12e zondag door het jaar A (1999)

A-cyclus · Tijd door het jaar · 12e zondag · groen

Jeremia was een profeet. Jezus van Nazaret was een profeet. Ieder van ons zou een profeet moeten zijn. Maar zijn we dat ook? Durven we dat ook te zijn?
Weten we trouwens wel wat een profeet is? Bij een profeet denken we meestal aan een soort waarzegger. Een profeet wordt ook vaak een ziener genoemd, iemand die dingen in de toekomst ziet. Het is mij nog nooit gelukt, ik denk: u ook niet. Toch heeft dingen in de toekomst zien, wel iets te maken met profeet zijn.
Men spreekt wel eens over onheilsprofeten, Jeremia was er zo een. Dat zijn mensen die altijd narigheid voorzien en voorspellen. Dat vinden de meeste mensen helemaal niet leuk. Jeremia noemde men “Ontzetting overal”, geen vleiende bijnaam. Maar zoals zoveel profeten zei hij tegen ieder die het horen wilde: als jullie zo door gaan, dan gaat het mis, dan gebeuren er ongelukken.
Nu hoef je niet eens een profeet te zijn om dat te kunnen voorzien. Als iemand veel en veel te veel drinkt, alcohol, dan kan een arts zeggen: als je zo door gaat, dan wordt je beslist ziek. Die werkelijkheid, die toekomst, kan iedereen zien, iedereen die het tenminste wil zien.
Je hebt tegenwoordig veel milieuactivisten, ook een soort profeten: als we zo doorgaan met het vervuilen van ons milieu, dan maken we de aarde onbewoonbaar voor onze kinderen. Iedereen die het wil zien, zal dat beamen, zeker voor een groot deel. Toch kun je niet zeggen dat een profeet iemand is die de toekomst voorspelt.
Een profeet is een ziener, niet een die dingen in de toekomst ziet maar een die een heel scherp oog heeft voor de werkelijkheid van nu: hoe die is en hoe die zou moeten zijn. Een profeet is iemand die zijn stem verheft als hij ziet dat er dingen niet goed gaan in de situatie van nu. En dat betekent concreet heel vaak dat hij dan zegt: als je zo door gaat, gaat het mis. En dan komt de toekomst er pas bij kijken. Maar het gaat om het zien van de werkelijkheid van hier en nu.
Jezus was een profeet. Hij wilde mensen de weg wijzen naar het rijk van God, naar een samenleving waarin ruimte was voor ieder mens. Dat was zijn droom, zijn visie, en die probeerde hij waar te maken. Daarom ging hij naar de zieken toe, mensen die zeker in die tijd, een beetje buiten de gemeenschap kwamen te staan, vooral de melaatsen. Hij bracht genezing en daarmee zei Hij tegen hen: jullie horen er bij. Hij ging naar de tollenaars en de zondaars, de verschoppelingen van die tijd, voor hem hoorden die er ook bij.
Maar hij was keihard in zijn kritiek op de brave joodse priesters en schriftgeleerden die op grond van allerlei wetjes en regeltjes mensen buiten sloten, op mensen neer keken, hen veroordeelden. En kritiek op de gevestigde orde is nooit welkom, toen niet en nu niet, en zoals zoveel profeten voor hem heeft het hem de kop gekost.
Jezus was een ziener: hij zag voor zich hoe het zou moeten zijn, hoe Gods bedoelingen met de mensen waren, en gedragen en bezield door die inzichten sprak hij zich uit, ook al wist hij heel goed dat zijn woorden kwaad bloed zetten bij bepaalde personen in de hogere regionen. Maar daar was hij niet bang voor. Maar wij vaak wel!
Wees niet bang, horen we Hem vandaag tegen zijn leerlingen zeggen, en Hij zegt dat ook tegen ieder van ons. Want als je zegt dat je gelooft in Jezus en in zijn boodschap, dan moet je juist als hij ook een beetje profeet zijn, dan moet je proberen zijn inzichten, zijn idealen de jouwe te maken. zodat je met zijn ogen kijkt naar de werkelijkheid van nu.
Als je jezelf echt ziet als een gelovige, een christen, dan probeer je zo te leven zoals hij ons heeft voorgehouden: aandacht voor ieder die zorg nodig heeft, voor ieder die in de samenleving niet mee telt, ook als niet iedereen het met je eens is. Dan kun je het niet maken om steeds passief aan de kant te blijven staan, als je voor je ogen dingen ziet gebeuren die niet kunnen.
Maar de vraag is: durven we het aan om profeet in onze tijd te zijn? Durven we het aan om de visies van Jezus de onze maken, nemen we de moeite om er achter te komen wat die visies precies zijn? En, nog moeilijker, durven we het aan om voor die visies uit te komen, in onze manier van leven, in onze manier van spreken?
Jezus was een ziener, geen onheilsprofeet maar een heilsprofeet: hij zag, of misschien moet je zeggen: hij droomde van Gods rijk op aarde, een rijk van vrede en liefde voor alle mensen. Dat rijk, die situatie zal alleen werkelijkheid kunnen worden, als wij ook profeten durven zijn.

Zoeken in Preken Online