De overspelige vrouw (2010)

Religie en seks, het is een moeilijke combinatie. Seks die vanuit een geloof als ongeoorloofd geldt wordt nogal eens met geweld bestraft. Over het seksueel misbruik binnen onze kerk wil ik het later nog even hebben. Ik blijf eerst dicht bij het evangelie en neem overspel als thema. Als je de tekst hoort zeggen mensen wel eens: waarom komt de overspelige man niet in het verhaal voor? Hij is toch net zo goed schuldig? Nou, ik kan u geruststellen: in Deuteronomium, dus in het Oude Testament, kunnen we lezen dat bij overspel man en vrouw beiden gestenigd moeten worden, tot de dood erop volgt. Er wordt geen verschil gemaakt. Ook in de Koran kom je dat tegen; daar wordt overigens wel gepleit voor een eerlijk proces. Er moeten vier mensen getuige zijn geweest van het overspel, en die zijn er natuurlijk meestal niet. Daarom zijn er op dit vergrijp weinig doodvonnissen in islamitische landen. In ons land wordt overspel door de overheid helemaal niet als een misdrijf gezien. En dat is maar goed ook. Want de overheid heeft daar niets mee te maken. Overspelig gedrag leidt meestal tot een conflict tussen de gehuwden waar ze zelf uit moeten komen. Overspel is meestal een teken dat er iets niet goed zit in de relatie; en als er geen echtscheiding volgt moet in ieder geval daaraan gewerkt worden.

Opvallend is de houding van Jezus in het evangelie van vandaag. Hij praat niks goed. Hij stuurt de vrouw uiteindelijk weg met de boodschap: zondig niet weer. Met andere woorden: probeer je huwelijk weer beter op de rails te krijgen, want dan heb je dit niet nodig. De evangelist lijkt het met name te doen om de confrontatie tussen Jezus en de schriftgeleerden en farizeeën. Deze mannen lijken precies te weten wie er goed is en wie fout. Het zijn echt de mannen met de wijzende vingertjes. Je bent slecht. Jezus, kijk eens hoe slecht die vrouw is. Ik ben heel blij dat ook dit verhaal in de bijbel staat. Het geeft het hoognodige tegengif tegen het zwart-witdenken dat bij gelovige mensen kan binnensluipen: wij zijn de nette gelovige mensen, die altijd goed oppassen, en die anderen, dat zijn de losbandigen, de mensen van de wisselende contacten, de mensen die van God los zijn. Jezus zegt: wie zonder zonde is werpe de eerste steen. En hoe ouder de mannen in kwestie waren, des te meer zelfkennis ze hadden: ze waren geen van allen brandschone heiligen, beseften ze. Beschaamd over hun eigen huichelachtigheid dropen ze een voor een af.

Blijkbaar moeten we als gelovige mensen het juiste midden zoeken. De ene kant die we moeten vermijden is: voortdurend de splinter in het oog van de ander zoeken. Want er zou wel eens een balk in ons eigen oog kunnen zitten. Als je met je vinger beschuldigend naar iemand wijst, dan wijzen er ook drie vingers naar jezelf. Durf je ook naar jezelf te kijken en je eigen beperkingen onder ogen te zien? Zo niet, dan kan je veroordeling gauw huichelachtig en ongeloofwaardig overkomen. Je hebt meer gezag als je oog hebt voor het feit dat iedereen de fout in kan gaan, ook jijzelf. Je hebt meer gezag met je oordeel als je ook mild en liefdevol naar kunt kijken, niet alleen naar jezelf, maar ook naar anderen.

Het andere uiterste is: alles goed vinden, of naïef zijn, of het kwaad vergoelijken, of kwalijk gedrag wel zien maar geen maatregelen nemen om herhaling te voorkomen. Dat laatste is het geval geweest bij kerkelijke overheden die verantwoordelijk waren voor de internaten en seminaries in de vorige eeuw. Al eeuwen is het de regel in de kerk dat geestelijken die in de fout gingen voor straf werden overgeplaatst. Dat was naïef: het seksueel misbruik ging op die nieuwe plek vaak gewoon verder, alleen met andere slachtoffers. Als bisschop of overste net als Jezus tegen een priester zeggen: "Ga heen, en zondig niet meer", dat was en is naïef. Want als mannen geen volwassen houding hebben tegenover hun eigen seksuele behoeften, dan is het krijgen van een nieuwe kans in het pastoraat meteen het krijgen van nieuwe kansen om zich aan opgroeiende kinderen te vergrijpen. Gelukkig durven slachtoffers hierover tegenwoordig hun mond open te doen. Het is een harde leerschool voor onze kerk. In Amerika zijn een aantal bisdommen bijna failliet gegaan aan de door de rechter opgelegde schadevergoedingen. Ook in ons land moet de kerk nu door het stof. Je kunt dat jammer vinden, maar het belang van de slachtoffers moet voorop staan. Als u slachtoffers kent of er zelf een bent: durf erover te praten. Het kwaad verzwijgen maakt ziek en helpt ook niet om de kerk als organisatie gezonder te maken.

Religie en seks, het blijft een moeilijke combinatie. Ik was deze week in het Catharijneconvent, waar een tentoonstelling was over religieuze vruchtbaarheidssymbolen. "Lingam" heette die, wat de naam is voor fallus in het hindoeïsme. De lingam is een manier waarop de god Krishna wordt voorgesteld, als god van de levensenergie. Er werd een filmpje gedraaid, waarin een hindoe zei dat in zijn godsdienst erotiek en spiritualiteit niet zo van elkaar gescheiden zijn. Geest en vlees, ziel en lichaam, ze zijn voor hem met elkaar verbonden en dienen in een goede harmonie met elkaar te staan. Hij zei dat zijn verering voor Krishna hem niet alleen sterkt in zijn geloof maar ook een betere minnaar van hem maakt.

Ik vrees dat in het christendom het religieuze en het lichamelijke nogal eens uit elkaar worden getrokken, met alle gevolgen van dien. Een volwassen omgang met erotiek en seksualiteit, en een echte inbedding daarvan in de geloofsbeleving: het is voor onze kerk en dus ook voor ons allen nog een hele kluif. We kunnen met de vinger de kerk als instituut en de daders van misbruik nawijzen. En onze veroordeling kan heel terecht zijn. Maar we hebben meer recht van spreken als we zelf ook werken aan een betere verbinding tussen geloof en leven, tussen ziel en lichaam, tussen liefde en lust. Als we dat doen zal op termijn ook de omgang van de kerk met seks kunnen verbeteren.