Kerstmis A - 2013

Zusters en broeders,

Versierde huizen, verlichte straten en pleinen, reusachtige kerstbomen en kerststallen, lokkende aanbiedingen in restaurants, winkels en warenhuizen, cadeaus, nachttreinen en nachtbussen … zo komt Kerstmis naar buiten en zo lijkt het ook beleefd te worden.

En misschien kunnen we ons daarbij vraag de vraag stellen: Als Jezus vandaag naar zijn eigen geboortefeest zou komen, waar zou Hij dan naartoe gaan? En als Hij vandaag zou geboren worden, waar zou dat zijn? In die feestelijkheid en die rijkdom? In die pracht en overdadigheid? Als we even terugblikken op zijn geboorte, dan weten we dat Hij daar niet zou geboren worden. Nee, Hij zou geboren worden in een opvangtehuis voor daklozen, tussen andere sukkelaars en kansarmen. En wie zou Hem komen bezoeken? Niet de mensen die met volle teugen genieten van de weelde van onze tijd. En wellicht ook niet wijzelf, want we hebben het veel te druk met ons feest. Het zou dus zijn zoals in Bethlehem: daar werd Hij bezocht door sociaal uitgestoten herders, vandaag zou Hij bezocht worden daklozen. Die hebben toch tijd over, want geen geld om iets te vieren.

Zusters en broeders, misschien moeten we daar eens bij stilstaan, en moeten we ondanks de weelde van onze tijd ten minste weten dat we één ding nooit mogen vergeten, en dat is de kern van Kerstmis. En die kern is dat de geboorte van Jezus laat zien dat God totaal mensnabij is. Zo nabij dat Hij als mens onder de mensen is komen leven. Dat gaat helemaal in tegen de godsbeelden vóór Jezus’ tijd. De goden van onze culturele voorouders, de Grieken en de Romeinen, waren heel anders. Zij hielden niet echt van de mensen, en bestreden dikwijls het ene volk samen met het andere. Zoals ze ook elkaar bestreden: de ene god tegen de andere, de ene godin tegen de andere, of goden en godinnen tegen elkaar. Bij onze fysieke voorouders, de Germanen, ging het er niet beter aan toe. Wodan, Balder, Freya, Thor en ga maar door waren zelden vredezoekers en mensenhelpers. En ook het godsbeeld in het Oude Testament is niet altijd om te juichen van vreugde. Heel dikwijls wordt onze God daarin gezien als een god van wraak en uitroeiing, van ondergang en straf. Sodom en Gomorra, dood van eerstgeborenen, zondvloed en veepest … het zijn maar enkele beelden van een niet mensvriendelijke, maar veeleer mensvijandige en wraakzuchtige god. Jezus’ geboorte betekent het einde van dit godsbeeld. Hij laat ons zien hoe God is:  geen God van straf, wraak en wreedheid, maar een God van liefde en vrede. En Hij is niet vreemd en afstandelijk, integendeel, Hij is een liefdevolle Vader en Moeder van alle mensen.

Zusters en broeders, dat vieren wij vandaag: dat God in Jezus onder ons is komen wonen. Dat Hij midden onder ons heeft willen leven. Precies dat gevoel van zo’n zalig Kerstfeest, dat is wat ik ons allen toewens. Amen.