30e zondag door het jaar A (2005)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 134 niet laden

Lezing uit het boek der uittocht (Ex. 22,20-26)


Zo spreekt de Heer:
“ Je mag een vreemdeling niet slecht behandelen;
hem het leven niet moeilijk  maken.
Herinner u de tijd
dat ge zelf als vreemdeling in Egypte hebt verbleven.
Wat ge niet wilt dat aan u geschied
doe dat een ander niet!
Zeker de zwakkeren zult ge niet onrechtvaardig behandelen.
Want Ik kom voor hen op.
Gij wenst toch ook dat uw vrouw en kinderen
rechtvaardig zouden behandelt worden,
mochten zij er ooit alleen voor komen te staan.

Als een noodlijdende uit uw omgeving
u vraagt hem wat verder te helpen,
mag je daar geen misbruik van maken
door onrechtmatig hoge interesten te vragen
en hem zodoende nog dieper in de put te helpen.
Als gij zijn mantel in pand krijgt voor uw bijdrage,
dan moet ge die vóór zonsondergang teruggeven.
Zijn mantel is allicht de enige beschutting
voor zijn blote lichaam,
en hij moet hem hebben om te kunnen slapen.

Ik, de Heer,
ik neem het op voor de arme
als die, in nood, mij aanroept.