Kinderdoop: een weldaad of niet?

├Ś

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Wij komen uit een tijd waarin de kinderdoop even vanzelfsprekend was als het celibaat voor priesters, of sterker nog: even vanzelfsprekend als babyvoeding. Maar tegenwoordig stellen we daar vragen bij. Stel je eens voor dat het communisme of het humanisme een soort kinderdoop had, en dat het kind van meet af aan communist of humanist zou moeten zijn; dan zouden wij toch de eersten zijn om daartegen te protesteren? Vragen ook van ouders die hun kind eens lieten dopen, en die nu zien dat hun kind 'nergens meer aan doet', en die zich afvragen: hebben wij gefaald als ouders? Vragen ook van jonge mensen: waarom hebben ze mij gedoopt? Mijn ouders hebben mij daarmee opgezadeld met een stel verplichtingen waarvan ik de zin niet zie. Als ze mij niet hadden laten dopen, had ik mijn ouders dit verdriet nu kunnen besparen.

Het is blijkbaar niet meer vanzelfsprekend dat wij onze kinderen zo vroeg laten dopen als vroeger. Toen waren bijna al onze bekenden, vrienden en familieleden lid van de kerk. Je werd daar automatisch lid van als je ouders katholiek waren. De katholieke kerk was verweven met een groot deel van ons volk. Wij geloofden dat buiten de kerk geen heil mogelijk was. De greep van de kerk op de mensen was groot. Zo werd ons verboden niet-katholieke kranten te lezen of naar een niet-katholieke omroep te luisteren. En bij verkiezingen moesten wij op een katholieke partij stemmen. Deze massakerk doopte wie ze dopen kon. Want iedere geboorte betekende voor haar een nieuw lid. Theologen brachten hun zwaarste geschut in stelling: zwaar drukte de last van de erfzonde op ieder geboren kind; loodzwaar waren de teksten van het doopritueel, dat over dat kind de woorden liet horen: 'Ga weg, satan, uit dit mensenkind'. Wie kan de angst navertellen van moeders die een kind ter wereld hadden gebracht dat kort na de bevalling ongedoopt stierf. Voor eeuwig verloren? Neen, dat niet. Ook toen was het leven sterker dan de leer. Dezelfde theologen schrokken, en vonden het voorgeborchte uit. Geen eindeloos geluk, maar toch een natuurlijk geluk voor het ongedoopte kind.

De massakerk had veel wetten om ons heil veilig te stellen. In deze kerk was kinderdoop, zo gauw mogelijk na de geboorte, niet alleen verplicht, maar vanzelfsprekend. Deze kerk had veel voordelen, zoals zekerheid en veiligheid. Maar zij had ook nadelen: veel gelovigen tegen wil en dank, veel kerkbezoekers op zondag, ook tegen wil en dank. Want natuurlijk was er een zondagsplicht op straffe van de eeuwige hel. Dat van deze kerk vandaag aan de dag niet zo'n positieve invloed uitgaat op de wereld, is duidelijk. Er was te veel dwang en te weinig inspiratie en te weinig spontaneïteit.

Nu zijn wij op een breukvlak gekomen. En misschien gaan we naar een nieuwe kerk, een kerk van gelovigen, niet tegen wil en dank, maar van vrijwilligers in vreugde en vrijheid. Een kerk van vrijheid, van vrijwillig celibaat en vrijwillige dienstbaarheid. Een kerk van liefde en gemeenschap. Een kerk van het evangelie. Misschien geen massakerk meer, maar een kerk van de heilige rest. De leden ervan kiezen heel bewust voor deze kerk. Er wordt geen 'mis gehoord', maar eucharistie gevierd. Er is geen zondagsplicht, maar wel op zondag een vreugdevol samenzijn. Er is bewogenheid met het wel en wee van anderen. Er is inspiratie en toewijding. Dat is de kerk waarnaar we misschien toegroeien. Heeft de kinderdoop een plaats in deze kerk? Als het zo ver al was, zou het antwoord duidelijk zijn. Maar we zijn nog niet zo ver.

Wel zijn er duidelijke tendensen van een groei naar volwassenendoop. Wij zouden dan eigenlijk teruggaan naar de vierde en de vijfde eeuw. Augustinus werd op latere leeftijd gedoopt. Ambrosius moest nog gedoopt worden toen hij al tot bisschop gekozen was. Het zou dan hierop neer komen: je voedt je kind op vanuit je eigen levenshouding. Je kunt trouwens niet anders. Door die opvoeding zal het kind toegroeien naar de doop, en dan op volwassen leeftijd heel persoonlijk kiezen dat hij tot die kerk wil toetreden.

Zouden daar bezwaren tegen zijn? De kerk zal er waarschijnlijk niet onder lijden. Want ze zal dan een zeer bewust levende gelovige in haar midden kunnen opnemen, die leven volgens het evangelie als een ideaal ziet. En het kind zal er ook niet onder lijden, want geen zinnig mens kan aanvaarden dat iedere ongedoopte van de duivel bezeten is, en voor eeuwig verloren zou gaan.

Gaat het deze kant op? Na de geboorte een soort toewijding, een opdracht van het kind, zoals bij Jezus het geval was, waarmee de ouders duidelijk laten zien dat zij hun kind - omdat het zelf nog niet gaan kan - meenemen op de weg van Christus, welke een goede weg is. En dan later het doopsel. Is het toeval dat Jezus volwassen was bij zijn doop?

Misschien gaan we die kant op. Maar waarschijnlijk zijn we nog niet ver genoeg.