Hoogfeest van Sint Jozef, bruidegom van de H. Maagd Maria (2007)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 194 niet laden

OPENINGSWOORD

Broeders en zusters, welkom op het hoogfeest van Sint Jozef, de patroon, de beschermer, van onze parochie. In de tweede lezing staat dat God aan Abraham en zijn nakomelingen beloofde dat zij de wereld zouden erven. Maar wie iets groots krijgt zal zelf ook iets groots moeten doen. Abraham moest huis en haard verlaten om te gaan naar een onbekend land. Maar God zou hem leiden.

Jozef en Maria kregen Gods belofte dat zij de Zoon van God zouden erven. Ook zij moesten er iets groots voor doen. En ook in hun geval zou God zelf bepalen wat dat grootse zou zijn.

Wij hebben de belofte dat wij ooit de hemel zullen erven, eeuwig geluk, eeuwige vrede. En ook wij moeten daartoe doen wat God zegt. Hij geeft de Tien Geboden en het grote gebod van de liefde.

Vragen wij Sint Jozef dat wij zo leren leven, dat God op een goede dag zijn belofte kan vervullen.

Een bijzonder woord van welkom vandaag voor Greet en Hans Zwanenburg, ook Sabine en Francis. Jullie zijn hier vandaag om met jullie familie en vrienden de 25-jarige bruiloft te vieren. Als je 25 jaar getrouwd bent, dan heb je al aardig wat lief en leed samen beleefd. Dan is je liefde echt. Maar je moet er aan blijven werken, iedere dag opnieuw.

Er was eens een jonge vrouw, die op de vooravond van haar huwelijk met haar moeder aan het strand van de zee stond. Terwijl zij keken hoe de zon langzaam achter de horizon verdween vroeg de dochter: "Moeder, ik weet hoe vader van je houdt en je altijd trouw is gebleven. Zeg mij wat ik moet doen, opdat mijn man ook steeds meer van mij gaat houden?"

De moeder zweeg en dacht na. Toen bukte ze naar de grond en vulde haar beide handen met zand. En zonder iets te zeggen knelde zij de vingers van haar ene hand steeds dichter op elkaar, zodat het zand eruit weggleed. Hoe krampachtiger zij haar hand balde, des te sneller glipte het zand weg. Toen zij haar hand opende, kleefden er slechts nog enkele korrels zand aan haar handpalm vast. Al die tijd had zij haar andere hand opengehouden als een kleine schaal, zodat de zandkorrels erin bleven liggen. Zij glinsterden in het licht van de ondergaande zon.

Toen verbrak de moeder de stilte en zei: "Dit is mijn antwoord."

Broeders en zusters, gaan wij in liefde, in vrijheid, in openheid met elkaar om. Dan zullen wij altijd bij elkaar kunnen blijven. Ik wens jullie een mooie viering toe. Dat jullie iets zullen vinden om de komende week weer meer lief te kunnen hebben.

OPENINGSGEBED

Laat ons bidden. Almachtige God, Gij hebt aan de heilige Jozef de taak gegeven om als een trouw dienaar te waken over het begin van uw heilswerk. Geef dat uw kerk, op zijn voorspraak, altijd zorg draagt voor de voltooiing van dit mysterie. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon ... .

PREEK

Vers 19 van het evangelie vermeldt dat Sint Jozef ‘rechtschapen' is. Rechtschapenheid betekent ‘van deugdzame inborst'. Jozefs innerlijke geaardheid was zo dat hij een man van deugden was. Een deugd is een voortdurend gezindheid om het goede te doen en te bevorderen en het slechte na te laten. Eén van de vele goede dingen, die Sint Jozef deed was, dat hij dacht dat Maria iets verkeerds had gedaan, maar toch wilde hij haar niet beschadigen. Daarom wilde hij in stilte van haar scheiden.

Wij moeten Sint Jozef navolgen. Zijn wij rechtschapen mensen? Deugdzaam? Hebben wij een voortdurende gezindheid om het goede te doen, het zelfs te laten groeien, en om het kwade na te laten? Jegens mensen, maar ook jegens God!?

