Het is een wet van de natuur:
niet alles wat gezaaid wordt, kiemt en draagt vrucht.
Er is ook een volks gezegde
dat je oogst naar wat je gezaaid hebt.
En dan is er nog de parabel die Jezus vertelt :
de vruchten worden bepaald door de plek waar het zaad valt.
In die drie benaderingen stappen we probleemloos mee.
Maar doén we er ook iets mee???
Zowel wanneer wij het gezaaide woord in ons ontvangen
als wanneer wij de Goede Boodschap zelf verder willen uitstrooien,
botsen we op de werkelijkheid van de onvruchtbare grond.
We moeten de grond - ons hart en dat van anderen -
af en toe eens ingrijpend ploegen:
- reageren we tegen het onkruid dat sommige media zaaien
wanneer ze wat met kerk en geloof te maken heeft
afschilderen als naïef en pervers of lopen we mee?
- nemen we Jezus’ boodschap zoals Hij ze gebracht heeft
of vijlen we er de kantjes af die ons pijn kunnen doen?
- durven we écht zeggen waar het op aankomt
of praten we vrienden en collega’s liever naar de mond?
Wie mikt op een goeie oogst, moet zorgen voor twee dingen:
het juiste zaad én goede grond.
2010-2011 - A 15