Stille Nacht, Heilige Nacht

"Ik verkondig u een vreugdevolle boodschap"(Lc. 2,10). Kerstmis is elk jaar anders. We zijn van jaar tot jaar verder weg van het geboortejaar van Jezus en we komen  dichter bij de uiteindelijke voltooiing.

Kerstdag is elk jaar anders wegens gewijzigde politieke en maatschappelijke toestanden. Lucas plaatst het kerstgebeuren tegenover de machtigen van zijn tijd. Het was in de tijd van keizer Augustinus en toen Quirinius landvoogd was van Syrië (Lc. 2,1-2).

In onze huidige poly-polaire wereld zou Lucas nu misschien spreken over Poutin, Obama en de Chinese machthebbers. Hij zou de visie kunnen bijtreden van editorialisten als Markus Spillmann (NZZ 04.10.14) en samen met ondergangsprofeten schrijven over de klauwen van de beer in het Oosten van ons continent, en over de bebaarde mannen die in het Zuiden hun messen scherpen. Hij zou kunnen verwijzen naar de verbreiding van het Ebola virus vanuit Afrika en naar een ganse generatie van Europese spaarders die onteigend werden. De woestijnen deinen verder uit in Australië en de moerassen in Midden-Europa. De veelheid van planten en dieren smelt als sneeuw voor de zon. De digitalisering maakt ons meer kwetsbaar en plaatst ons in een glazen huis. In de toekomst zijn alleen nog onze dromen privaat. Maar tegenover de pessimistische depressieve sfeer, waar een aantal zich in vermeien en tegenover een doemscenario, zal Lucas het goede nieuws blijven verkondigen van de geboorte van een mensenkind in een kribbe in Bethlehem. “Heden, nu in 2014, is een Redder aan het werk. Christus de Heer’ (ctr. Lc. 2,11). Na 2000 jaar blijft hij herhalen dat dit kind een boodschap brengt van vrede en dat het gekomen is als teken van heil en opstanding. Tot op vandaag blijft Jezus een teken dat betwist wordt (Lc. 2,34).

De start in een stal

Bij Lucas begint het levensverhaal van Jezus in een stal. Het blijft verwondering wekken hoe de boodschap van dat kind dat in Bethlehem geboren werd en in Nazareth opgroeide zo een invloed heeft gehad en nog steeds heeft. Zijn persoon en boodschap is ruimer dan de kerken en de gemeenschappen die zich op hem beroepen. Zijn persoon en boodschap blijven de wereld betoveren. Wij mogen ons niet blind staren op leegstaande kerken in Europa (Jörg Lauster, Die Verzauberung der Welt. Eine Kulturgeschiche des Christentums).

Wij kunnen ons laten aanspreken door de levensvreugde van christenen uit andere landen, die tijdens rampen stand gehouden hebben. In 2013 getuigde een jongeman uit het getroffen rampgebied in de Filippijnen. “Voor ons volk is Kerstmis heel belangrijk. Wij laten onze droom niet varen door één tyfoon.”

Bij Lucas begint het verhaal in een stal met een kwetsbaar kind, omringd door Jozef en Maria. Al vlug brengt Lucas bij die kribbe herders (Lc. 2, 15-20), die ons op vandaag uitnodigen om met hen mee te gaan naar Bethlehem. De os en de ezel krijgen nadien een plaats bij de voederbak. Zij vragen ons of wij in deze XXI° eeuw met al haar uitdagingen bereid zijn Jezus te herkennen. Zij wijzen naar de boodschap van Jesaja: “Een rund herkent zijn meester, een ezel zijn voederbak, maar mijn volk mist elk inzicht, mijn volk leeft in onwetendheid” (Jes. 1,3).

Kerstwiegjes

De heilige Franciscus van Assisi heeft veel gedaan voor de uitbeelding van dit verhaal, vooral door een levende kerststal te laten maken in Greccio in het jaar 1223. Hij was sterk aangesproken door Jezus en door de eenvoud van het kerstverhaal. Hij wilde de levende Christus tonen in zijn menselijke gestalte.