Sint Jozef heeft alle joodse wetten onderhouden, maar als vader deed hij ook met z'n Zoon mee. Als je zoon van voetballen houdt, ga je geregeld mee naar wedstrijden om te kijken en aan te moedigen. Sint Jozef deed mee met wat zíjn Zoon deed. Wat deed Hij dan? Dat staat op het einde van het evangelie. De engel zei tegen Sint Jozef, dat hij zijn Zoon ‘Jezus' moest noemen, want "Hij zal zijn volk redden uit hun zonden". Dat is de betekenis van de Naam van Jezus: de Heer redt. Zijn Naam is niet zomaar gekozen, omdat bijvoorbeeld een oom van Hem toevallig ook zo heette. Nee, zijn Naam verwijst naar zijn levensopdracht: de mensen te redden uit hun zonden. Sint Jozef liet zich ook redden door zijn Zoon. Zoals Maria de woorden en daden van Jezus in haar hart bewaarde en er over nadacht, zo heeft Jozef dat ook gedaan. Hij heeft Jezus opgevoed, maar gaandeweg ging Jezus ook zijn pleegvader opvoeden tot een grote heilige. Heilig, deugdzaam, kun je alleen maar worden als je het goede doet, en het kwade in jezelf onder ogen durft te zien en aan te pakken.

Met dat laatste hebben veel mensen moeite. En om dat ook uit te spreken tegenover de Kerk is helemaal moeilijk. Niet voor mij en een aantal andere mensen in de parochie, maar voor de meesten wel. Wij gebruiken wel de beste en makkelijkste middelen om huis en tuin en auto schoon te maken, maar voor ons hart maken wij een uitzondering. Ons hart, dat doen wij zelf wel, dat is privé, daar heeft niemand iets mee te maken. Wel, waren je zonden maar privé, dan hadden anderen er niet zoveel last van. Je hart is ook niet privé, omdat je hart niet aan jezelf, maar aan God toebehoort. Wanneer je dood gaat, verwacht God een keurig schoongemaakt huis.

God verwacht dat wij ons minstens aan de Tien Geboden houden. Als je daartegen zondigt, vervuil je het milieu van je eigen ziel. Gewone milieuvervuiling is al erg genoeg. Maar de geestelijke vervuiling door de zonde maakt je van binnen ziek of in het ergste geval zelfs dood.

Twee van de Tien Geboden zou ik eruit willen lichten. Het tweede. Wij mogen Gods Naam niet oneerbiedig gebruiken en niet vloeken. Je moet niet zeggen "Jezus, wat is dat moeilijk". Dat is tegen het tweede gebod. Maar ik merk dat mensen, die deze opmerking al eerder hebben gehoord er gewoon mee doorgaan. Zij hebben wel oren, maar zij horen niet. De ernst van dit gebod dringt niet tot hen door. Jezus' Naam wordt gebruikt bij allerlei erge dingen. Mensen worden ziek, gaan dood, hen wordt iets ergs aangedaan. En iedere keer klinkt de Naam Jezus of Christus of God. Alsof Hij er iets mee te maken heeft! Hoe zouden wij het vinden als andere mensen onze naam gebruikten bij allerlei erge dingen. Denk je aan bijvoorbeeld ‘Klaas', dan denk je aan ziekte en dood en allerlei ellende. Nou, als jullie mijn naam noemen, dan hoop ik dat jullie aan iets leukers denken.

Het andere gebod is het derde: Gij zult de Dag des Heren heiligen. Dat betekent ‘s zondags niet werken, tenzij wij ambtshalve echt moeten. En ... ‘s zondags naar de kerk gaan. Er staat niet ‘af en toe naar de kerk gaan' of ‘als je niet te moe bent' of ‘als je het niet te druk hebt kun je naar de kerk gaan'. Nee, ‘s zondags zul je de Dag des Heren heiligen. Dat heb ik niet verzonnen, lieve mensen, ook niet de paus. Het is een goddelijk gebod, dat ook Sint Jozef altijd in acht heeft genomen.

Misschien dat er mensen zijn, die zeggen, dat ze al zoveel doen voor de kerk. Ik hoop niet dat dat mensen van de schoonmaakploeg betreft, want die kunnen wij natuurlijk echt niet missen, maar voor alle andere mensen, die in de kerk werken, zou ik willen zeggen: als je het door je werk voor de kerk te druk hebt om iedere zondag naar de kerk te gaan, stop dan maar met dat werk. Ga eerst iedere zondag naar de kerk. En kijk of je dan nog tijd over hebt. Zo niet, dan doe je verder maar niets voor de kerk. Dat trouw naar de kerk gaan geeft jouzelf èn onze gemeenschap meer zegen.

