Beste vakantiegangers en vakantieverlangers,
Het laatste weekend voor de grote vakantie. We sluiten een seizoen af. Aan het eind van het kalenderjaar maken bedrijven en verenigingen altijd de balans op. Is er winst gemaakt? Met andere woorden: heeft men meer ontvangen dan uitgegeven? Je kunt niet meer uitgeven dan je ontvangen hebt. Dan gaat de zaak failliet.
Zo is het ook in het geestelijk leven: we kunnen alleen geven wat we ontvangen hebben.
Bijvoorbeeld liefde: liefde kun je alleen geven als je het eerst zelf ontvangen hebt, in je jeugd, van je ouders en anderen. Iemand die nooit liefde gekregen heeft zal het ook niet kunnen geven. Geloof: ouders kunnen geloof alleen doorgeven als ze het zelf hebben ontvangen, van hun ouders of medechristenen.
Uiteindelijk hebben we in ons leven alles ontvangen: we zijn allemaal naakt geboren, zonder kennis, zonder taal, zonder voedselvoorraden. Dus alles wat we weten, kunnen en bezitten hebben we uiteindelijk van anderen gekregen, op de eerste plaats natuurlijk van onze ouders. Daarom staat in het 4e gebod: “Eer je vader en moeder”.
Is het dan niet vreemd dat Jezus vandaag zegt: “Wie vader of moeder meer bemint dan Mij, is Mij niet waardig”? Nee, want onze ouders hebben wij weer van God gekregen.
In alle relaties geldt dat we de ander uit Gods hand hebben ontvangen.
Bij het huwelijk in de kerk wordt gevraagd of man en vrouw bereid zijn kinderen als geschenk uit Gods hand te aanvaarden. Veel mensen spreken over kinderen nemen. Anderen over kinderen krijgen. Wat lijkt u de beste formulering? Als men spreekt over kinderen nemen dan krijg ik het gevoel dat die kinderen er moeten komen voor het plezier van de ouders, zoals ze een nieuwe t.v. nemen of en cd-speler waar ze zich mee bezighouden als ze er zin in hebben. Daarom stel ik ook hele grote vraagtekens bij de vraag van homoparen om kinderen te mogen adopteren. Hebben volwassenen recht op een kind? Of hebben kinderen recht op ouders? Ik ben heel blij dat ik een vader en moeder gehad heb en vind dat ieder kind daar recht op heeft.
Krijgen wil zeggen: aannemen van een ander. Ontvangen. Uit Gods hand. Vanuit die houding kunnen we elke mens zien als kind van God. Ook de levenspartner en de ouders. Ook een vriend, een vriendin, een medewerker, een buurvrouw.
Een geschenk is op de eerste plaats een gebaar van liefde van de Gever. Moeten we de Gever niet meer beminnen dan het geschenk?
Een kleinvoorbeeldje: - Theo heeft een vriendin: Christa. Hij weet dat Christa van puzzelen houdt en op een dag neemt hij een puzzelboekje voor haar mee met doorlopers. Christa zegt: “wat leuk”, pakt een pen en begint gelijk aan de eerste doorloper. “Kook jij het eten maar”, zegt ze. Theo doet het. Aan tafel ligt het puzzelboekje naast haar bord. Het enige wat ze onder het eten aan Theo vraagt is een ander woord voor ontroering, een ziekte bij kippen, een stof in vormeloze toestand, een edelmetaal en een loofboom. Na het eten mag Theo de afwas doen, want zij wil de puzzel afmaken. Daarna zouden ze naar een toneelvoorstelling gaan, maar Theo krijgt te horen dat Christa liever thuis blijft om te puzzelen.\
- Wat zal Theo bij zichzelf denken? Hoe zit dat nu? Hou je meer van dat puzzelboekje dan van mij?
Zo komen we dan bij een goed verstaan van de uitspraak van Jezus: “Wie vader of moeder meer bemint dan Mij, is Mij niet waardig. Wie zoon of dochter meer bemint dan Mij, is Mij niet waardig.”