Het Antwerpse museum Mayer van den Bergh bezit twee authentieke schilderijen van Pieter Bruegel de oude. Daarnaast twee werken van zoon Pieter de jonge en Jan Bruegel , een over de volkstelling en een tweede over de vlucht naar Egypte, Bijbelse taferelen uit het evangelie van Lucas, gelokaliseerd in een Vlaams landschap. In een vitrine in ditzelfde museum staat een klein kerstwiegje uit de 2de helft van de XV eeuw. Het komt uit Zuid-Nederland, uit Brabant. Het was dit jaar uitgeleend aan de tentoonstelling ‘Das Konstanzer Konzil. 1414-1418. Weltereignis des Mittelalters'. De tentoonstelling had plaats in het Conciliegebouw van Konstanz, dezelfde locatie als het concilie. Europese kunstvoorwerpen van 1400-1420 getuigden er van de veelzijdigheid en de pracht van de middeleeuwse wereld maar ook van het dagdagelijkse leven.

“Het kerstwiegje illustreerde er de toenmalige vroomheid en spiritualiteit. In de kerstperiode werd het wiegje, dat eigendom was van een nonnenklooster, opgesteld in een koorkapel. De zusters trokken onder het zingen van kerstliederen om beurt aan een touwtje, waardoor het wiegje aan het schommelen ging, met daarin het (nu) verdwenen zilveren Jezuskind onder het rijk geborduurde dekentje. Daarbij klingelden twee zilveren schelletjes, die onderaan bevestigd zijn. Een dergelijke handeling past in de nieuwe spiritualiteit van de late middeleeuwen, waarbij emoties de gelovigen moesten helpen om één te worden met God. Kunstwerken speelden daarin een belangrijke rol: ze maakten abstracte begrippen concreet, zichtbaar en tastbaar. Dat bevorderde de gevoelsmatige beleving” (www.museummayervandenbergh.be) “Bidden is Jezus wiegen in je hart!”

Keizerin Maria Theresia en zoon keizer koster Jozef verboden de uitbeelding in de kerken met levensgrote beelden. Dit heeft dan bijgedragen dat vele kribben buiten op boerenhoeven werden opgesteld en een plaats kregen in de huiselijke sfeer. Om de lieve vrede mogen in bepaalde landen geen kerststallen of kerstsparren op openbare plaatsen gesteld worden. Op andere dorpen staat langs de ene kant van de markt een kerststal en langs de andere kant de slee met de Kerstman. De inkom van een oud gebouw werd vernieuwd en de kerststal die het onderhoudspersoneel er elk jaar met liefde en zorg had geplaatst mocht er niet meer komen. Clean en cool!

Schrijvers uit de XIX° eeuw zoals Charles Dickens hebben bijgedragen om de huiselijke sfeer van kerstmis te benadrukken binnen de burgerij. Kerstmis werd een profane ritus, die de Hongaarse schrijver Sandor Marai oproept in zijn Bekentenissen van een burger: “Het kerstfeest werd bij ons thuis onder moeders regie altijd tot een waar familiemysterie. Alles was ‘geheimzinnig’ gedurende de dagen dat het werd voorbereid en zelfs toen we al uit de kluiten gewassen jongens waren, die wisten wat er in de wereld te koop was, was het ritueel van het kerstfeest voor ons nog altijd een intiem en kleinschalig mysterie. Moeder voerde de spanning op kunstmatige wijze op en die opwinding ontlaadde zich bij haar gewoonlijk in en krampachtige huilbui op het moment dat de kaarsen werden ontstoken. Bij het kerstmaal was ze meestal zo vermoeid dat ze in haar stoel in slaap viel. De betovering van het kerstfeest beleefde ik elk jaar opnieuw. Moeder wilde met haar beperkte en onvolmaakte middelen een legende verwerkelijken die allang haar kracht had verloren, de legende van ‘vrede op aarde’ en het sprookje van ‘de mensen van goede wil’. Hoewel ik al veertien was en heel goed wist hoe de wereld in elkaar zit, keek ik stiekum nog steeds naar de komst van de   kerstman uit” (Sandor Marai, Bekentenissen van een burger , p. 211).