Lieve mensen, ik zou het natuurlijk een groot verlies als wij hierdoor geen koren meer hadden, geen parochieblad, geen kinderkatechese, maar het is nu eenmaal waar, dat wij niet verlost worden door een koor of parochieblad, ook niet door een preek van de pastoor, nee, wij worden verlost door het lijden en sterven en verrijzen van Jezus Christus. En dat is wat wij hier in de kerk vieren, niet alleen als een herinnering, maar als een werkelijk tegenwoordigstellen van wat toen is gebeurd. Hetzelfde offer als toen wordt weer aangeboden. Daarom is één heilige Mis meer waard dan duizend preken, duizend liederen en duizend parochiebladen.

Mensen, als je een zondag niet naar de kerk gaat, komt de politie niet met zwaailicht en sirene. Maar in de hemel is er wel degelijk groot verdriet. Het is een goddelijk gebod. Je moet God de plaats geven die Hijzelf wil hebben.

Jezus wil ons zo graag redden ... door ons te vergeven. Stel dat iemand van de dokter te horen heeft gekregen, dat er misschien iets ergs aan de hand is, over tien volgt de uitslag. Wat zullen die tien dagen lang duren! En wat zal er een spanning van iemand afvallen als de dokter uiteindelijk zegt, dat het niet kwaadaardig is. Er valt een enorme last van je af. Dat mag je je ook indenken als je van God vergeving krijgt als je er echt om hebt gevraagd, uit het diepst van je hart.

Veel zonden lijken niet erg. Wat verandert er nu in de wereld als ik een keer vloek of niet naar de kerk ga? Maar diep in jezelf verandert er heel wat ... en niet ten goede! Zoeken wij in deze vastentijd naar Gods vergeving. Vergeving en vrede behoren tot Gods grootste geschenken. Onze wereld zit te springen om vergeving en vrede. Wij zullen die eerst bij God moeten zoeken om ze dan door te geven aan anderen. En ook moet je niet alleen vergeving vragen voor wat jijzelf denkt dat verkeerd is, maar voor wat God heel duidelijk aangeeft: het is niet goed mijn Naam oneerbiedig te gebruiken en het is niet goed ‘s zondags niet naar de kerk te gaan. Acht of negen van de Tien geboden onderhouden is gewoon niet goed genoeg. Je moet ‘proberen' een tien te halen. Sint Jozef helpt ons graag daarbij. Het is hem ook gelukt.

Het is als met een huwelijk. Alle dagen van het jaar ben je met elkaar getrouwd, ben je vader of moeder. Je kunt niet één dag overslaan. Zowel, dan richt je grote schade aan. God weet dat de meeste mensen niet alle dagen van het jaar naar de kerk kunnen gaan. Maar iedere zondag moet toch wel kunnen. Je mag er niet een overslaan. Zoals man en vrouw elkaar altijd trouw zijn, alle dagen, zo moeten wij ook God trouw zijn, alle zondagen. Geven wij Hem en elkaar waar wij recht op hebben.

SLOTWOORD

Beste Greet en Hans, mag ik jullie van harte feliciteren met jullie 25-jarige bruiloft. Het weer is knudde, maar de liefde in jullie hart is prachtig. Jullie zijn een prachtig geschenk voor elkaar. Een prachtig geschenk moet je - net als die zandkorrels - in je open hand dragen. Dan kan iedereen zien hoe mooi het is, maar het ligt wel in vrijheid in jouw hand.

Er was eens een koning, die een rabbi - een joodse leraar - een kostbare edelsteen als geschenk gaf. Als blijk van zijn dank schonk de rabbi op zijn beurt een geschenk aan de koning. Het bestond uit een kleine houder, waarin een opgerold stukje perkament was geplaatst, met een Schrifttekst, een bijbeltekst, erop. Het was een mezusa om aan de deurpost te bevestigen.

De koning verbaasde zich over dit geschenk en zei tot de rabbi: "Ik heb jou een kostbare edelsteen geschonken en nu geef jij mij iets dat niets waard is."

Toen antwoordde de rabbi: "Mijn geschenk en dat van jou zijn niet met elkaar te vergelijken. Jij hebt mij iets gegeven waar ik over moet waken, maar ik geef je een geschenk dat over jou zal waken."

Beste Greet en Hans, beste mensen, het mooiste geschenk is niet iets materieels, maar een medemens, een God, die over je waakt. Je weet je veilig, gedragen en geborgen. Koesteren wij elkaar als man en vrouw, als ouders en kinderen, als vrienden, als een kostbare schat. Een kostbare schat behandel je met veel liefde, voorzichtig. Dan zullen wij nog veel meer dan 25 jaar met elkaar kunnen omgaan.


Commentaar op deze preek is welkom, klik door naar de parochiale site