Wanneer we God boven alles en iedereen beminnen, dan worden de menselijke verhoudingen zuiver. Dan worden de relaties vrij van heerszucht, hebzucht en vrij van eigenbelang. Dan vinden we de kracht het kruis op ons te nemen in de verzorging van een levenspartner, een zorgbehoevende ouder of probleemkind.
De komende weken zullen velen weer op reis gaan. In veel auto’s van katholieken zit een afbeelding van Christoffel. Hij is de patroon van de reizigers. Waarom? En wat heeft hij met ons thema te maken? Christoffel was een grote sterke man die zijn leven in dienst wilde stellen van de machtigste koning ter wereld. Daarom ging hij eerst in het leger. Later werd hem gezegd dat God de machtigste is. Daarom besloot hij te gaan werken voor een klooster dat aan de overzijde van een rivier lag, zonder brug of bootje. Hij moest pelgrims de rivier over zetten. Die nam hij op zijn rug. Op een dag stond er een kind aan de oever. Christoffel dacht: dat is een makkie. Hij nam het kind op zijn schouders en begon de oversteek. Maar terwijl hij in steeds dieper water kwam, werd het kind alsmaar zwaarder en zwaarder. Hij moest tot het uiterste van zijn krachten gaan om zijn hoofd boven water te houden. Toen hij aan de overkant was, maakte het kind zich bekend: het was Christus zelf. Christoffel had de machtigste van hemel en aarde gediend. Zijn naam komt van Christoforus en dat betekent: Christusdrager.
Ieder mens is een kind van God en alles wat we voor de medemens doen, doen we voor Christus. Bijvoorbeeld voorzichtig zijn op de weg om het leven van andere weggebruikers niet in gevaar te brengen. Een Christoffelbeeldje beschermt ons niet tegen ongelukken, maar maakt ons er van bewust dat we Christus in de medepassagiers of medeweggebruikers moeten zien.
Ik ben al op vakantie geweest. In Assisie, de geboorteplaats van Fransiscus. Hij gaf een voorbeeld van God meer beminnen dan vader en moeder. Zijn vader hield hem van God af. Daarom verliet hij zijn vader. Dat ging zo:Fransiscus was een zoon van een rijke lakenkoopman. Als jongen leefde hij onnadenkend. Hij had een rijk, lui, materialistisch en oppervlakkig leven. Zijn leven bestond uit feestjes, uitgaan, geld over de balk gooien, macabere dansen en carrière maken als ridder. Graag ging hij mee vechten als steden met elkaar in oorlog kwamen.\
-
Op een dag gebeurde er wat in zijn leven: hij kwam een bedelaar tegen. Hij wilde wel eens een dag beleven wat eenbedelaar beleefde en stelde voor hun kleren voor een dag te ruilen. Ze spraken af dat ze ’s avonds tegen zonsondergang weer op dezelfde plaats terug zouden komen. Maar de bedelaar kwam niet meer terug en Fransiscus kwam in de oude vieze kleren thuis. Zijn vader was woedend en sloot hem op in de kelder. Hier kwam Fransiscus tot bezinning en bekering.\
-
Voor Fransiscus was er een nieuwe wereld opengegaan: als hij de kans kreeg gaf hij zomaar de lakens en stoffen uit de zaak van zijn vader aan de armen weg.\
-
Vader klaagde hem aan bij de bisschop. Op het kerkplein ten aanschouwen van vele dorpsgenoten werd rechtszitting gehouden. De vader eiste al zijn geld terug. Fransiscus verklaarde dat hij in dienst van God stond, trok al zijn kleren uit en wierp die voor de voeten van zijn vader. “Tot op heden noemde ik Pierro Bernardone mijn vader. Maar nu kan ik zeggen: Onze Vader die in de hemel zijt”.\
-
Hij stond poedelnaakt op het plein. De bisschop sloeg toen zijn mantel beschermend om hem heen.\
-
Fransiscus beminde God meer dan zijn vader en nam zijn kruis op zich.
-
Laten we daar nog eens over nadenken als we de balans opmaken over het afgelopen seizoen.