Wie iets voor niets doet heeft het niet voor niets gedaan!

A-cyclus · Tijd door het jaar · 11e zondag · groen

Beste vrienden,

Hoe heeft Jezus het ook al weer gezegd? „Ge zult voor niets geven?“ Ik heb inderdaad de indruk dat er dikwijls enorm veel voor niets wordt gegeven en gepresteerd.

Ik weet natuurlijk wel dat Jezus die zin heel anders bedoeld heeft, en dat „voor niets“ in zijn context een heel andere betekenis heeft, maar toen ik deze evangelietekst las dacht ik voornamelijk aan onze vormselcatechisten. Ik vraag me werkelijk af hoeveel die mensen in de voorbije maanden tussen september en mei gewoon “vor niets” hebben gegeven! Wanneer we gewoon maar even naar het resultaat kijken, hoeveel kinderen houden er, na al die weken moeizame intensieve voorbereiding op het vormsel, nu, enkele weken later nog contact? Dan heb je toch echt wel de neiging om te denken dat bijna al die moeite toch wel „voor niets“is geweest.

En niet alleen hier bij ons. Je moet echt geen statisticus zijn om te zien dat al die moeite die duizenden godsdienstleraren en leraressen in al die verschillende concepten voor de vormselvoorbereiding hebben gestoken, uiteindelijk maar al te dikwijls gewoon “voor niets” zijn geweest.

Maar zo heeft Jezus het echt niet bedoeld toen Hij zei: „Voor niets hebben jullie gekregen, en voor niets zullen jullie geven!“ Dat ge u moet inspannen zonder dat er een resultaat uit voortkomt, zo heeft Jezus het echt niet bedoeld!.

Daarom gaan er reeds sinds geruime tijd stemmen op om de teugels terug strakker aan te trekken om te vermijden dat op het laatste toch al de moeite „voor niets“ zou zijn. Al die inspanningen voor de vormsel- en doopcatechese zouden zich toch moeten lonen.

Het is een begrijpelijke wens. Wie zijn tijd en moeite investeert, die wil dat niet tevergeefs doen. Een volledig begrijpelijke gedachte, maar ze gaat uit van een verkeerde veronderstelling.

Wat doen wij eigenlijk werkelijk? Ligt het echt wel aan ons of mensen tot geloof komen of niet? Is het echt wel een resultaat van onze cursussen en scholingen wanneer kinderen uiteindelijk die God ontdekken? Geloof kan je niet aanleren, God kan je niet bijbrengen door opvoeding, en religieus bewustzijn kan je ook niet produceren. Als zouden geloof en onze verhouding tot God een gevolg zijn van onze inspanningen. Is ons geloof dan alleen maar het resultaat van een gelovige opvoeding? Komt het dan alleen maar door onze ouders, door de omstandigheden van de toenmalige tijd en door het jarenlange inoefenen, dat we hier vandaag zitten? Overschatten we de menselijke invloed hier niet geweldig?

Wanneer we zo zouden redeneren, dan zouden we al diegenen gelijk moeten geven die beweren dat ons geloof alleen maar een verouderd gedragspatroon is, een maatschappelijke conventie of gewoon een sympathieke gewoonte.

Ja, er komt menige gewoonte bij kijken, er is ook een stukje conventie bij en er zijn misschien een aantal dingen die we zomaar uit gewoonte doen. Sommigen sturen hun kinderen alleen nog naar de vormselcatechese “omdat dat zo hoort” en omdat het er nu eenmaal bij hoort. In die gevallen, wanneer er echt niet meer achter steekt, zal er ook niet veel gebeuren. Maar daar moeten we dan ook niet treurig over zijn. En we moeten er ons ook het hoofd niet over breken of we die mensen zouden toelaten of weigeren. Want die blijven uiteindelijk toch weg. En al diegenen die niet echt willen, zullen hun kinderen binnen enkele jaren ook gewoon niet meer sturen.

Al die mensen zullen vroeg of laat door onze concepten en strategieën toch niet meer kunnen worden bereikt. Maar God zal hen wel bereiken. Want Hij vindt zijn eigen wegen naar de harten van de mensen. En Hij doet dat waar Hij dat wil, hoe Hij dat wil, en vooral wanneer Hij dat wil. Voor Hem is het van geen belang wanneer, naar ons pastoraal concept, nu juist de diocesane periode van vormingsvieringen werd vastgelegd. Hij houdt ook geen rekening met geboortejaargangen. Hij baant zich een weg naar het hart van de mensen wanneer Hij de tijd daarvoor gunstig acht.

Wij moeten daar helemaal niets voor doen. Wanneer God in een mensenleven doorbreekt, wanneer mensen tot geloof in God komen, dan doet Hij dat zonder dat iemand daar iets voor hoeft te presteren. Hij doet dat gewoon “Gratis en voor niets”.

Daarom ben ik zeer gelaten wat de toekomst betreft. Ik mag voor mezelf zeggen: „God, het zijn Uw mensen, en wanneer Gij ze wilt bereiken, dan moet Ge het wezenlijke wel ook zelf doen!“ En ik weet dat ik er kan op vertrouwen dat Hij het ook doet.

Maar wij moeten dan wel ons oor goed te luisteren leggen en gevoelig worden voor de nieuwe vragen die God bij de mensen op laat komen. Wij kunnen het geloof van anderen niet maken, en we kunnen het zeker niet afdwingen. Maar daar waar door Gods werking een nieuwe doorbraak komt, daar kunnen we helpend naast de mensen staan, daar kunnen we het zaad van het geloof dat God heeft gezaaid koesteren en in zijn groei begeleiden. daar kunnen we rekenschap geven van ons geloof en van de hoop waarmee het ons vervult.

En dat moeten we dan zo doen zoals ook wij het hebben gekregen, gewoon als geschenk, gewoon gratis voor niets. En dan zal het ook zeker niet vergeefs zijn. Amen

Zoeken in Preken Online