De weerbarstige akker

A-cyclus · Tijd door het jaar · 15e zondag · groen

In de parabel van de zaaier wordt ons een eerlijk en nuchter beeld opgehangen van het vroege christendom. De eerste christenen waren evenmin als wij allemaal helden en heiligen. Ook bij hen waren er velen die na een tijdje afhaakten omdat het evangelie te veel van hen eiste of omdat christen-zijn het risico inhield dat je in de gevangenis terecht kwam of er zelfs het leven bij inschoot. Hun medechristenen maakten dus de ervaring mee van de eerste geloofsafval en geloofsmoeheid. Het is begrijpelijk dat zij daardoor van streek raakten. En in die omstandigheden vertelde de evange¬list de parabel van Jezus over het zaad, waarvan driekwart verloren gaat: omdat het gedeeltelijk valt op de weg waar het door voorbijgangers vertrapt wordt en door vogels opgepikt wordt, gedeeltelijk tussen distels en dorens waar het verstikt wordt, en gedeeltelijk op rotsgrond waar het niet kan groeien. Maar ook gedeeltelijk op vruchtbare grond waar het honderdvoudige vrucht voortbrengt.

Om de parabel goed te begrijpen moeten we iets weten over de pri¬mitieve landbouwtechniek in de tijd van Jezus. Er werd eerst gezaaid en dan werd het zaad ondergeploegd. Je zag dus niet goed waar het zaad viel: op een platgetreden paadje door de akker, op een dun laagje grond waaronder direct rotsbodem zat of toevallig op goede grond.

Deze parabel een opwekking om de moed niet te verliezen wanneer de prediking van het evangelie niet onmiddellijk spectaculaire resultaten schijnt te hebben, want in de goede aarde brengt het zaad honderdvoudige vrucht voort. Voor een Palestijnse boer was een oogst van 30 kilo per 1 kilo zaadgoed al een onmogelijk te bereiken resultaat. Jezus wil dus zeggen: al lijkt de prediking van het evangelie nog zo weinig resultaat te hebben, uiteindelijk zal het zaad overvloedige vrucht dragen. Maar de vruchtbaarheid zal ook afhangen van de gesteldheid van de bodem.

Wij zitten nog altijd met dezelfde problemen als de eerste christe¬nen. Wij hebben een machtige katholieke pers, de kerk heeft een stem in radio en televisie, iedere zondag wordt er gepreekt in de kerk en toch, wat bereikt de kerk ten slotte met haar reusachtig apparaat van de verkondiging? Er wordt dus overvloedig gezaaid, maar wij zitten opgescheept met een harde weerbarstige akker, een wereld vol machten die uit zijn op overheersen ten koste van anderen, vol geweld en terreur waarbij mensen niet tellen, vol haat en wantrouwen, vol onrecht en honger. Onze kinderen nemen meestal de boodschap nog met blijdschap op in hun hart, maar in de eerste jaren van de volwassenheid sterft die boodschap bij de meesten helemaal af en wordt ze verstikt door de zorgen van het leven en de begoocheling van rijkdom en succes. Vooral ouders, opvoeders, catecheten en priesters lopen dan het gevaar de moed te verliezen. Wat blijft er over van zoveel inspanning? Maar wij vergeten dat opvoeden is: eindeloos opnieuw beginnen, kansen geven, het gesprek openhouden, het zaad uitstrooien zonder dat je goed ziet waar het terechtkomt. Jezus zegt: Wat er ook verloren gaat op de weg, onder de distels en dorens, op de keiharde grond, ergens vindt het toch vruchtbare bodem, namelijk in hen die blijven geloven, die blijven hopen, die blijven liefhebben.

Volhouden heeft zin, brengt vruchten voort. Zoals de regen nooit vruchteloos valt, maar onweerstaanbaar in de bodem doordringt en vruchtbaar maakt, zo brengt Gods Woord ook onweerstaanbaar vruchten voort, waar goede wil voorhanden is.

Toen een professor die heel zijn leven gewijd had aan de veredeling van graan, om het meer te doen opbrengen en daardoor de honger in de ontwikkelingslanden te bestrijden, en die daarbij toch niet zo veel succes had gehad, op zijn sterfbed lag, stelde hij aan de priester die hem bij stond de vraag: ‘Ben ik zelf wel een vruchtbare akker geweest voor God?’ De priester kon hem geruststellen en zeggen: ‘Wie zoveel voor zijn behoeftige medemensen gedaan heeft, hoeft niet bang te zijn voor het oordeel van de eeuwige rechter’…

Zoeken in Preken Online