook van groot belang dat wij dat teken van het Petrusambt bezitten en dat dat ambt door diegenen die het bezitten ook zo wordt uitgevoerd dat het een hulp is op de weg naar de eenheid van alle christenen. Persoonlijk vertrouw ik daarvoor helemaal op de Heilige Geest. Die heeft in onze Kerk in de loop der tijden al zo veel terug in het lood gebracht. Amen.

Zoeken in Preken Online