Lucas brengt geen sprookje. Zijn kerstverhaal is de aanzet van het levensverhaal van Jezus, die zich heeft laten leiden door de Geest van God en die in woord en daad het genadejaar van de Heer nabij heeft gebracht. Hij trekt met ons mee op een zoektocht tussen Jeruzalem en Emmaüs. In de kerstnacht fonkelen enkele sterren van hoop. Die mogen we niet doven. Doorheen schamele tekenen en gebaren trachten we te komen bij het grote mysterie, dat Johannes aanraakt in de proloog van het vierde evangelie. We krijgen daar de kern van de boodschap van kerstdag: “Het Woord is mens geworden en heeft onder ons gewoond, vol van goedheid en waarheid, en wij hebben zijn grootheid gezien, de grootheid van de enige Zoon van de Vader” (Joh. 1,14).

Stille Nacht

Bij het komend kerstfeest van 2014 herdenken we de kerstnacht van 1914. Op een aantal plaatsen aan het front, in de Westhoek en elders reikten vijanden elkaar de hand. Een soldaat zong in die nacht het lied Stille nacht, heilige nacht. Wie was daarbij de eerste? Een Duitser, een Brit, een Fransman, een Belg? Ze hadden gehoopt dat de oorlog slechts enkele maanden zou duren. Het werden er vier zware jaren. Het kerstbestand 1914 was van korte duur.

In het gebied bij de IJzer lagen de loopgraven van Belgische en Duitse soldaten dicht bij elkaar. Op de tweede kerstdag 1914 vraagt een Duitser of er een Belgische priester in de buurt is. Majoor William Anderson uit Beieren overhandigt daarop aan aalmoezenier Vandermeiren een gouden monstrans. Ze kwam uit de kapel van de Zusters van de H. Vincentius uit Deftinge, werkzaam in het St.-Jansgasthuis van Diksmuide. Deze hadden de monstrans verstopt in een kolenkelder, waar ze door de Duitsers werd gevonden. Deze monstrans staat nu in de IJzertoren.

Op de grens tussen Henegouwen en West-Vlaanderen staat sinds 1999 in het kleine gehucht Saint Yvon, dicht bij Ploegsteert een houten kruis. Het is geplaatst op een plek in het niemandsland van toen.

Duitse en Engelse soldaten zijn in de kerstnacht 1914 naar elkaar toe gegaan. Zij gaven elkaar de hand, zij wisselden geschenken uit en speelden voetbal. Bij dit eenvoudig kruis met zicht op de kerk van Mesen liggen voetballen. Daarnaast een plakkaat met de woorden: Trêve de Noël, Kerstbestand, Weihnachtsfrieden, Christmas Truce.

Het Iepers museum In Flanders Fields krijgt elke dag veel bezoekers. Deze kunnen in een sectie van dit museum horen wat vier soldaten aan het front hebben beleefd in de kerstnacht 1914. Ontroerende getuigenissen van Greg Nottle U.K. (1891-1915), Karel Lauwers B (1892-1918), Kurt Zehmish D (1890-1946) en Maurice Laurentin F (1885-1959).

De kerstvrede duurde slechts enkele uren. De strijd gaat verder, zo beslisten de bazen. De oorlog zou vier jaar duren en heeft het leven gekost aan mannen uit Vlaanderen, Wallonië, Brussel, Engeland, Frankrijk, Nieuw Zeeland, Canada en uit zo veel andere landen. Naast de slachtoffers van het Westfront zijn er deze van het Oostfront.

Na hen kwamen de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog en deze van het terrorisme en van de twisten in het Nabije Oosten en in Afrika.

Stille nacht, heilige nacht. Wij geven de hoop op vrede niet op. Laat in 2015 klaprozen bloeien. Al is kerstmis elk jaar anders, dan blijven wij toch elk jaar dag aan dag zeggen en geloven dat de hoop het laatste woord heeft.